Inspectie gaat toch naar alle scholen

Basisscholen en scholen in het voortgezet onderwijs krijgen ook in de toekomst nog één keer per vier jaar controlebezoek van de Onderwijsinspectie. Dat hebben de staatssecretarissen van Onderwijs, Sharon Dijksma (PvdA) en Marja van Bijsterveldt (CDA), gisteren toegezegd.

Daarmee komen zij terug van het plan om scholen die goed presteren, minder of nauwelijks meer te inspecteren en scholen die zwak presteren, juist vaker te bezoeken. De inspectie had deze nieuwe aanpak afgelopen zomer al aangekondigd in een brief aan alle scholen. Minister Plasterk (Onderwijs, PvdA) had deze brief al „voorbarig” genoemd.

Een meerderheid in de Tweede Kamer van CDA, PvdA en SP eiste gisteren dat periodieke inspectie bij alle scholen, ook de goede, gehandhaafd blijft. PvdA en SP vinden verder dat de inspectie niet alleen moet controleren bij schoolbesturen, zoals nu het plan is, maar ook bij de schooldirecteuren en op de scholen moet blijven langskomen. „Je kan niet helemaal om de scholen heen”, had ook fractievoorzitter Arie Slob (ChristenUnie) al eerder gezegd.

Plasterk vindt dat de inspectie vaker verrassingsbezoeken moet brengen aan scholen. Verder willen Dijksma en Van Bijsterveldt sneller kunnen ingrijpen als scholen overduidelijk slecht presteren.

PvdA en SP zijn tevreden met de toezegging. „Onder het eerder voorgestelde beleid kon het voorkomen dat een goed presterende school tien jaar lang geen inspecteur meer zou zien”, zegt Kamerlid Margot Kraneveldt (PvdA). Toch hebben PvdA en SP nog bedenkingen. Het moet nog maar blijken of in de wet komt te staan dat een vierjaarlijks, substantieel, bezoek wordt gegarandeerd, zo zeggen de woordvoerders. „We vinden bovendien dat een onaangekondigd bliksembezoek van de Inspectie daarbij niet meetelt”, zegt SP-Kamerlid Jasper van Dijk.