Jongeren komen van Venus

Jongeren van tegenwoordig en werkgevers van vroeger willen nog wel eens botsen.

Wen maar aan die sms-taal, is de slotconclusie van de Taskforce Jeugdwerkloosheid.

Het CWI in Rotterdam, maart 2006. Werkzoekende jongeren hechten minder aan status; wel aan vrijheid en uitdaging. Foto Hollandse Hoogte Nederland, Rotterdam, 9 maart 2006 CWI Centrum voor Werk en Inkomen allochtone jongeren CWI is een Nederlandse organisatie die voor werkzoekenden het eerste aanspreekpunt is bij het vinden van werk of bij het verkrijgen van een WW of Bijstands uitkering. Werkgevers kunnen bij het CWI terecht voor personeelsbemiddeling en informatie over de arbeidsmarkt. Het CWI is de organisatie die ontslagvergunningen verleent en arbeidsrechtelijke informatie geeft. Het CWI werkt in opdracht van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Onder het motto
Het CWI in Rotterdam, maart 2006. Werkzoekende jongeren hechten minder aan status; wel aan vrijheid en uitdaging. Foto Hollandse Hoogte Nederland, Rotterdam, 9 maart 2006 CWI Centrum voor Werk en Inkomen allochtone jongeren CWI is een Nederlandse organisatie die voor werkzoekenden het eerste aanspreekpunt is bij het vinden van werk of bij het verkrijgen van een WW of Bijstands uitkering. Werkgevers kunnen bij het CWI terecht voor personeelsbemiddeling en informatie over de arbeidsmarkt. Het CWI is de organisatie die ontslagvergunningen verleent en arbeidsrechtelijke informatie geeft. Het CWI werkt in opdracht van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Onder het motto Hollandse Hoogte

Met lange haren en een modieus „John Lennon-brilletje” begon Hans de Boer (Oostdongeradeel, 1955) ooit aan zijn eerste baantje. Bollen pellen bij een Friese bloembollenteler in de buurt.

„Ik was een jaar of veertien en zag er niet uit”, vertelt De Boer guitig. „Op de eerste dag probeerde ik zo’n dure tulpenbol tegen iemand zijn harsens te gooien. Mis natuurlijk, en dat dat ding spatte tegen de muur uiteen. Ben ik meteen de laan uitgestuurd. Nee, ik heb daar niet glansrijk carrière gemaakt.”

De Boer ging wat anders doen. Na het gymnasium in Sneek studeerde hij economie aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Hij zat vijf jaar in het dagelijks bestuur van de Sociaal-Economische Raad, was even lang voorzitter van MKB-Nederland.

Op verzoek van premier Balkenende begon De Boer in 2004 aan iets nieuws. Hij werd voorzitter van de Taskforce Jeugdwerkloosheid die in drie jaar tijd 40.000 werkloze jongeren aan de slag moest krijgen. Dat is de werkgroep gelukt en met een grote show in de Ridderzaal nam De Boer deze week afscheid.

In Pakken en Piercings hebben De Boer en Mirjam Jansen nu de ‘kruimelige inzichten’ van de werkgroep beschreven. Het is geen droog rapport, maar een echt boekje want „iets met zo’n slappe kaft flikkeren ze toch maar weg”, volgens De Boer. Verder: praktische tips, een handvol grotere conclusies en veel interviews, foto’s en cijfers. De onderkop Een atlas over jeugd en deugd, arbeid en scholing duidt ook op een generatieschets. Want de tijden waarin De Boer nog bollen pelde, zijn veranderd.

Vooraf ging de werkgroep er te gemakkelijk vanuit dat jeugdwerkloosheid alleen conjunctureel was. De oplevende economie zou het probleem ‘vanzelf laten verdampen’. „Daarom durfde ik die taakstelling van 40.000 ook aan”, zegt De Boer. „Ik dacht: dadelijk gaat het weer goed met de economie en dan blazen we die jongeren zó de arbeidsmarkt op. Maar het bleef veel langer slecht.”

Om resultaat te behalen, heeft de werkgroep zich eerst gericht op de meer kansrijke werkloze jongeren met een diploma. De ongediplomeerde en ongemotiveerde jongeren kwamen pas in de laatste fase aan bod. „Ruim een jaar geleden hebben we de zwaai gemaakt naar de moeilijke groep. Daar hebben we wel wat dingen voor kunnen doen, maar ik hang niet direct de vlag uit.”

Het gros van de zogenoemde generatie M (‘Millennium’) wil best werken als de baan maar ‘leuk’ is, concludeerde een enquête van Manpower vorig jaar. Jongeren hechten niet al te veel aan status en positie; wel aan vrijheid, afwisseling, uitdaging en een genoeg tijd voor het privéleven. Zelfontplooiing vond 90 procent van de ondervraagden belangrijk en ze gaan er eigenlijk van uit dat het met het salaris wel goed zit.

De ik-mentaliteit is nog nooit zo groot geweest, zegt onderzoekster Ineke van Meel van Randstad in Pakken en Piercings: „Sommige studenten zijn prinsjes en prinsesjes. Ze zijn door hun ouders in de watten gelegd en in het middelpunt van de belangstelling geplaatst. Doordat deze ouders geen grenzen durfden te stellen, hebben ze niets hoeven te doen wat ze niet leuk vinden. Het gevolg is dat ze heel snel afhaken als iets ze niet bevalt. Of het nu werk is of studie.”

Voor het eerst op de werkvloer hebben jongeren vaak ook geen idee van de omgangsvormen, volgens De Boer. Het voorbeeld dat hij graag aanhaalt, is een e-mailtje van ‘Bianca’ aan een werkgever: ‘Wil heel graag stage komen lopen al shet ken ben 15 jaar en zit op de max de wit school ik wil heel graga met muzken en geluid werke dus ik d8 dat dit wel een goeie winkel was om stage te kunnen lopen ????? hoor nog wel jullie groetjes bianca’. Na vijf minuten stuurde Bianca opnieuw een mailtje ‘...dus ik weet niet of ik nog what te horen krijg van jullie maar jah’.

Sollicitanten met pet of zonnebril, opzichtige tatoeages en piercings, in baggy trousers of zelfs met djellaba; werkgevers maken het mee en weten niet wat ze ervan moeten denken. ‘Jongeren komen van Venus, werkgevers van Mars’, vergelijkt Pakken en Piercings. Speciaal voor stagiairs is eind vorig jaar al het boekje Van naveltruitje tot slappe koffie uitgegeven met praktische kledingtips.

Wie deze jongeren zijn, wordt alleen niet goed duidelijk in Pakken en Piercings. Onderverdeling naar leeftijd, achtergrond of opleidingstype blijft grotendeels achterwege. „Op dat niveau is geen onderzoek gedaan”, legt De Boer uit, „maar ik wil er wel wat over zeggen. Jongeren met hogere opleidingen hebben over het algemeen meer aanpassingsvermogen. In hun vrije tijd dragen ze wel een gekke broek of een raar petje. Maar als ze een baantje binnen moeten slepen, zijn ze zo slim om even iets anders aan te trekken. Of niet, en dan is het heel bewust.”

De centrale boodschap van Pakken en Piercings is dat werkgevers voorbereid moeten zijn op deze M-generatie: „Neem zo’n Bianca van dat mailtje. De gemiddelde werkgever zal denken ‘wat een doos’. Maar zo communiceren jongeren tegenwoordig. Nodig die Bianca gewoon uit voor een gesprek. Daar kan best een gouden meid achter zitten, echt waar.”

Pakken en Piercings, Hans de Boer/Mirjam Jansen, Uitgeverij Thoeris, 196 pag.,19,95 euro