‘Vertrek hoofdkantoren kost ons werk’

De fusie- en overnamegolf heeft accountants veel werk opgeleverd. Maar als daardoor hoofdkantoren wegvallen, zien ze ook weer werk verdwijnen.

Handenvol werk hadden de accountantskantoren de afgelopen jaren door de invoering van nieuwe regelgeving. Het effect van de code Tabaksblat en de Sarbanes-Oxleywet in de VS en de overgang naar het nieuwe IFRS-boekhoudsysteem zou nu toch eens uitgewerkt moeten zijn, was de verwachting. Toch zet de groei bij de grote kantoren gewoon door. Bij PricewaterhouseCoopers het hardst.

Een belangrijk verschil met zijn concurrenten zit in de sterke positie die zijn kantoor heeft in de fusie- en overnamemarkt, stelt bestuursvoorzitter Jos Nijhuis. „Wij doen veel voor private-equityfirma’s. Wij zijn marktleider in de due diligences, de boekenonderzoeken die voor een fusie of overname worden gedaan. Er zit daarnaast veel werk aan de fiscale structuren die opgetuigd worden. En we helpen met het zo snel mogelijk waarde creëren na een fusie of overname, vooral vaak in die eerste 100 dagen.” Maar in de veroorzaker van de hoge groei, schuilt ook zijn grootste zorg. Wat zal de impact zijn van de kredietcrisis?

Waar bent u bang voor?

„Je ziet nu dat de financiering van overnames veel lastiger is, doordat banken leningen niet meer kunnen doorplaatsen. Daardoor zie je een dip in de overnamemarkt. Overigens niet bij de middelgrote bedrijven, dat gaat keurig door. Maar wel bij de grote. Als dat langer dan een paar maanden gaat duren, gaan wij dat voelen. Overigens, als de overnames door private equity afnemen, zullen bedrijven zelf wellicht meer gaan overnemen. Dan profiteren we daar weer van. Maar ook zij zijn voorzichtig. Het belangrijkste is dat de interbancaire markt weer op gang komt, want er gebeurt niets als de banken elkaar niet durven te lenen. Je ziet de banken nu allemaal afboekingen doen, hopelijk is het daarmee voorbij.”

Bent u er al uit hoe u die afboekingen moet waarderen?

„Dat is lastig. Banken weten zelf ook niet meer hoe groot hun risico’s zijn en ook de kredietbeoordelaars zijn de mist ingegaan. Je moet ze waarderen naar marktwaarde. Maar als er, zoals bij de Amerikaanse subprime-hypotheken, bijna geen markt meer is, wordt dat heel moeilijk. Op wereldwijd niveau is er tussen de Grote 4 [zie ‘Snelste groeier’, red.] overleg over. En met de banken zijn natuurlijk volop discussies gevoerd.”

U bent ook bang dat werk verdwijnt door de filialisering van Nederland.

„Het is ironisch dat wat ons nu veel werk oplevert, ons later werk kan kosten. Want als het hoofdkantoor van ABN Amro of van Numico niet meer hier staat, dan gebeurt het werk in Brussel of in Parijs. Daar profiteren onze kantoren dáár wel van, maar voor de Nederlandse organisatie is het niet goed. Wij hebben hoofdkantoren in Nederland gewoon nodig.”

Wat moet er gebeuren?

„We kunnen wel zorgen dat we aantrekkelijk zijn als vestigingsplaats voor hoofdkantoren, bijvoorbeeld voor beleggingsmaatschappijen. We kunnen soms creatiever zijn met EU-richtlijnen, we hoeven niet het braafste jongetje te zijn. Pensioenfondsen splitsen hun uitvoeringsorganisaties af, maar die gaan 19 procent btw betalen. In Ierland en Luxemburg niet. Dat zijn toch ook EU-landen?”