Kabinetscrisis over Afghanistan dreigt in Canada

In Canada, één van Nederlands bondgenoten in Afghanistan, loopt de politieke strijd over verlenging van de missie op. ‘De regering staat onder grote druk om de jongens in februari 2009 naar huis te halen.’

Een duidelijke parlementaire meerderheid tegen verlenging van de militaire gevechtsmissie in zuidelijk Afghanistan tekent zich af in Canada, dat het bevel heeft over de onrustige provincie Kandahar. Het is in toenemende mate onwaarschijnlijk dat de Canadese premier Stephen Harper binnenlandse steun zal kunnen krijgen voor voortzetting van het huidige Canadese mandaat, dat in februari 2009 afloopt.

De twee grootste oppositiepartijen in het Lagerhuis in Ottawa, de Liberalen en het Bloc Québécois, hebben vorige week geëist dat de Canadese missie in 2009 wordt voltooid, zoals afgesproken met de NAVO. Een derde oppositiepartij, de sociaal-democratische NDP, bepleit onmiddellijke terugtrekking van de Canadese militairen uit Afghanistan. Harper, die met een conservatieve minderheid regeert, heeft parlementaire steun nodig van tenminste één van de partijen om de operatie na februari 2009 voort te zetten.

Daarmee zijn de posities ingenomen voor een politieke confrontatie over de omstreden Canadese rol in Kandahar, die de komende maand zal worden beslecht in het Lagerhuis. Op 16 oktober levert het kabinet-Harper, dat vóór verlenging van het mandaat is, een troonrede af. Als Harper vervolgens een stemming over de koers van zijn beleid verliest, valt zijn kabinet. Evenals in Nederland, dat moet besluiten over verlenging van de missie in de aangrenzende provincie Uruzgan na 1 augustus 2008, is Afghanistan een van de belangrijkste kwesties.

Canada is sinds begin vorig jaar met ongeveer 2.500 militairen gelegerd in Kandahar, de bakermat van het voormalige Talibaan-regime. De Canadese operatie, meer gericht op bestrijding van opstandelingen dan op wederopbouw, is zeer omstreden. Bij aanslagen en gevechten deze maand liep het Canadese dodental op tot 71. Er bestaat al geruime tijd een sterk gevoel dat de Canadezen, samen met de Amerikanen, de Britten, en tot op zekere hoogte de Nederlanders, het zware werk doen terwijl andere NAVO-bondgenoten als Frankrijk, Duitsland en Italië zich schuil houden in het veel stabielere noorden en westen van het land.

Daarom is het tijd om de NAVO de wacht aan te zeggen, stelde oppositieleider Stéphane Dion deze week. „We moeten de NAVO nu laten weten dat de gevechtsmissie van Canada zeker in 2009 afloopt, en dat er plannen moeten worden gemaakt voor aflossing. We zijn bereid om te werken aan een nieuwe rol, maar de gevechtsmissie moet vanaf 2009 worden overgenomen door een ander land of een groep andere landen. Alleen zo komen we erachter of de NAVO werkt.”

Harper, een sterke voorstander van de operatie in Afghanistan, acht het in principe de verantwoordelijkheid van Canada om door te gaan. „We moeten ons richten op het doel, niet op een willekeurig tijdschema,” aldus de premier. „Want ik hoor niemand zeggen dat het goed is om het Afghaanse volk in de steek te laten.” Niettemin heeft de premier zijn onvoorwaardelijke steun voor de missie recentelijk genuanceerd; hij streeft naar „brede steun van bevolking en parlement voor de mannen en vrouwen die we op gevaarlijke missies sturen.” En zijn minister van Defensie, Peter MacKay, is op rondreis geweest bij bondgenoten om te pleiten voor versterking in het zuiden.

Harper moet zich politiek indekken omdat de operatie impopulair is onder het Canadese electoraat. Volgens een recente opiniepeiling is 68 procent van de bevolking tegen verlenging van de missie in Afghanistan. De oppositie is het sterkst in de overwegend Franstalige provincie Québec, dat momenteel het gros van de Canadese troepen levert. Bijna 80 procent van de Québécois is tegen verlenging – een probleem voor Harper, die stemmen nodig heeft in Québec wil hij kans maken op een meerderheid voor zijn partij bij de volgende verkiezingen.

Waarnemers zijn verdeeld over de uitkomst van de naderende confrontatie. Michel Drapeau, een kolonel b.d. en militair analist in Ottawa, meent dat beëindiging van de missie in de huidige vorm in 2009 het meest waarschijnlijke scenario is, mede omdat Canadese troepen het jaar daarop in Canada zelf nodig zijn voor de beveiliging van de Olympische Winterspelen in Vancouver. De Canadese krijgsmacht is nu bijna in zijn geheel gericht op roulerende diensten in Kandahar, „en dat kan niet voor altijd zo blijven, want dat is niet in het nationale belang van Canada”, zegt hij.

„De regering staat onder grote druk om de jongens in februari 2009 naar huis te halen, maar zal alles in het werk stellen om een Canadese aanwezigheid in Afghanistan te handhaven,” aldus Drapeau. „Ik kan me voorstellen dat het kabinet parlementaire steun krijgt voor vertrek uit Kandahar om elders in Afghanistan iets anders te doen. Wij hebben nog 18 maanden te gaan, en hebben dan meer dan het onze gedaan. Als de rest van de NAVO blijft weigeren om Canada, Nederland en de anderen af te lossen, dan moeten we gezamenlijk een andere strategie voor Afghanistan bedenken.”

Janice Stein, directeur van het Munk Centre for International Studies aan de Universiteit van Toronto, houdt sterk rekening met een kabinetscrisis over Afghanistan, gevolgd door verkiezingen in het najaar. Het is mogelijk dat die winst opleveren voor Harper, omdat hij er in de opiniepeilingen persoonlijk beter voorstaat dan zijn tegenstanders. „Dan krijgt hij zijn parlementaire instemming,” zegt Stein. „Ik denk niet dat het kabinet-Harper bereid is zich te binden aan terugtrekking in februari 2009 en onmiddellijke kennisgeving aan de NAVO, zoals alle oppositiepartijen willen. Dus tenzij één van de oppositieleiders die eis laat varen, gaan we hierover naar de stembus.”

Geen van beide analisten is overigens onder indruk van het argument dat Canada de missie wel moet verlengen omdat niemand in Afghanistan gemist kan worden, zoals Jaap de Hoop Scheffer, secretaris-generaal van de NAVO, deze maand zei in NRC Handelsblad. „Niemand kan weg,” zei de NAVO-chef, in het kader van het Nederlandse debat over verlenging van de missie.

„Het is wel juist, maar dat zal de politieke elite van Canada niet overreden, gezien het feit dat krijgsmachten in het noorden en westen van het land de troepen in het zuiden niet te hulp komen,” zegt Stein. „Tenzij er een grotere bereidheid is onder andere NAVO-landen om het zware werk te doen, zal het buitengewoon moeilijk zijn om een parlementaire meerderheid te krijgen voor verlenging.”

„Nergens staat geschreven dat Canada in Afghanistan moet zijn”, besluit Drapeau. „Hoe lang worden we geacht hiermee door te gaan? Tot 2010, of 2020, of 2030? Deze klus kan tientallen jaren gaan duren.”