Het zoveelste scherpe randje

Het topmanagement van EADS verkocht vorig jaar op grote schaal aandelen.

En dat vlak voordat de koers instortte.

Erg florissant was het al niet, het beeld dat het luchtvaartconcern EADS en zijn dochter Airbus – ooit het vlaggenschip van Europese industriële samenwerking – de afgelopen jaren opriepen. Topmannen die een verbeten machtsstrijd voerden, Franse en Duitse fabrieken van Airbus die langs elkaar heen werkten, met als gevolg aanzienlijke vertragingen bij de levering van de superjumbo A380, en een waardeverlies van 26 procent op de beurs in juni 2006.

Sinds gisteren is daar een nieuwe scherpe rand bijgekomen. Volgens een rapport van de Franse financiële autoriteit AMF, waaruit de krant Le Figaro gisteren citeerde, hebben directie en aandeelhouders van EADS en Airbus zich tussen november 2005 en maart 2006 „grootschalig en gelijktijdig” schuldig gemaakt aan aandelenhandel met voorkennis. En de Franse staat, die zelf een belang van vijftien procent in EADS heeft, zou daarvan op de hoogte zijn geweest.

Daarmee daagt een affaire van aanzienlijke omvang. Aanvankelijk was er sprake van dat beurswaakhond AMF 1.200 ‘ingewijden’ zou onderzoeken die tussen mei 2005 en juni 2006 90 miljoen euro verdienden met aandelenverkoop.

Volgens Le Figaro beschuldigt het AMF-rapport uiteindelijk 21 betrokkenen, onder wie Arnaud Lagardère en Manfred Bischoff, presidenten van de twee grootste aandeelhouders in EADS, respectievelijk de groep Lagardère en Daimler Chrysler.

De huidige topmannen van Airbus, de Duitser Tom Enders en zijn tweede man Fabrice Bregier, komen ook in het AMF-rapport voor, evenals de vertrokken Franse EADS-topman Noël Forgeard.

De beursautoriteit zou in het rapport onderstrepen dat 14 van de 21 bestuursleden tot november 2005 nooit aandelen EADS van de hand hadden gedaan. Dat zij dat daarna wel deden, zou „een gebrek aan vertrouwen in verdere progressie in de koers” bewijzen.

De AMF heeft intussen bevestigd dat zij een rapport naar justitie heeft gestuurd over mogelijke handel in voorkennis in het aandeel EADS door directieleden en aandeelhouders. Het gaat om een ‘tussenrapport’, volgens de AMF, en over de inhoud spreekt zij niet.

Veel feiten zijn openbaar of waren al bekend – het gaat om het aantonen van de samenhang. Zo kondigden Lagardère en Daimler-Chrysler op 4 april vorig jaar in 2007 aan elk 7,5 procent van EADS te verkopen – tegen de koers van maart 2006. Dat was één maand nadat de nieuwe vertragingen van de A380 met een comité van aandeelhouders waren besproken.

Lagardère ontkent van de nieuwe tegenslagen te hebben geweten. Volgens Le Figaro concludeert de AMF dat de betrokkenen onmogelijk níét op de hoogte konden zijn van de naderende problemen toen zij tussen november 2005 en maart 2006 aandelen verkochten. De koersval in juni vorig jaar veroorzaakte onmiddellijk ophef, onder meer bij banken en institutionele beleggers.

EADS-topman Noël Forgeard bleek op 15 maart voor 2,5 miljoen euro te hebben verkocht. Zijn kinderen voor 4,2 miljoen. Toen hij kort daarna bij EADS vertrok, incasseerde hij 8,5 miljoen als vertrekpremie. Daarover loopt een ander gerechtelijk onderzoek in Parijs.

Intussen heeft EADS een hervorming doorgevoerd om een einde te maken aan de dubbele Frans-Duitse hiërarchische structuur, die de bedrijfsvoering belemmerde. Maar veel bestuurders zitten er nog.

Pikant is ook de rol van de Franse staat. Volgens Le Figaro bevat het rapport van de beurswaakhond een brief uit december 2005 van EADS aan de – inmiddels vertrokken – minister van Financiën, Thierry Breton. Daarin zou de Franse staat worden aangespoord om aandelen in EADS te verkopen met oog op de komende „turbulentie”. Breton onderstreepte gisteren dat de staat al zijn aandelen heeft behouden en geen zeggenschap had over andere aandeelhouders.

Koers EADS stortte in na bijgestelde winstverwachtingen