Bidden en werken

In het West-Tsjechische Bohemen heeft de Engelse architect John Pawson, bekend van de ‘lege’ Calvin Klein-shops, een nieuw trappistenklooster ontworpen.

Kwart over drie ’s morgens. Het is nog donker als ik met de monniken van Novy Dvur opsta. Om half vier de nachtmis. In de sobere, hoge kerk, maagdelijk wit. De monniken wijden er dagelijks zeven uur aan gezang en gebed. Aan weerszijden van het altaar hangen klokkentouwen tot op de stenen vloer met knopen op gelijke afstanden. Aan begin en einde van de zeven dagelijkse missen luidt een monnik – soms geknield – met devotie de klokken. Tijdens de mis bidden monniken in twee rijen langs de zijmuren in knielhouding. Hun meanderende gezang heeft een prachtige, langzaam wegstervende nagalm.

De kerk is te bereiken via een smalle poortdeur en een kleine binnenhof, met in het midden een jonge appelboom. De bladeren en de vruchten, niet veel grote dan kersen, steken overdag kleurig groen, rood en geel af tegen de hoge witte muren en de blauwe hemel. Tijdens de dag komt het buitenlicht de kerk gefilterd binnen via nissen langs gotisch hoge, rechthoekige muurpanelen.

In Novy Dvur ligt de gemiddelde leeftijd van de twintig monniken rond de dertig jaar; tien Tsjechische postulaten, novicen, oudere Fransen en Spaanse en de Nederlandse broeder Frederic. Hij trad in 1988 tot de trappisten toe, na twintig jaar „in de industrie gewerkt te hebben”.

Het nieuwe trappistenklooster ligt van alles en iedereen verlaten in het West-Tsjechische Bohemen en is bereikbaar via smalle, hobbelige landweggetjes met overhangende bomenrijen erlangs, te midden van glooiende weiden, sparrenbossen en meertjes. Broeder Frederic: „In 1991 kwamen vijf jonge Tsjechen die een klooster wilden stichten naar ons klooster Sept-Fons in Frankrijk. We konden de hofstede aankopen doordat de staat er geen eigenaar voor vond.”

Het nieuwe elan, na de communistische neerval, is ook uiterlijk zichtbaar. Drie zijden van de boerenhofstede rond een binnenplaats werden vanaf de fundamenten nieuw opgebouwd volgens een ontwerp van de minimalistische, Engels architect John Pawson, die eerder de ‘lege’ Calvin Klein-shops ontwierp. Toen de abt er foto’s van zag in een tijdschrift, viel hem de sacrale sfeer op: „Die architect moet het klooster ontwerpen.” Het werd in 2002 gesticht met hulp van Sept-Fons.

Novy Dvur is een contemplatief klooster. Broeder Frederic: „Ons motto is ora et labora: bid en werk. We praten zo min mogelijk, doen ook tijdens het werk zo veel mogelijk met gebaren.”

Dit blijkt in de mosterdmakerij, waar je als gast kunt meehelpen bij het verpakken. Door de stille rust krijg ik het gevoel dat ik me beter op het werk concentreer.

De monniken werken tussen de missen door 5,5 uur per dag. Het klooster bezit een schaapskudde, verkoopt hooi, hout uit eigen bossen en laat tegen betaling vaarzen grazen op het grondgebied.

Op de verbouwing na, die met giften wordt gerealiseerd, kan het klooster in eigen onderhoud voorzien.

Tijdens het werk dragen de monniken blauwe overalls, de overige tijd wit-zwarte habijten met capuchon en afhangende leren riem. Tijdens de mis een wit habijt.

Bij het nieuwe gastenverblijf in aanbouw zie ik Franse scouts – camelkleurig uniform, korte broek – aan het werk. Ze helpen tijdens de zomermaanden en hebben hun kamp in het lager gelegen bos bij een beekje opgeslagen.

Vanuit het provisorische gastenverblijf, met alleen mannelijke gasten, zien we de monniken door een manshoge glazen panoramaruit aan de overkant van de grote binnenplaats lopen. Pawson heeft met zijn oprijzende ‘bastion’ het door de monniken gewenste isolement vormgegeven. Via de panoramaruit rond de binnenhof zijn de monniken achter transparant glas zichtbaar – maar het benadrukt tevens het isolement. De ruit loopt langs alle vier gevels van de rondgang, waar absoluut stilzwijgen regel is.

Broeder Frederic: „We slapen in een gemeenschappelijke zaal met cellen van twee bij twee. In plaats van een deur is er een gordijn en de muren lopen niet door tot het plafond. Dit is om terugtrekking te voorkomen.”

Na de avondmis van kwart voor acht gaan de monniken van Novy Dvur slapen. Ik verlaat het klooster de volgende morgen gelouterd, en met een potje bio-mosterd.