Kerk en junta samen tegen subversieven

Een Argentijnse kapelaan die zou hebben geheuld met de junta moet terechtstaan.

Zijn proces heeft de rol van de kerk bij de ‘Vuile Oorlog’ in Argentinië opgerakeld.

Toen hij op 8 mei 1985 voor de Argentijnse Waarheidscommissie getuigde, was Cristian von Wernich zich van geen kwaad bewust. Als kapelaan van het politiekorps van de provincie Buenos Aires bezocht hij eind jaren zeventig inderdaad de illegale detentiecentra waar tegenstanders van de rechtse junta werden vastgehouden. Maar de aalmoezenier had niets gemerkt van de moorden, de babyroven en de martelingen die in opdracht van de legerleiders in die centra werden begaan.

Over de cellencomplexen verklaarde Von Wernich: „Het waren gewone politiebureaus, waar een politieschild hing en de Argentijnse vlag, allemaal duidelijk herkenbaar. Er zaten mensen vast en er liep geüniformeerd personeel rond. Vanwege dat alles heb ik, geloof ik, niets anders gezien dan wat gewoon is in een politiebureau.” Maar sinds de geestelijke voor een rechtbank in de Argentijnse stad La Plata heeft moeten verschijnen, is van zijn verklaring uit 1985 weinig overeind gebleven. Onderzoeksjournalisten en mensenrechtenactivisten onthulden de afgelopen jaren al dat Von Wernich wel van de gruweldaden moet hebben geweten. Sinds begin juli staat hij nu terecht voor betrokkenheid bij zeven moorden, 31 gevallen van martelen en 42 ontvoeringen.

De afgelopen weken vertelde een stoet ex-gevangenen, die hun detentie wisten te overleven, in detail hoe ze in de cel Von Wernich op bezoek kregen. Hij zette hen onder druk te gaan praten, zogenaamd als biecht. Hij vertelde dat ze gemarteld werden omdat ze „het vaderland schade berokkenden”. Hij beval hun beulen aan hen na het toedienen van elektrische schokken massages te geven. Hij doopte de baby’s die van zwangere arrestantes werden afgepakt. En hij zegende na terugkomst de militairen die de marinevliegtuigen bestuurden van waaruit ontvoerde subversievellingen in zee werden gegooid.

Als de rechters 9 oktober uitspraak doen, zal de rol van Von Wernich duidelijk zijn. Maar vragen over de rol van de hele Argentijnse rooms-katholieke kerk én die van het Vaticaan, die het proces oproept, blijven open.

Zo uitten getuigen hun onvrede over het zwijgen van de huidige aartsbisschop, Jorge Bergoglio. „Heeft hij helemaal niks te zeggen over dit proces”, vroeg getuige Estela de Cuadra. Maar Bergoglio – die in 2005 een kansrijke kandidaat was om de nieuwe paus te worden – laat niets van zich horen. En volgens Horacio Verbistky, Argentiniës bekendste onderzoeksjournalist, heeft de kardinaal daar goede redenen voor. In zijn recente boek El Silencio beschrijft Verbitsky hoe de bisschoppen de junta niet alleen gedoogden, maar ook hielpen bij het bestrijden van hun gemeenschappelijke vijanden: atheïsten, communisten en revolutionairen – buiten én binnen de kerk. Zo was Bergogli, zegt Verbitsky, zelf mogelijk betrokken bij de verdwijning van twee linkse jezuïeten in 1977.

In het boek duikt ook de naam op van de nuntius (ambassadeur van Rome) in Buenos Aires ten tijde van de junta. Van deze Pio Laghi is bekend dat hij bevriend was met het prominente juntalid marineadmiraal Massera. Laghi zou er met de bisschoppen voor hebben gezorgd dat akritische geestelijken als Von Wernich bij politie en leger aan de slag konden.

Toenmalig paus Johannes Paulus II pakte de nuntius nooit aan, integendeel. Laghi werd gepromoveerd naar Washington en leidde later in Rome de Congregatie voor Onderwijs. Laghi kan in Argentinië niet aangeklaagd worden omdat hij de onschendbaarheid van het Vaticaan geniet.

Een getuige in het proces, Nobelprijswinnaar Adolfo Pérez Esquivel, vertelde hoe hij de kerk hulp vroeg bij het zoeken naar desaparecidos (‘verdwenenen’). Pérez, die zelf gevangen zat en op het nippertje niet uit een vliegtuig werd gegooid, vroeg in 1981 audiëntie aan bij Johannes Paulus II. Voor de kerkvorst had hij een dossier samengesteld met 84 gevallen van hun verdwenen kinderen. De anticommunistische paus antwoordde, zo getuigde Pérez onder ede, dat hij maar „moest denken aan kinderen in communistische landen”.

Lees het volledige rapport:www.nuncamas.org