Wonderpil in de problemen

Rimonabant wachtte een grootse toekomst, als middel tegen overgewicht en diabetes. Maar in de VS heerst nu argwaan.

Rimonabant, ook in deze krant gekopt als ‘wonderpil’ om welvaartsziekten zoals zwaarlijvigheid te bestrijden, mag in de Verenigde Staten misschien niet eens op de markt komen. Een deskundigencommissie van de toelatende Food and Drug Administration (FDA) gaf vorige week woensdag een onverdeeld negatief advies. De uiteindelijke beslissing schijnt op 26 juli te vallen. In Europa is rimonabant een jaar geleden, op 19 juni 2006, wel toegelaten,.

Zelfmoord en zelfmoordgedachten, dat is waar rimonabant misschien op sneuvelt als pil tegen overgewicht èn tegen type-2-diabetes, een verstoorde cholesterol- en vetzuurhuishouding en het metabool syndroom. Bij het metabool syndroom heeft iemand een beetje te hoog cholesterolgehalte, een beetje te hoge bloeddruk, is iemand te dik met vooral vetafzetting in de buikholte en heeft hij een dreigend type-2-diabetes. De hele database van ruim 100.000 mensen die tot nu toe rimonabant slikten bevat twee zekere gevallen van geslaagde zelfmoord. En er waren 74 mensen met zelfmoordpogingen- en gedachten, maar daar waren ook mensen bij die tijdens onderzoeken een neppil slikten en geen rimonabant.

Dat staat in het FDA Briefing Document van 88 pagina’s over rimonabant (te vinden op www.fda.gov). De adviescommissie schrijft het ‘plausibel’ te vinden dat mensen psychisch ziek worden van rimonabant. Die mening destilleren de stofwisselingsdeskundigen in de commissie uit de uitgebreide beschrijving van het lichaamseigen cannabinoïdsysteem. Dat is waar rimonabant op ingrijpt. Rimonabant blokkeert de werking van de CB1-receptor, een molecuul waar de door het lichaam zelf gemaakte cannabinoïden op binden. Die CB-receptoren komen op ruime schaal voor in de hersenen en in de rest van het lichaam. Ze proberen uit de hand gelopen lichaamsreacties te onderdrukken, zoals bij stress, angst en depressie, maar ook bij afweerreacties.

In de onderzoeken die voor de markttoelating zijn gedaan, schrijft de commissie, had een kwart van de deelnemers die rimonabant slikte last van een psychiatrische bijwerking. Onder de placeboslikkers was dat een achtste. En dat terwijl mensen met een recent ‘psychiatrisch verleden’ helemaal niet aan die onderzoeken mee mochten doen. Bovendien hield de helft van de deelnemers aan die één- of tweejarige onderzoeken naar gewichtsvermindering er voortijdig mee op. Daarbij waren mensen die anti-depressiemedicijnen begonnen te slikken, schrijft de commissie. Die mensen moesten uit het onderzoek, omdat veel antidepressiepillen dikmakers zijn.

De vetste markt – om het zo maar eens te zeggen – die er voor een afvalpil is, dreigt dus nu voor de rimonabant gesloten te blijven.

Wim Köhler