Een piraat met welhaast goddelijke status

Na een standbeeld kwam er in Cesenatico een museum voor Marco Pantani. Er hangen ook schilderijen van de Italiaanse wielrenner. Hij schilderde het liefst dieren en de natuur.

Het treinstation van Cesenatico ligt er verlaten bij. Onkruid groeit tussen de tegels, de wachtruimte is leeg en het spoor is bevuild met afval. De trein is hier geen gewild vervoermiddel.

Het Spazio Pantani, gesitueerd in een voormalig goederenmagazijn, is vanaf het perron al zichtbaar. De inwoners van Cesenatico vonden dat hun held, Marco Pantani, een eigen museum verdiende, naast het nationale wielermuseum in Ghisallo.

Want Marco Pantani liet de wielerharten sneller kloppen in Italië. Als hij zijn rug rechtte, zijn handen in de beugels legde en demarreerde, was Cesenatico in opperste verrukking. ‘Il Pirata’ had een welhaast goddelijke status.

Een houten loopbrug leidt het publiek naar de ingang van het museum in zijn geboorteplaats. Met elke stap komen opgewonden commentaarstemmen dichterbij. Binnen staan verschillende televisie-schermen waarop hoogtepunten uit de carrière van Pantani zijn te zien.

De beelden zijn bekend, maar ze blijven indrukwekkend. Pantani is misschien wel de laatste echte klimmer. Hij had, geholpen door het ontbreken van ‘oortjes’, lak aan de conventies in het peloton. Pantani viel aan als hij wilde, hij wachtte nooit tot een paar kilometer voor de finish. Pantani was een aanvaller pur sang.

Het museum herbergt vele relikwieën. Gele truien uit de Tour, roze tricots uit de Giro, fietsen en trofeeën. Ook zijn eerste racefiets is te bewonderen. Het is een klein, grijs, bekrast rijwiel. Het opmerkelijkst zijn echter de schilderwerken. Paolo Pantani, vader van de overleden wielrenner, stelde dertig werken beschikbaar aan Spazio Pantani en laat daarmee de kunstzinnige kant zien van zijn zoon.

Pantani schilderde het liefst dieren en de natuur, zo blijkt. En, hoewel de vraag voor altijd hypothetisch blijft: zou hij iets bedoeld hebben met zijn schilderwerken? Zou de boot op ruige zee niet Marco Pantani zelf zijn? Het is gissen, al schijnt vader Paolo ervan overtuigd te zijn dat het schilderij Pescecane, met het visje en de haai, betekent dat zijn zoon zogenaamd wordt opgevreten door de boze wielerwereld.

Cesenatico, aan de Adriatische kust tussen Ravenna en Rimini, lijkt inmiddels een bedevaartsoord voor wielerfans. Ze komen uit de hele wereld, vertelt een medewerkster. Australiërs, Amerikanen en Europeanen bezoeken het museum. De echte kenners gaan ook naar Piazza Marconi, waar een beeld staat van Pantani.

Spazio Pantani is in feite een voortvloeisel uit de Magico Pantani, de fanclub van de fenomenale klimmer. Die richtte een stichting op om het museum te kunnen financieren. Bezoekers wordt ook entreegeld gevraagd. Beheerder van het museum is Thomas Casali, een neef van Pantani. Hij wil de inhoud geregeld veranderen en de inkomsten uit het museum schenken aan de amateursport. Ook de jeugd verdient ondersteuning in zijn ogen.

Voor kinderen lijkt Pantani nog te leven. Exemplarisch is de scène die zich afspeelde in Lido di Camaiore, een finishplaats in de afgelopen Ronde van Italië. De speaker vermaakte – in afwachting van de renners – het publiek en haalde een jongetje op het podium. De volgende dialoog voltrok zich: „Hoe heet je?” „Matteo.” „Hoe oud ben je?” „Zevenenhalf.” „En wie is je favoriete coureur, Matteo?” „Pantani.” En toen werd het even stil in de Toscaanse badplaats. Een applaus volgde.

Pantani leeft voort in de gedachten van mensen. Op de foto’s staat hij vaak met pretoogjes, niet zelden omringd door vrouwelijk schoon. Verder hangen er ingelijste kranten met schreeuwende koppen. ‘Hij is weggegaan’, kopte La Gazzetta della Sport een dag na zijn dood. Pantani verliet het leven op 14 februari 2004. Als gevolg van een overdosis cocaïne werd hij levenloos aangetroffen op een hotelkamer in Rimini. Italië verloor een held.