Tijdgeest in oranje en bruin

De tentoonstelling ‘Wauw!’ toont tijdsverschijnselen uit de jaren zeventig. Je mócht niet alleen vooruitstrevend zijn, dat móest je ook zijn.

Over kunst gaat het niet, op de tentoonstelling over de jaren zeventig die sinds dit weekeinde te zien is in het Noordbrabants Museum in Den Bosch. Niet over de eerste video-installaties in de beeldende kunst, de rebellie van de Notenkraker-componisten, de woelingen in de theaterwereld of de injectie die het cabaret van de rock ’n’ roll kreeg – om maar wat te noemen.

Wauw! gaat over de tijdgeest en de bijbehorende parafernalia, net als de expositie die hetzelfde museum twee jaar geleden aan de jaren vijftig wijdde. En misschien is dat ook maar beter zo. Op de recente tentoonstelling over de jaren zestig in het Haags Gemeentemuseum ging de beeldende kunst uit die periode immers maar moeizaam samen met de heksenketel aan tijdgebonden materiaal. De kunst haakte naar tijdloosheid, terwijl de rest juist op het nostalgische oja-gevoel mikte, en op de geamuseerde verbazing over zoveel gekkigheid van nog maar zo kort geleden.

Wat het Noordbrabants Museum nu vertoont, is vooral een bonte bedoening van zorgvuldig gereconstrueerde interieurs in de modekleuren oranje en bruin, inclusief muren van kurk, schrootjes, bijpassende broodtrommels en serviesgoed in diezelfde tinten, langspeelplaathoezen (Louis van Dijk, voor al uw zitkuilmuziek), tv-fragmenten, affiches, pamfletten, letterbakken vol hebbedingetjes, macramé-plantenhangers, spijkerpakken en omajurken, een condoomautomaat, en politieke cartoons. Een volgestouwde verzameling van tijdsverschijnselen is het, waarin alles vrolijk op elkaar aansluit. De slingermotieven in het decor van de Mies Bouwman-show Een van de acht, op een van de monitoren, worden naadloos voortgezet in het behang eromheen. Het behang speelt trouwens een voorname rol op Wauw! Zelfs het behang van die tijd, met zijn hallucinerende vormen en kleurcombinaties, weerspiegelde de visuele herrie van de buitenwereld.

Maar in de opeenhoping botst er ook wel eens iets. Bijvoorbeeld op een authentiek ogend, want appelgroen toilet, waar niet alleen de populaire moppenboekjes van Max Tailleur liggen en hangen, maar óók een Bescheurkalender van Koot & Bie aan de muur hangt. Terwijl die combinatie destijds door de scheiding der geesten – conservatief tegen progressief – ondenkbaar zou zijn geweest.

Minder voyant, maar door alles heen wel zichtbaar is het feit dat de vrijgevochten geest van de sixties pas in de seventies gemeengoed is geworden in de Nederlandse huiskamers. Ook aan de keukentafel werd over emancipatie gesproken, zei museumdirecteur Charles de Mooij tijdens de presentatie. En impliciet wordt ook duidelijk hoe militant die mondigheid allengs werd. Gepolitiseerd, geradicaliseerd, omgezet in aksie, harde aksie – volgens de fonetische spelling die destijds opgeld deed. Aan het eind van de jaren zeventig was vrijheid geen recht maar een plicht geworden. Men mócht niet vooruitstrevend zijn, men móest dat zijn.

Des te duidelijker blijkt dat op de gelijktijdige tentoonstelling Seventies in Nijmegen, die met enige ironie de ondertitel „tien krejatieve aksiejaren” kreeg. Hier gaat het over het radicalisme, zeg maar gerust het fanatisme dat juist het oude roomse bolwerk Nijmegen in vuur en vlam zette. Bij de ingang staan een paar oranje tv-ontvangertjes ter illustratie, maar er hangen ook meteen rode vlaggen.

In plaats van de hedonistische en anekdotische elementen die in Den Bosch hoogtij vieren, overheerst in museum Het Valkhof de stencil- en offsetcultuur. De aanplakbiljetten, pamfletjes, paperassen en video-interviews met betrokkenen van toen herinneren aan vrouwenboekhandel De Feeks, het lesbo-café De Pottengrot, actiegroep De Rode Flikkers, de macrobiotische winkel De Knollentuin, de solidariteitscampagne bij het 25-jarig bestaan van de Volksrepubliek China (het affiche lijkt een parodie op de beeldtaal van het arbeidersparadijs, maar was ongetwijfeld bloedserieus bedoeld) en de opstandige sfeer in menig Kreatief Aktiviteiten Sentrum.

Plaatsgebonden, puur Nijmeegs, maar tegelijk typerend voor de wirwar van linkse, maar elkaar soms toch bestrijdende subcultuurtjes die óók in de rest van het land bij de jaren zeventig paste.

Zo zitten deze twee tentoonstellingen elkaar niet in de weg. Ze vullen elkaar aan.

‘Wauw! Nederland in de jaren ‘70’ t/m 27 jan. in Noordbrabants Museum, Den Bosch. ‘Seventies in Nijmegen: Tien kreatieve aksiejaren’ t/m 6 jan. in Museum Het Valkhof, Nijmegen.