Mensvriendelijke ict

Niemand zit te wachten op de ‘slimme’ koelkast.

Medialabs spraken in Amsterdam over techniek die mensen écht verder helpt.

Honderd armen zwaaien door de zaal. Vijftig bezoekers van het media- en technologiefestival Picnic in Amsterdam spelen het klassieke computerspel Break Out. Zij zijn samen de joystick. Een webcam registreert de bewegende armen, een pc stuurt het balkje op het grote scherm. Zo houden de deelnemers de bal in het spel en schieten ze andere balkjes weg. Als beloning verschijnen koppen met het laatste nieuws.

Het spel heet Newsbreaker. Een medialab in New York maakte het voor nieuwszender MSNBC. Het staat symbool voor nieuwe, mensvriendelijke toepassingen van informatie- en communicatietechnologie (ict). Niet langer staan de technische mogelijkheden centraal, maar de gebruikers. De Wii-spelcomputer van Nintendo is een goed voorbeeld. Medialabs in Europa en de VS maken ook zulke toepassingen. Zij spraken vorige week tijdens het Picnic-festival over hun werk.

In een medialab wordt digitale communicatietechnologie en bijbehorende inhoud bedacht, onderzocht en getest. Het bekendste voorbeeld is het MIT Medialab in Boston (bekend van de $100-laptop voor ontwikkelingslanden). Nederlandse medialabs zijn onder meer Waag Society in Amsterdam en Submarine in Amsterdam en Rotterdam.

De maker van Newsbreaker heet Brand Experience Lab. Het bedrijf bedenkt voor adverteerders nieuwe manieren om de aandacht op zich te vestigen. Het New Yorkse lab maakte het spel als alternatieve bioscoopreclame. Voor de première van Spiderman 3 speelde het publiek razend enthousiast het nieuwsspel, vertelde David Polinchock van Brand Experience Lab vorige week in Amsterdam. „Mensen willen socializen met technologie.”

Techniek moet sociale relevant zijn, aldus de medialabs vorige week. De labs richten zich op social engineering: ze willen met techniek een mentaliteitsverandering bewerkstelligen in de maatschappij.

Een voorbeeld. Het Zweedse medialab Interactive Institute bouwt toepassingen om mensen milieubewust te maken. Badkamertegels die hun (hitte- of watergevoelige) motief verliezen moeten kinderen erop wijzen dat ze te lang douchen.

Waag Society in Amsterdam toonde op het Picnic-festival Scottie. Dit is een wit poppetje, iets groter dan een handpalm. Via Scottie kunnen kinderen die lang in het ziekenhuis moeten liggen, communiceren met hun ouders. Niet in tekst (zoals via telefoon en internet), maar non-verbaal. Scottie is een knuffel op afstand. Hij licht op, trilt en geeft warmte.

Dick van Dijk van Waag Society vertelde dat zijn medialab bij elke opdracht eerst kijkt wat de echte behoefte van de gebruikers is. Zijn lab kreeg het verzoek om een computerlokaal te maken in een Amsterdams verzorgingshuis. Maar bij navraag hadden de bewoner daar eigenlijk geen behoefte aan. Liever wilden ze gezellig herinneringen ophalen. Waag Society bouwde een Verhalentafel: een meubel met tv’s en enkele knoppen om fragmenten te bekijken van bijvoorbeeld Wim Sonneveld en Dorus. De bewoners bekijken nu samen de liedjes, praten erover en zingen soms mee.

Kritiek op de medialabs luidt vaak dat hun onderzoek ver van de werkelijkheid van alledag staat. Het Deense Innovation Lab houdt zich bijvoorbeeld nog steeds bezig met de internetkoelkast. Door chiptechnologie (rfid) ‘weet’ de koelkast welke levensmiddelen hij bevat en kan hij zelf bestellingen plaatsen. De slimme koelkast werd in de jaren negentig altijd genoemd als hét voorbeeld van hoe techniek het leven gemakkelijker zou maken. Maar nog niemand heeft zo’n ding, vanwege privacyoverwegingen en de prijs.

De medialabs van de Britse omroep BBC daarentegen hebben een groot bereik. De omroep is z’n eigen platform om laboratoriumwerk te tonen aan kijkers en luisteraars en begint volgende week het ‘cross-platform-initiatief’ Switch voor 12- tot 16-jarigen. Switch combineert tv, radio, een sociaal netwerk zoals MySpace en Hyves, en user generated content.

Het meest democratische voorbeeld van een medialab zijn de Fablabs van Neil Gershenfeld, directeur van The Center for Bits & Atoms aan MIT. Hij geeft gewone mensen apparatuur om fysieke dingen te maken. Gershenfeld begon in een achterstandswijk in Boston. Nu zijn er ook labs in andere landen. „De digitale revolutie ligt achter ons”, stelt hij. „Het is tijd voor de volgende: persoonlijke fabricage. Iedereen kan (bijna) alles maken.”

Speel Newsbreaker online op www.newsbreakergame.com. Links naar de genoemde projecten staan op nrc.nl/media.