Argentinië keert de rug naar de wereld

argentina.jpgTerwijl vrijwel alle Latijns Amerikaanse presidenten steeds vaker als zendelingen door de wereld trekken om nieuwe politiek strategische en economische allianties te vormen met andere landen, gebeurt in Argentinië het omgekeerde. Onder het bewind van de in 2003 aangetreden president Néstor Kirchner heeft Argentinië de wereld de rug gekeerd. De nationalistische, populistische politieke leider is met geen stok over de grens te krijgen. ,,De internationale agenda van Kirchner is bijna bevroren´´, kopt het dagblad La Nación boven een overzicht waarin het isolement van het op een na grootste Zuid-Amerikaanse land wordt beschreven. Aan het einde van de wereld zitten de deuren en de ramen potdicht.In 2003 bezocht Kirchner negen vreemde landen. In 2004 werd het regeringsvliegtuig de Tango 01 veertien keer ingezet. Het jaar daarop twaalf keer en in 2006 elf maal. Dit jaar is Kirchner pas drie keer over de grens geweest: een keer een dagje naar de buren in Brazilië en twee keer naar de vrijwel enig overgebleven politieke bondgenoot Hugo Chávez in Venezuela.

hugonestor.jpgDe gebrekkige belangstelling voor de buitenwereld blijkt ook uit de al maar stijgende schulden die Argentinië heeft bij het betalen van de contributie aan internationale organisaties. Op dit moment is het land ondanks record overschotten op de betalingsbalans 240 miljoen dollar schuldig aan dergelijke instellingen. Argentinië heeft wegens wanbetaling stemrecht verspeeld in de wereld gezondheidsorganisatie. Hetzelfde dreigt te gebeuren in de wereld landbouworganisatie en in Unesco.

Argentijnse diplomaten klagen steen en been over het gebrek aan steun van de regering. Het ontbreekt ze aan middelen om hun diplomatieke posten fatsoenlijk draaiende te houden. En er is ook geen internationale strategie, geen plan, niks.

Het enige buitenland waar Kirchner zich af en toe over uitlaat tijdens de opening van het een of het ander, is niet van hem. Al ziet de Argentijnse president dat, zeker in de huidige verkiezingstijd, heel anders. Vorige week nog riep hij dat Argentinië niet zal rusten totdat de blauw witte vlag wappert op de Britse Falkland eilanden.

NRC Handelsblad 21 juni 2007

Oppositie Argentinië heeft nu een gezicht

Rechtse voetbalmagnaat met politieke ambities bedreigt positie van president Kirchner

Intro: Vier maanden voor de presidentsverkiezingen begint de positie van de Argentijnse linkse politieke leider Néstor Kirchner plots te wankelen. Rechts gaat zondag op de loop met de hoofdstad.

Door onze correspondent

Marcel Haenen

BUENOS AIRES, 21 JUNI. Met zijn voetbalteam Boca Juniors won hij vannacht afgetekend het clubkampioenschap van Latijns-Amerika, de Copa Libertadores. En zondag wacht naar het zich laat aanzien weer een zege. Dan zal Boca-president Mauricio Macri, geslaagd ondernemer en aanvoerder van de conservatieve politieke partij Pro, worden gekozen tot burgemeester van Buenos Aires.

Met de verkiezing tot de baas van de Argentijnse hoofdstad is Macri (48) na president Néstor Kirchner (57) de machtigste politicus van Argentinië. In en om Buenos Aires wonen ruim twaalf miljoen mensen, eenderde deel van de bevolking van het land dat ruim tachtig keer zo groot is als Nederland. Macri wordt door de zegereeks ook de belangrijkste aanvoerder van de tot nu toe gezichtsloze Argentijnse oppositie.

De linkse revolutie die de afgelopen jaren het beeld bepaalde in Latijns-Amerika, lijkt in het - op Brazilië na - grootste land van Zuid-Amerika zijn keerpunt te beleven. De tot voor kort onaantastbare positie van de in 2003 gekozen socialistische president Kirchner begint vier maanden voor de presidentsverkiezingen van Argentinië nadrukkelijk te wankelen.

De voornaamste illustratie van de politieke klimaatverandering bleek begin deze maand in de eerste ronde van de burgemeestersverkiezingen van Buenos Aires. Macri behaalde bijna twee keer zo veel stemmen als zijn naaste belager: de luidruchtig door de Argentijnse president naar voren geschoven kandidaat en huidig minister van Onderwijs Daniel Filmus (51). Macri kan zondag in de tweede ronde de zege niet meer ontgaan.

De tot 2003 vrijwel onbekende, uit pinguïnland Patagonië afkomstige gouverneur Kirchner heeft plotseling het tij tegen. Tot voor kort waande hij zich zo almachtig dat hij serieus van plan is om volgende maand zijn echtgenote Cristina Fernández aan te wijzen als zijn kandidaat voor het presidentschap. Zo kan het echtpaar Kirchner, alternerend, zestien jaar aan de macht blijven. „Het wordt een pinguïn of een pinguïnnetje”, zegt hij steeds.

Kirchner geldt als de man die Argentinië er economisch weer bovenop heeft geholpen. „Van Argentinië een serieus land maken”, was zijn motto. Als gevolg van een ongekende economische crisis in 2002 was het land vrijwel onbestuurbaar geworden. Argentinië dreigde van de wereldbol te vallen. Aanhoudende economische groei van gemiddeld jaarlijks tien procent heeft de Argentijnen nieuw zelfbewustzijn gegeven.

Maar langzaam maar zeker wordt duidelijk dat de economische wederopstanding slechts conjunctureel soelaas biedt. De groei is voor een belangrijk deel te danken aan de hoge prijzen van grondstoffen. De architect van het financiële beleid, de minister van Economie, Roberto Lavagna, stapte in november 2005 gefrustreerd op omdat hij niet langer overweg kon met de autoritair regerende Kirchner. Lavagna is nu kandidaat voor het presidentschap.

In tegenstelling tot buurlanden als Chili en Brazilië trekt Argentinië nauwelijks buitenlandse investeerders. Kirchners innige politieke alliantie met de leider van de Bolivariaanse revolutie in Venezuela Hugo Chávez - nu de voornaamste geldschieter van Argentinië - lijkt buitenlandse ondernemers af te schrikken.

„Kirchner laat na structurele maatregelen te treffen om de economie te verbeteren. De tarieven in de energiesector mogen bijvoorbeeld niet worden verhoogd. Daardoor bestaat er weinig animo om in het olie- en gasrijke land tot exploratie en exploitatie van nieuwe bronnen over te gaan”, zegt een Europese ondernemer in de oliesector. De activiteiten van zijn firma worden verplaatst naar de Caraïben.

Dat Argentinië nog steeds makkelijk wankelt, blijkt ook in het huidige uitzonderlijk koude jaargetijde. Op de elektriciteitsleveranties aan bedrijven wordt gekort omdat er te weinig brandstof is. Taxichauffeurs blokkeerden het afgelopen weekeinde wegen omdat aan de pomp geen benzine te koop was. De grens van de groei is bereikt.

De sociale spanningen nemen ook toe omdat de economische groei teniet wordt gedaan door de inflatie. Officieel bedraagt die al een paar jaar tien procent. Maar volgens de oppositie stijgen de kosten van levensonderhoud veel sterker. Dat is ook de mening van voortdurend demonstrerende medewerkers van het Argentijnse bureau voor de statistiek (Indec) dat de inflatie berekent. Ze zijn het er niet mee eens dat de leiding van hun instelling eerder dit jaar door de regering werd vervangen toen de cijfers bleken tegen te vallen.

Of de presidentsverkiezingen in oktober nog echt spannend worden, zal er ook van afhangen of de oppositie één alternatieve kandidaat naar voren weet te schuiven. Tot nu toe is dat niet het geval.

Kirchner doet zijn tegenstrevers af als de oude neoliberale hap die in de jaren negentig het land vernietigde. „Vrienden van Carlos Menem (de conservatieve president uit de jaren negentig, red.)”, aldus Kirchner eerder deze maand.

Maar die karakterisering kwam als een boemerang terug. Een dag later doken allerlei video’s op waarop te zien was hoe toenmalig gouverneur Kirchner president Menem op werkbezoek knuffelde en na Perón „de beste president van het land noemde”.

De oppositie ruikt bloed. En met een eclatante overwinning zondag van Macri op de kandidaat van Kirchner kan volgens de meest gezaghebbende Argentijnse politieke analist Joaquín Morales Solá „het decor in het politieke theater snel wijzigen”.