Groeten uit

Fotomontage. Technische realisatie: Robbert-Jan Henkes vertalers Erik Bindervoet & Robbert-Jan Henkes
Fotomontage. Technische realisatie: Robbert-Jan Henkes vertalers Erik Bindervoet & Robbert-Jan Henkes Henkes, Robbert-Jan

De nachten beginnen weer te lengen. Het regent zomerrecessen. Het vakantieseizoen breekt aan. Iedereen pakt zijn koffers en zijn biezen en vertrekt naar zonniger oorden om eens lekker uit te blazen. Behalve de inwoners van Vertalië. Die gebruiken de vakantie om hun vertaalachterstanden weg te werken. Vertalië. U kent dat land inmiddels. Het land waar de zomerkoninkjes verpieteren. Het land waar de mensen nog goed en lekker zijn. Het land waaruit wij embedded in modieuze plusfours een half jaar lang hebben mogen berichten met ansichten en inzichten, uitzichten en opzichten. Wij dachten oorspronkelijk dat we erheen gingen voor een vechtmissie, maar het is van begin af aan een echte opbouwmissie gebleken. De gevreesde aanvallen van de Vertaliban zijn beperkt gebleven tot enige te verwaarlozen speldeprikjes. Van bermbommen en zelfmoordaanslagen hebben we nauwelijks last gehad. Vele scholen hebben we neergezet, voorbereidend wetenschappelijk, middelbaar beroeps en bijzonder neutraal. Vele wegen hebben wij aangelegd, van zijpaadjes tot middenwegen. Vele reacties hebben we ontlokt op de weblog. We hebben het gevoel dat we Vertalië figuurlijk, maar vooral letterlijk op de kaart hebben gezet. Een olievlekje in een enorme oceaan van taligheid. We hebben de Vertalianen een hart onder de tongriem proberen te steken en ze aangemoedigd uit hun betonnen schulp te kruipen. Laat je niet koeioneren, laat je niet verleiden tot gladstrijken en platslaan, kom uit je konijnehol! Jullie zijn iemand! Is daarmee onze missie ten einde? Wij hopen, en vrezen, van niet. Er zijn nog vele inzichten te verwerven en briefkaarten te versturen. Er zijn nog vele onontgonnen, ongerepte gebieden in Vertalië die nog niet zijn betreden, laat staan platgetreden, door toeristen. Vele no go areas die nog zuchten onder het juk van de godsdienst van de god Hoethoort. Het schijnt bijvoorbeeld te horen dat boeken in het Nederlands altijd in het Noord-Nederlands zijn gesteld. Vlaams is uit den boze. Waarom eigenlijk? Stelling: als Willy Vandersteen na de Tweede Wereldoorlog had geweigerd om zijn Suske en Wiskes in het Noord-Nederlands te laten vertalen, spraken we nu allemaal Vlaams en dan wisten we wat spreekdraad was en doddelen, een kemel, ribbediebie, truut en een gekalibreerde kwibus. En dan hoefden we niet zo schaapachtig stom te lachen als het woord goesting, plezant of amaai valt. En is er al eens door middel van een vergelijkend warenonderzoek uitgezocht hoe Nooit meer slapen is vertaald in het Engels, Duits en Frans? Hoe vertaal je eigenlijk dingen die een auteur expres fout doet en hoe weet je of het expres is als de auteur al lang en breed in zijn graf ligt te rusten en niet meer met een e-mailtje te bereiken is? Er zijn ook nog vele vertaalwebsites te bezoeken, zoals het zeer praktijkgerichte www.boekvertalers.nl. En hoe zit het met het vertalen van grappen? Mag je leuker willen zijn dan de auteur en wat is in dit verband de compensatieclausule van Posthuma precies? En wat is eigenlijk het verschil tussen schrijven en vertalen? Moet je treurig worden van rechtstreeks uit Engels overgenomen uitdrukkingen als ‘soort van’ of ‘brekend nieuws’, of moet je ze zien als een verrijking van het Nederlands waar je als vertaler en schrijver zo snel mogelijk je hand op moet leggen? Het is een mooi land, Vertalië, en het groeit met de dag. Wish you were here. Tabé en vertaal ze!

weblogs.nrc.nl/weblog/vertalie