De laatste ebola-patiënten in Congo

Medisch personeel van Artsen zonder Grenzen verzorgt in Congo een patiënt die besmet is met het ebolavirus. Gisteren lagen er nog slechts twee patiënten op de geïsoleerde afdeling in Kampungu. De hoop is dat de uitbraak van het dodelijke ebolavirus in Congo, die in augustus begon, nu voorbij is. Zeker is dat nog niet, omdat mensen drie weken lang met het virus rond kunnen lopen voordat ze ziek worden.

Het ebolavirus is erg besmettelijk. Maar de ziekte wordt alleen overgebracht via direct contact met bloed, organen of andere lichaamssappen. Wie ziek wordt van ebola, overlijdt daar meestal aan. De patiënt wordt eerst moe, misselijk en koortsig. Daarna treden overal in het lichaam interne bloedingen op. Uiteindelijk bloedt de getroffene uit lichaamsopeningen en zwakke plekken in de huid.

In augustus dit jaar stelde de Wereldgezondheidsorganisatie vast dat er in Congo sprake was van een uitbraak van ebola. Meer dan 160 mensen waren in het zuidoosten van Congo overleden aan een onduidelijke ziekte die gepaard ging met hoge koortsen. Inmiddels zijn 25 gevallen van besmetting vastgesteld en zes doden als gevolg van ebola.

Het is niet duidelijk hoe de uitbraak in Kampungu is begonnen. Waarschijnlijk zijn mensen op begrafenissen besmet. Niet alleen mensen kunnen overlijden aan ebola. Het virus richt regelmatig slachtingen aan onder chimpansees en gorilla’s in West-Afrika.