Geld verdienen aan routeplanner lastig

Mobieletelefoongebruikers willen graag routekaarten op hun toestel hebben. Of zoals Nokia-topman Olli-Pekka Kallasvuo het verwoordt: „We raken allemaal iedere dag de weg kwijt.”

Met dit in het achterhoofd heeft de Finse mobieltjesmaker ermee ingestemd 8,1 miljard dollar (5,7 miljard euro) te betalen voor Navteq, de Amerikaanse producent van digitale kaarten. Dat komt neer op een meervoud van wel veertig maal de geschatte winst over 2007.

In één opzicht volgen navigatiesystemen de evolutie van de mobiele telefoon. Die dook het eerst op in auto’s en toen hij kleiner werd, ging hij geleidelijk in je broekzak passen. Nu zijn mobieltjes wijdverbreid.

Gps-routewijzers werden aanvankelijk ontworpen voor gebruik in de auto – waar ze inmiddels gemeengoed zijn geworden. Maar kleinere navigatiesystemen worden tegenwoordig ingebouwd in uiteenlopende zaken als polshorloges voor hardlopers en laptops. Naarmate deze systemen een grotere verspreiding krijgen, ontwikkelt zich een vraag naar een breed scala aan diensten – van het lokaliseren van de dichtstbijzijnde pizzeria tot het vinden van de adressen van je vrienden.

De snelle groei van Navteq – de omzet is de afgelopen vijf jaar ieder jaar met ongeveer 40 procent toegenomen – heeft het bedrijf een sterke onderhandelingspositie opgeleverd. Er waren veel potentiële bieders: iedereen, van mobieletelefonieaanbieders en computerfabrikanten tot softwareconcerns als Google, wil wel een deel van deze koek. En door de recente overname van Navteqs voornaamste concurrent Tele Atlas door het Nederlandse Tomtom werd Navteq ook nog eens de laatste kans voor een koper om een positie op deze markt te verwerven.

Navteq biedt Nokia een voorsprong op de concurrentie. Navigatiesystemen zijn afhankelijk van goede kaarten. Door hun bezit van Navteq kunnen de Finnen de voorwaarden bepalen waaronder concurrenten toegang tot cartografische gegevens kunnen krijgen. Daarnaast verkoopt Nokia zo’n 500 miljoen telefoons per jaar, wat de kaarttechnologie van Navteq een groot verspreidingsplatform verschaft.

Toch is succes niet gegarandeerd. De overname kan de concurrentie aanzetten tot een inhaalslag – of tot bitterheid leiden. Mobieletelefonieaanbieders subsidiëren bijvoorbeeld de aankoop van veel Nokia-toestellen. Zij zullen met lede ogen toezien hoe het concern zich een positie verwerft op het gebied van de inhoud, wat zij als hun domein beschouwen.

Desondanks lijken beleggers ervan uit te gaan dat alle partijen in deze sector zullen profiteren. De aandelenkoers van Nokia is dit jaar met 87 procent gestegen, die van iPhone-producent Apple heeft een soortgelijke groei laten zien en die van Blackberry-producent Research in Motion is sinds januari meer dan verdubbeld. Ook de koersen van mobieletelefoniebedrijven zijn de pan uitgerezen. En het aandeel Google zet zijn onstuitbare opmars voort.

Hoewel niet al deze winst te danken is aan de navigatiesoftware, lijkt die wel het volgende succesverhaal van de technologiesector te worden. Maar beleggers zouden ook te optimistisch kunnen blijken. We kunnen wel allemaal de weg kwijtraken, maar niet iedereen gaat aan het geven van route-informatie verdienen.

Robert Cyran