Even oefenen in de Scania-truck

Vmbo-leerlingen kiezen vaak te weinig doordacht voor een beroepsopleiding. In Winschoten proberen scholen en bedrijven dat te veranderen met een beurs.

‘Wij zijn de Nederlandse ruggengraat’ staat er in zwarte letters op de vele oranje-rode stoffen tasjes. De ruggengraat, dat zijn de ongeveer 400 vierdejaars vmbo-leerlingen die gisteren op het evenement ‘vmbo Carrousel Breed’ in Winschoten op zoek gingen naar een vervolgopleiding.

De beurs is een initiatief van kenniscentra, leerbedrijven in alle onderwijssectoren, en vier scholen in de regio. Het evenement moet leerlingen helpen bewuster een vervolgopleiding te kiezen en uitval voorkomen. Een verkeerde studiekeuze kan een reden zijn voor voortijdig schoolverlaten in het middelbaar beroepsonderwijs.

Verschillende maatschappelijke sectoren kampen met huidige of toekomstige personeelstekorten. Veel bedrijven en kenniscentra, de schakel tussen bedrijven en scholen, staan op de beurs met het oog op de toekomst: dreigende personeelstekorten in de bouwsector, vergrijzing in de zorg. Gerda Johnson van de Stichting Woningbouw Slochteren staat op de vmbo-carrousel omdat ze vreest dat er later te weinig mensen in de woningbouw willen werken. Het is niet druk bij haar stand. „Kinderen lopen hier vluchtig langs. Er is weinig interesse omdat hier niets praktisch te doen is.”

Naast dreigende personeelstekorten kampen sommige sectoren met een slecht imago. „Techniek heeft geen status in Nederland”, verzucht Gerrit Reiling van het kenniscentrum Innovam Group, die zich richt op mobiliteit. Leerlingen hebben geen realistisch beeld van beroepen, zegt Reiling. Neem de fietsenmaker. „Het is niet alleen banden plakken, fietsen hebben bijvoorbeeld steeds vaker een motortje. De techniek is zo veel ingewikkelder geworden.” En de sociale vaardigheden worden ook vergeten. „Een fietsenmaker moet ook de klant goed te woord kunnen staan.”

Een draaiende betonmolen, demonstraties van de Landmacht, een klimmuur, lassers, een paard, en een enorme Scania vrachtwagen. Hardrik de Vries (15) klimt onder aanmoediging van zijn vrienden achter het stuur. „Dit lijkt me wel wat”, zegt hij. Maar installatietechniek vindt hij ook wel leuk. Eigenlijk weet hij het nog niet, net als veel andere leerlingen die dit jaar een studiekeuze moeten maken.

Kay Ruiten en Mirjam van Dijk proberen de zorg te promoten. Ze zijn verkleed als oude man met rollator en verpleegster. Steunkousen hangen werkloos over het looprek. Of de promotie lukt? Ze proberen leerlingen aan te spreken, zegt Mirjam. „Maar sommigen rennen weg.”

Serena de Leo (16) en Elena Petrosian (17) hebben „nog niet echt wat gevonden”. Maar eigenlijk zijn ze hier alleen omdat het verplicht is. Serena wil naar de havo en Elena naar de kunstacademie.

De instellingen die het bij de leerlingen goed doen zijn de leerbedrijven waar wat te doen of te zien is. Bij de stand van het St. Lucas ziekenhuis en het Delfzicht ziekenhuis geeft Gerard Tebbenhof, normaal werkzaam op de afdeling hartbewaking en reanimatie, aanwijzingen aan de secretaresse van de ziekenhuizen. Ze probeert pop Anne te beademen en te reanimeren. „Ja, 30 keer, sneller, sneller, naar 100 keer per minuut”, roept Tebbenhof. Daarna is Chantal Nuijen, vmbo-leerlinge aan de beurt. Ze zal wel even laten zien hoe het moet. Ze wordt aangemoedigd door haar mentor. „Ah, je leeft!”, roept ze na een succesvolle reanimatie.

De komende twee weken lopen leerlingen bij bedrijven van hun keuze mee. Of leerlingen die aan het project deelnemen straks ook een betere beroepskeuze maken, zal worden onderzocht. De eerste meting vindt eind oktober plaats, maar ook als leerlingen op het mbo zitten zullen er nog metingen worden verricht.