Franse celstraf Nederlandse kunstrover

Een Nederlandse antiquair is in Frankrijk veroordeeld tot een gevangenisstraf van 14 maanden voor de smokkel van geroofde kunst.

De rechtbank van Fontainebleau heeft de 52-jarige Franciscus T. daarbij een voorwaardelijke celstraf van 6 maanden opgelegd. De antiquair is onmiddellijk vrijgelaten omdat hij al dertig maanden in voorarrest heeft gezeten. De straf is aanzienlijk lager uitgevallen dan in vergelijkbare zaken, doordat de kunstroof een decennium geleden heeft plaatsgehad.

Met drie andere verdachten was T. betrokken bij een bende die van 1994 tot 1998 in Frankrijk bij vaak gewelddadige overvallen vazen, tapijten, schilderijen en klokken buitmaakte. T. is nu veroordeeld voor betrokkenheid bij de roof van dertien voorwerpen uit kasteel Fontainebleau. Onder de voorwerpen waren gouden zwaarden die ooit aan Napoleons broer Jerome Bonaparte toebehoorden.

Behalve T. werden in deze zaak ook de Nederlanders Antonius van H. (52) en Petrus S. (44) aangeklaagd. De zaak tegen S. is uitgesteld omdat hij in Nederland een straf uitzit voor de handel in xtc. H. is nu vrijgesproken, omdat hij eerder in Nederland al een schikking had getroffen voor dezelfde diefstal. „Het heeft alleen erg lang geduurd voordat we dat de Franse justitie duidelijk hebben kunnen maken”, zegt zijn advocaat C. De Jongh-Dunand.

De zaak tegen de vierde verdachte werd eerder al geseponeerd. T. en H. moeten wel een nog schadevergoeding betalen aan de slachtoffers; hoeveel is onbekend, maar de officier van Justitie sprak eerder van enkele tonnen. De schadevergoeding is mogelijk een reden voor H. om in hoger beroep te gaan. H. zit ook in Nederland in de gevangenis.