De dubbelrol van de onbekende Allesweter

Van zijn hart had Willem Holleeder geen last meer bij de hervatting van zijn proces. De eerste week draaide om de vraag hoe belangrijk Holleeders positie was in het milieu.

De eerste week van het proces tegen Willem Holleeder ging officieel over de verdenking dat Holleeder betrokken is geweest bij de afpersing van de Amsterdamse zakenman Rolf Friedlander. Die zaak kwam wel even aan de orde, maar Holleeder en zijn advocaat Jan-Hein Kuijpers hadden een alternatieve agenda voor de eerste week. Het beeld van de „afperser” Holleeder die aan de touwtjes trok in de Amsterdamse onderwereld klopt niet. En dat wilde Kuijpers in de eerste week rechtzetten.

Om te beginnen, zo verklaarde Holleeder maandag, heeft hij de Amsterdamse zakenman Rolf Friedlander niet afgeperst, hij heeft hem juist gewaarschuwd voor Sam Klepper en John Mieremet. Dit penozeduo had het gemunt op Friedlanders zoon Pel. De reden? Ruzie over een meisje. Holleeder liet Klepper weten dat hij het „te gek voor woorden” vond om Pel Friedlander te vermoorden vanwege een meisje.

Maar Klepper was niet onder de indruk van Holleeders pleidooi. Holleeder: „Klepper zei dat het zo zou gebeuren als Mieremet dat wilde.” Holleeder nam Klepper en Mieremet zeer serieus, zo vertelde hij de rechtbank, en daarom waarschuwde hij pa Friedlander. „Wat had ik anders moeten doen?” vroeg Holleeder. Het waren onverwachte woorden van de man die in 1983 de familie Heineken samen met drie andere ontvoerders 35 miljoen gulden aftroggelde in ruil voor de vrijlating van Heineken en diens chauffeur.

Volgens misdaadjournalist Bas van Hout, die gisteren op verzoek van Holleeder was opgeroepen als getuige, had Holleeder minder macht dan je zou verwachten op grond van zijn status als Heinekenontvoerder. „Klepper en Mieremet spraken heel denigrerend over Holleeder”, zo verklaarde Van Hout. Dat Holleeder in de kwestie-Friedlander een beroep had gedaan op hun geweten vonden Kleppen en Mieremet het bewijs dat het imago van de ontvoerder Holleeder niet strookte met zijn daden, zei Van Hout.

Volgens de journalist waren Klepper en Mierement, en niet Holleeder, midden jaren negentig de baas in het Amsterdamse milieu. Toch hadden Klepper en Mieremet sinds die tijd wel veelvuldig contact met Holleeder. Volgens Holleeder gebeurde dat op verzoek van Willem Endstra. De in 2004 geliquideerde vastgoedmagnaat stond bekend als de bank van de onderwereld bij wie Klepper en Mieremet, net als veel andere criminelen, hun geld hadden gestald.

Endstra, met wie Holleeder „vier handen op één buik was”, wilde niet dat Klepper en Mieremet werden gezien op zijn kantoor. En daarom riep hij de hulp in van zijn vriend Holleeder. „Ik was naar die twee toe de spreekbuis van Endstra”, zo vertelde hij de rechtbank. Bas van Hout, die sinds midden jaren negentig veelvuldig sprak met Sam Klepper voor zijn boek De jacht op de erven Bruinsma, nuanceerde deze bescheiden rol voor de Heinekenontvoerder nog verder. „Klepper en Mieremet gebruikten Holleeder”, aldus Van Hout. „Ze zagen hem als een wagonnetje. Een bijwagen die ze konden afkoppelen als zij dat wilden.”

Dat beeld strookte volgens Van Hout in eerste instantie niet met het imago van Holleeder. „In vergelijking met Klepper en Mieremet is Holleeder een imponerende verschijning met een dominante persoonlijkheid”, aldus Van Hout. Maar Holleeder handelde volgens de misdaadjournalist uit lijfsbehoud: „Holleeder stond in 1996 op een dodenlijst. Als hij niet zou luisteren naar Klepper en Mieremet zou hij worden vermoord.”

Dit verhaal, zo vertelde Bas van Hout, werd hem zo’n twee jaar geleden verteld door iemand in de top van de onderwereld: „De Allesweter.” Volgens Van Hout was het iemand die door Klepper en Mieremet in vertrouwen werd genomen maar eigenlijk loyaal was aan Holleeder. Van Hout verhaalde over een dubbelspel in de onderwereld waarbij De Allesweter heimelijk alles doorvertelde aan Willem Holleeder. „Op die manier wist Holleeder hoe hij zich moest gedragen.”

Het verzoek om de identiteit van de Allesweter te onthullen, werd door Bas van Hout genegeerd. Tot grote ergernis van officier van justitie Koos Plooij. „Het valt op dat u zich veel details herinnert over Endstra, Klepper en Mieremet, mensen die allemaal dood zijn. Maar de naam van de man die uw hele verhaal kan bevestigen krijgen we niet.”

Plooij had eerder ook Holleeder al gevraagd om namen van mensen die zijn verhaal konden bevestigen. Na lang dralen kwam hij toen met de naam van de veelbesproken crimineel Mink Kok. Zou hij De Allesweter zijn die de ware rol van Holleeder in het milieu kan beschrijven? Bas van Hout wilde het niet zeggen. Willem Holleeder ook niet.