Postmarkt wordt ‘race naar de kelder’

De Europese postmarkt wordt tussen 2011 en 2013 geheel vrij, besloot de EU eerder deze week. Maar of er ook werkelijke open concurrentie komt is de vraag.

De room op de melk – zo noemen Europese monopolisten op de postmarkt de grootstedelijke gebieden, waar aan grote hoeveelheden zakelijke post goed geld te verdienen valt. Daar staan landelijke regio’s tegenover, zoals bergachtige gebieden of afgelegen eilanden, met weinig post. Nu geldt overal nog hetzelfde tarief. Maar blijft dat zo als de markt wordt vrijgegeven in 2011? Nieuwe postbedrijven zijn misschien alleen geïnteresseerd in de ‘room’.

Over het vrijgeven van de postmarkt wordt in de EU al 20 jaar gesproken. De belangen zijn groot: in de sector ging vorig jaar 88 miljard euro om. De particuliere postmarkt krimpt, maar de zakelijke groeit nog. ‘Universele dienstverlening’ is bij de liberalisering een van de sleutelbegrippen: alle burgers hebben sinds jaar en dag het recht post te laten ophalen en aan huis bezorgd te krijgen tegen een gelijk nationaal tarief. Voor grote landen als Frankrijk en Italië was het opheffen van de gelijke dienstverlening altijd onbespreekbaar. Dat is zo gebleven. „Wij zullen niet toestaan dat nieuwkomers de markt mogen afromen”', zei de Franse minister voor Handel, Hervé Novelli, deze week op de transportraad van EU-ministers in Luxemburg.

De bewindslieden uit de 27 lidstaten bereikten uiteindelijk een compromis over de liberalisering van de post onder 50 gram – voor zwaardere post was de markt al vrij – waarbij de universele dienstverlening gehandhaafd blijft. Regeringen mogen er zelf invulling aan geven en de financiering regelen. Frankrijk heeft al een plan: alle bedrijven die de markt op willen, moeten een bijdrage stoppen in een pot waaruit het overeind houden van zesdaagse bezorging tegen een gelijk tarief voor het hele land wordt betaald. Het is nog niet goed te zien hoe concurrentie kan ontstaan bij een dergelijk systeem. Waarschijnlijk zal een belangrijke rol zijn weggelegd voor nationale, onafhankelijke toezichthouders. „Universele dienstverlening is voor ons van het grootste belang”, zei eurocommissaris McCreevy (Interne Markt). „Het systeem van financiering moet waterdicht zijn.”

Staatssecretaris Frank Heemskerk was zeer opgetogen over de uitkomst van het EU-beraad. Tegen persbureau ANP zei hij: „Ongeveer 90 procent van de Europese postmarkt gaat open. Halleluja. Hiervan profiteren burgers, banken, verzekeraars en goede doelen met grote mailings.”

Ander probleem bij de postliberalisering is het grote verschil in ontwikkeling tussen de lidstaten. Er bestaat een kopgroep van drie landen: Zweden, Finland en Groot-Brittannië, waar de markt al is vrijgegeven. Nederland en Duitsland volgen per 1 januari 2008. Dan is er een middengroep van landen (waaronder Frankrijk, Italië en Spanje) waar het staatsmonopolie nog geldt, maar de bereidheid tot liberalisering bestaat. En er is een achterhoede van elf landen, waar de markt klein is (Luxemburg en Malta), het vervoer duur (Griekenland met al zijn eilanden) of de arbeidsproductiviteit laag (Oost-Europa). Liberalisering in 2011 zou daar leiden tot het omvallen van het bestaande postbedrijf, waarmee de hele dienstverlening in gevaar zou kunnen komen. Deze elf lidstaten hebben daarom extra respijt gekregen, tot 1 januari 2013.

Vakbonden hebben negatief gereageerd op de besluiten in Luxemburg. Volgens de overkoepelende Europese bond voor het postwezen, UNI-Europa Post & Logistics, zal de liberalisering leiden tot „de wet van de jungle”. In een verklaring zegt UNI: „Dit is een besluit dat Europa en zijn burgers zullen betreuren. Postbedrijven willen de meest profijtelijke markten in handen krijgen en zullen proberen elkaar de loef af te steken met lage lonen en slechte arbeidsvoorwaarden.” UNI voorziet een „race naar de kelder” die tienduizenden werknemers hun baan zal kosten. De bonden gaan er ook vanuit dat het opheffen van de universele dienstverlening „een kwestie van tijd” is. De liberalisering moet nog worden goedgekeurd door het Europese Parlement.