‘Brede solidariteit met Afghanistan’

Alle NAVO-landen moeten hun solidariteit tonen met de missie in Afghanistan. Dat heeft een delegatie van Nederlandse Kamerleden gisteren meegedeeld na een onderhoud met de secretaris-generaal van de NAVO, Jaap de Hoop Scheffer.

Het gesprek ging over de Nederlandse voorwaarden voor een verlenging van de militaire missie naar Uruzgan. Verschillende Kamerleden hebben hun twijfels over voortzetting van de missie naar voren gebracht.

„De boodschap is dat je moet zorgen voor een gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle NAVO-leden. Als de NAVO Nederland voor deze missie als partner wilt behouden, dan zal er sprake moeten zijn van solidariteit en lastenverdeling tussen de lidstaten”, aldus Kamerlid Angelien Eijsink (PvdA). Het was een „stevig gesprek”, aldus haar fractiegenoot Martijn van Dam. „Dit is een vrij zware operatie voor Nederland. Wat doen de andere bondgenoten en hoe verdeel je onderling de taken?”

De delegatie bestond uit leden van de Tweede Kamercommissie voor Defensie van CDA, PvdA, VVD en PVV. Volgens de delegatie heeft De Hoop Scheffer geen druk op hen uitgeoefend om in te stemmen met verlening van de missie en hen evenmin een boodschap meegegeven. Wel zijn langetermijnvraagstukken binnen de NAVO aan de orde geweest ten aanzien van de verdeling van de militaire en financiële lasten en de inzet van materieel onder de lidstaten.

Voortzetting van de missie in Afghanistan is een ‘testcase’ voor de gehele NAVO, niet voor één land, aldus de Kamerleden. De boodschap van de kritische Nederlandse opstelling heeft De Hoop Scheffer goed begrepen, aldus de Kamerleden.

Boekestein (VVD) herhaalde na afloop van het gesprek dat de VVD meer geld voor defensie wil en de toezegging van ten minste één ander land om aan de verlengde missie deel te nemen.

Nederland heeft aanvankelijk toegezegd voor twee jaar troepen te zullen leveren. Inmiddels heeft de NAVO Nederland verzocht om langer in Uruzgan te blijven.