Krijgt Brabant een volkslied?

De kwestie van het Brabantse volkslied leek een oeverloze discussie te worden. Morgen maakt de provincie Brabant er wellicht een einde aan, nadat het vraagstuk alleen al in deze eeuw vier keer aan de orde is gesteld.

De keuze voor een Brabantse volkslied lijkt een discussie zonder einde te worden. Alleen al in de 21ste eeuw is deze oude koe vier keer uit de sloot gehaald. De laatste keer in augustus toen de hoofdredacteuren van drie Noord-Brabantse regionale kranten en van Omroep Brabant in een brief de commissaris van de koningin vroegen om „de voortdurend opborrelende vraag of er een Brabants volkslied moet komen” maar eens te beantwoorden.

Het provinciebestuur besloot enkele jaren geleden géén Brabants volkslied aan te wijzen, omdat het uitverkoren lied „eerder een twistappel dan een bindende factor in Brabant” zou worden. Velen delen die opvatting niet en menen dat een eigen volkslied een grote rol speelt bij het versterken van de Brabantse identiteit. Een warm pleitbezorger voor een officieel volkslied is Arnoud-Jan Bijsterveld, hoogleraar cultuur in Brabant. „In een tijd waarin Brabanders zich meer en meer opgenomen weten in nationale en internationale verbanden is er tegelijk behoefte aan het onderstrepen van een ‘eigen’ regionale identiteit. Ik ben ervan overtuigd dat, in verband met de toenemende globalisering, het van sociaal, cultureel en zelfs economisch belang is om regionale saamhorigheid en lotsverbondenheid te onderstrepen. Immers, het is een sociologisch en psychologisch gegeven dat mensen zich in de eerste plaats thuis willen voelen op de plek waar ze wonen.” En als, zo zegt Bijsterveld, een volkslied daaraan een bijdrage kan leveren, is dat mooi meegenomen.

Zijn Amsterdamse collega Gerard Rooijakkers denkt daar anders over. Een volkslied hoeft niet. Onlangs deed hij het verzoek van de hoofdredacties af als „regionalistische cultuurpolitieke onzin”.

Als er op dit moment een lied tot volkslied verheven zou moeten worden, dan heeft Guus Meeuwis de beste troef in handen. Hoewel Brabant in tientallen liedjes wordt bezongen, blijkt steeds dat op bijeenkomsten met veel publiek spontaan en massaal de ballade van Meeuwis wordt ingezet. Zo werd dit jaar op 30 april Brabant tijdens de ontvangst van de koningin in Den Bosch door een duizendkoppige menigte uit volle borst meegezongen. Wat later, tijdens de huldiging van PSV als landskampioen, deden zelfs de Spaanstalige leden van deze club hun best om de tekst mee te prevelen. Vorig jaar werd ook door luisteraars van Omroep Brabant een top-900 samengesteld. Hierbij legden Bohemian rhapsody, Hotel California en Child in time het af tegen het loflied van Meeuwis.

In de brief aan de commissaris van de koningin bevelen de hoofdredacteuren dit nummer dan ook nadrukkelijk aan. En een via internet uitgevoerde volksraadpleging leverde 21.000 steunbetuigingen op.

Louis Peter Grijp, dé specialist op het gebied van de Nederlandse liedcultuur en hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam, spreekt van een „zeldzame kans voor de commissaris om in een leemte te voorzien die kennelijk tamelijk breed gevoeld wordt”. Als er zich – zoals nu in Noord-Brabant – een lied aandient dat uit zichzelf een informele status als volkslied aan het verwerven is, dan dient een provinciebestuur deze kans met beide handen aan te grijpen. „Volksliederen bestaan immers bij de gratie van hun populariteit en die dwing je vanuit het provinciehuis niet af.”

De in opdracht van een provinciebestuur voor dit doel geschreven hymnen zijn volgens professor Grijp allemaal ‘doodgeboren kindjes’ gebleken.

Het ziet er naar uit dat de politiek zich van deze aanbevelingen niets zal aantrekken. Een meerderheid in Provinciale Staten heeft tijdens een commissie al laten doorschemeren dat het lied van Guus Meeuwis het niet zal worden. Ondanks dat er onlangs in een akkoord is vastgelegd dat datzelfde provinciaal bestuur „Brabant wil promoten als een provincie waar elke Brabander trots op mag zijn”, zijn ze niet bereid deze voorzet voor open doel in te koppen. Het nummer van Guus Meeuwis „voldoet niet aan de randvoorwaarden die zouden moeten gelden bij een officieel volkslied”. Als de provincie morgen dit standpunt bekrachtigt, dan wordt de kwestie van het Brabants volkslied niet alleen een discussie, maar ook een litanie zonder einde.