Wij zijn rechts, ja. Fatsoenlijk rechts

De Akkers in Spijkenisse is een gewone wijk: zwerfvuil, hangjongeren, allochtonen.

Veel inwoners stemden op Wilders. De volgende keer wordt het Verdonk.

Als inwoners van de wijk De Akkers in Spijkenisse over hun buurt vertellen, gaat het bijna altijd ook even over ‘het bankje’. Net voor de zomer had de gemeente het neergezet op het plein bij winkelcentrum De Akkerhof. Maar na twee dagen was het alweer weg.

Op het bankje, dat was bedoeld voor oude mensen die boodschappen hadden gedaan, waren Antillianen gaan zitten. Ze dronken, ze spoten, ze dealden. En soms floten ze tussen hun tanden naar mensen die langsliepen.

Inwoners van De Akkers vertellen ook over mannen die in de hal van hun flat plassen, over jongens die met hun scooter over de stoep rijden – en altijd gaat het ook over de politie die er niks tegen durft te doen. „Jan de Hollander is de klos”, zegt een vrouw in een rolstoel, tijdens een borduurcursus in het wijkcentrum tegenover De Akkerhof. „Wij krijgen een bekeuring als we een sigaret op straat gooien.” „De mensen die dit land na de oorlog groot hebben gemaakt”, zegt Wil de Hoog (58), „kunnen verrekken.” Wil de Hoog stemde bij de verkiezingen van november vorig jaar op de PVV van Geert Wilders. In heel Spijkenisse haalde Wilders 12,3 procent van de stemmen, in De Akkers was het ruim 15 procent, ver boven het Nederlands gemiddelde van 5,9 procent.

Maar wie dan denkt dat het in De Akkers vooral PVV-stemmers zijn die klagen over „negers” en „zwartjes”, vergist zich. Uit gesprekken met zo’n dertig buurtbewoners op straat en in het wijkcentrum – tijdens de sjoelmiddag, de borduurles, de bingo en na het countrydansen – blijkt dat politieke voorkeur er nauwelijks toe doet. „Als Nederlander ben je gast in je eigen land geworden”, zegt Aad van der Hoek (63), docent techniek aan een praktijkschool. „En in Spijkenisse al helemaal.”

„Ik was laatst bij een nicht op bezoek”, zegt Henk van Werkhoven (55), medewerker van de technische dienst van een hogeschool. „Ik zie jongens bij mijn auto spelen. Ouders erbij, niemand die iets zegt. En ja hoor, als ik wegrij, zie ik een gigantische kras. Daar word je bijna racistisch van.”

Henk van Werkhoven staat op een woensdagochtend bij de ingang van winkelcentrum De Akkerhof, hij wacht op zijn vrouw die bij de tandarts is. Op de school waar hij werkt, is tachtig procent „gekleurd”. „De sfeer daar is prima. Maar op straat is het anders. Als ik geld pin en er komt een groepje donkere jongens bij me staan, voel ik me niet veilig. Gek hè? Terwijl ik op school dagelijks met ze te maken heb.”

Van Werkhoven stemt op het CDA. Vroeger, toen hij als binnenvaartschipper een eigen bedrijf had, stemde hij op de VVD.

Aad van der Hoek, techniekdocent, doet op woensdagochtend boodschappen samen met zijn vrouw. Ze wonen in een flat achter het winkelcentrum. „Ik laat mijn vrouw niet meer alleen uitgaan ’s avonds”, zegt Van der Hoek. „De afgelopen twee jaar is de wijk hard achteruit gegaan. Het ziet hier zwart van de mensen, letterlijk en figuurlijk.”

Volgens de politie is het niet waar dat de buurt achteruit gaat. De afgelopen jaren is het juist veiliger geworden in De Akkers, zegt een woordvoerder van het ‘project wijkveiligheid’. Dat blijkt uit cijfers over criminaliteit. „Maar de mensen voelen het niet zo.”

De Akkers werd gebouwd in de jaren tachtig. De rente was hoog, de bouw kostte de gemeente Spijkenisse veel geld. Maar het gemeentebestuur wilde wel graag dat zoveel mogelijk mensen een voor- en een achtertuin kregen – flats kwamen er bijna niet, de huizen staan dicht op elkaar. Er wonen ongeveer 11.000 mensen in De Akkers, met een gemiddeld besteedbaar inkomen van zo’n 16.000 euro per jaar – ruim duizend euro minder dan het landelijk gemiddelde.

Dat ze in De Akkers zo graag op Geert Wilders stemmen, zegt wethouder Gert-Jan ’t Hart van ONS (Onafhankelijk Nieuw Spijkenisse), heeft niks met moslims te maken. „Het gaat over zwerfvuil, te hard rijden, hangjongeren. We hebben bijna geen Marokkanen, dat is ons geluk. Wij hebben wel weer de Antillianen.”

Techniekdocent Aad van der Hoek moet niks hebben van Wilders. „Die jaagt iedereen tegen zich in het harnas.”

Vorig jaar stemde Van der Hoek op het CDA, maar daar heeft hij nu spijt van. „We moeten allemaal inleveren en in Den Haag krijgen ze er zomaar dertig procent bij.”

Tijdens de borduurcursus in het wijkcentrum vertellen vrouwen aan elkaar wat ze meemaakten op straat. „Veertien dagen terug staan er vijf dames op leeftijd te praten op het plein. Komt de politie die zegt: samenscholingsverbod, wegwezen. Maar tegen die jongens met hun scooters op de stoep zeggen ze niks.”

„Tijdens de avondvierdaagse kwam er één die in Egypte woont. Hij rijdt zo met zijn busje tussen de kinderen door.”

Wil de Hoog vertelt over haar schoonzoon die gescheiden is en nu weer bij haar woont. „Een asielzoeker heeft zo een huis.”

Ze vertelt ook dat ze bij de vorige verkiezingen op Wilders heeft gestemd. Maar dat zegt ze zacht, de andere vrouwen horen het niet. En ze zegt dat Wilders van haar niet per se de macht hoeft te krijgen in Nederland.

In 2003 stemde bijna veertien procent van de inwoners van Spijkenisse op de Lijst Pim Fortuyn – Wil de Hoog ook. Er zijn weinig mensen die het daar nog over hebben, maar er zijn ook weinig mensen die zich ervoor schamen. Bij Wilders is dat anders. Vraag op straat in De Akkers wat mensen van hem vinden en ook de mensen die het over „negers” hebben en over Nederland dat „bruin gekleurd” raakt, zeggen dat ze hem extreem vinden, radicaal, eng.

„Ik zal nooit op Wilders stemmen”, zegt Thea van der Spek (67), die opgroeide in een ‘PvdA-gezin’. „Maar hij heeft wel gelijk, honderd procent. Ik zou minder moeite hebben met al die buitenlanders als ze zich aanpassen aan onze gewoontes. Waarom moeten die vrouwen gesluierd over straat, waarom kunnen ze niet gewoon óók het portiek poetsen?”

Gerda Roodnat (75), CDA-stemmer: „Wilders heeft gelijk als hij zegt dat moslimvrouwen gediscrimineerd worden. Dat mag niet in Nederland. Maar als hij aan de macht zou komen, dan kunnen we dezelfde taferelen krijgen als bij de jodenvervolging.”

„Ik vind Wilders een griezel”, zegt Germaine Hanemaaijer (55), verkoopster bij C&A voordat ze een ernstige longziekte kreeg. Hanemaaijers ouders stemden op de PvdA en Hanemaaijer zelf vroeger ook. Maar haar man, chemisch laborant, stemde op de VVD en als compromis stemmen ze nu allebei op D66.

Hanemaaijer is zo ziek dat ze de volgende verkiezingen waarschijnlijk niet meemaakt. Maar als dat anders was geweest, zou ze misschien op Rita Verdonk hebben gestemd. „Ik vind dat ze heel echt overkomt, en in in bepaalde dingen ben ik het met haar eens. Er komt te veel naar binnen.”

Wilders een griezel, Verdonk een held – op straat in De Akkers zeggen mensen wat Rita Verdonk zelf ook zei, net nadat ze uit de VVD-fractie was gezet: zíj is fatsoenlijk rechts.

Christina van Zijl (55) noemt Verdonk „een standvastige vrouw” die wil dat Nederland „stabiel” wordt en „drugsvrij”. „Ze bedoelt niet dat alle donkere mensen eruit moeten. Ze wil dat mensen die hard werken goed betaald krijgen.”

De man van Christina van Zijl is 59, hij werkt in de bouw maar hij heeft versleten gewrichten. „Ik hoop dat hij het nog een paar jaar volhoudt.”

Zelf had Christina van Zijl een café. Maar ze viel, ze had zes hernia’s, er vormde zich littekenweefsel en nu zit ze in de WAO. „Ik denk dat Verdonk nadenkt over mensen. Als ik haar zie, denk ik: zij begrijpt hoe het is gegaan bij mij, en hoe zwaar het werk in de bouw is. Zij zal begrijpen dat mensen die vóór 1950 in de bouw zijn begonnen, het veel zwaarder hebben dan de mensen die er later in kwamen. Mijn man moest zelf stenen sjouwen, zelf specie maken.”

Christina van Zijl stemde vorig jaar op de VVD. „Wilders heeft goeie dingen, ik vind ook dat criminelen harder gestraft moeten worden. Maar je moet mensen niet zo aanvallen op hun geloof. Dan hits je mensen op. Je moet altijd met praten. Dat deed ik in mijn café ook, ik ging aan tafel zitten en zei: ‘Kom, we praten het uit’, en dan had ik nooit problemen.”

Soeniel Orie (40), lasser, loopt in zijn werkkleren door het winkelcentrum. Hij was bij de tandarts. Orie komt uit Suriname. Vorig jaar stemde hij op de PvdA, maar dat was de laatste keer. „Ze belazeren de boel. De volgende keer wordt het Marijnissen.” Wilders en Verdonk horen niet thuis in de politiek, vindt Orie. „Ze kwetsen mensen.” Of Verdonk fatsoenlijker rechts is dan Wilders? Orie denkt even na. „Ja, dat is wel zo. Zij kan door de vingers.”