Het eerste natuurpark van de Palestijnen

Palestijnse en Israëlische biologen organi- seerden ieder een eigen vogelfestival op de Westbank. En de Palestijnen openden hun eerste natuurreservaat. Rypke Zeilmaker ging kijken of je er veilig kunt vogelen

NATUUR: Voorjaar in Jordaanvallei bij Nakhal Meskiot op Westbank Foto Rypke Zeilmaker
NATUUR: Voorjaar in Jordaanvallei bij Nakhal Meskiot op Westbank Foto Rypke Zeilmaker Zeilmaker, Rypke

Israël en de Palestijnse gebieden zijn vooral bekend door Hamasterreur en door Joodse kolonisten die stukken Westbank annexeren. Daardoor is nauwelijks bekend dat de natuur in de regio tot één van de rijkste ter wereld behoort.

Op een oppervlak kleiner dan Nederland zijn meer dan vijfhonderddertig vogelsoorten geteld, ruim honderd soorten reptielen, en honderd zoogdiersoorten waaronder hyena’s, wolven en gazellen. Landschappen lopen uiteen van besneeuwde bergen in de Golan tot groene valleien en dorre woestijnen in het zuiden met koraalriffen in de Rode Zee bij de populaire badplaats Eilat.

Israël is ook wereldberoemd als snelweg voor vogeltrek waar jaarlijks een geschatte half miljard vogels over vliegen van en naar Afrika. In de jaren negentig kwamen hier meer dan honderdduizend vogelaars op af, vooral Britten die qua aantal de belangrijkste natuurtoeristen vormden. Maar sinds het geweld van de Tweede Intifada in september 2000 oplaaide, schrapten natuurreisbureaus Israël uit hun pakket, en de Westbank werd no-go area.

rakettenregen

Een nieuw internationaal vogelfestival dit voorjaar in bikini-oord Eilat aan de Rode Zee moest aantonen dat veilig vogelen in Israël weer mogelijk is. Tussen palmbomen en zwembaden in Hotel Agamim werden vogelaars uit Israël en Europa vijf dagen lang getrakteerd op lezingen van internationale experts. Iedere ochtend startten excursies richting natuurgebieden in de woestijn rond Eilat.

Het nieuwe festival in Eilat is een herkansing. Een afgelopen najaar gepland festival in de noordelijk gelegen Hula Vallei liep voortijdig in de soep door de aanvallen van Hezbollah. Het regende raketten in de vallei. „In Eilat zitten we vér ten zuiden van crisisgebied en het is hier goed vogelen”, zegt Dan Alon, directeur van het Israëlisch Ornithologisch Centrum. „We hopen dus dat natuurliefhebbers zich niet meer laten afschrikken, zodat we volgend jaar weer een festival kunnen houden.”

Alon grijnst en klopt even af. Ook Eilat werd tot ieders verrassing in januari nog door een aanslag getroffen, de eerste in haar geschiedenis. Maar het leven gaat door. Tijd dus om te zien wat Israël te bieden heeft op vogelgebied. De Israëli’s huren hiervoor gidsen die in het wereldje wereldberoemd zijn. Eén van hen is Jonathan Meyrav, een dertigjarige beroepsvogelaar met paardenstaart. Hij geeft vogels kijken een bijna olympische aanblik met zijn snelle bewegingen en spoorzoekerskunst.

Met effect. Een ochtend in Eilat en omgeving biedt steppearenden, slangenarenden en honderden steppebuizerds die cirkelen rond de chocoladebruine Eilat Mountains. Maar ook Barbarijse valken en topzeldzaamheid de Sinai roodmus. Op een nachtelijke trip richting de Dode Zee zien we de zeldzaamste vogel van het Midden Oosten, de Nubische nachtzwaluw. Deze komt alleen nog voor in een nabijgelegen mijnenveld aan de Jordaanse grens. Met hulp van een fikse lamp laat de spookachtige vlinderjager zich zien.

Richt bij de Jordaanse grens de camera niet op een wachtpost, want vrijwel direct komt dan een militair voertuig aanstormen. Maar de soldaten blijken vergevingsgezind. „Veel zogenaamde geheime militaire bases in de Negevwoestijn zijn bij vogelaars bekend omdat ze veel vogels trekken die op water en begroeiing op de basis afkomen”, zegt onze andere gids Itai Shanni. „Als je duidelijk laat zien dat je voor de natuur komt, willen militairen wel een oogje dichtknijpen.”

Palestijnse honingwijzer

Ik verlaat het festival in Eilat tussentijds om directeur Imad Atrash van de Palestine Wildlife Society te bezoeken. Hij nodigt me uit bij het Palestijnse vogelfestival in Jericho op de Westbank. Ook vindt de opening plaats van het eerste Palestijnse natuurreservaat op de Westbank. De timing van de beide festivals is volgens Atrash symbolisch bedoeld. Palestijnse en Israëlische vogelliefhebbers willen zich net als de trekvogels niet aan grenzen storen, al is Israël ontoegankelijk voor Palestijnen sinds de Tweede Intifadah.

Ik ontmoet Atrash achter het Jericho-checkpoint op de Westbank, een bewapende Israëlische wachtpost die het uitgaande verkeer controleert. „Welkom in de oudste en laagst gelegen stad van de wereld”, zegt Atrash als hij de autodeur opent. „Nu kun je zien hoe wij hier natuur beleven. Normaal wordt er alleen over ons geschreven als er geweld in het spel is.”

Anders dan in Eilat zal ik op de Westbank niet een bataljon vogelaars met telescopen aantreffen, zo vertelt Atrash alvast. „We mogen van het Israëlische leger geen verrekijker gebruiken om de vogeltrek te bestuderen”, zegt hij. „Dat beschouwen ze als spionage. We kunnen dus niet altijd soorten herkennen bij trektellingen.”

De officiële start van het festival vindt plaats in een feesttent met Arafatportret. Fatah-hoofdonderhandelaar Saeb Erekat houdt hier een verhitte openingsspeech over natuurtoerisme en nationale trots. Hij vertelt hoe hij een kolibrieachtig vogeltje, de Palestijnse honingwijzer dankzij Atrash leerde kennen. Wat Erekat niet weet is dat de Israëli’s dit voor de regio unieke vogeltje willen claimen als nationale vogel. Alleen de naam zou wat problematisch zijn, zo liet Dan Alon in Eilat weten.

Het festivalpubliek bestaat vooral uit schooljeugd gehuld in T-shirts met Arafatopdruk. Die Arafatjeugd begint te joelen na iedere slotzin in een speech, ook na de toespraak van een 86-jarige Amerikaanse kunstenares. „You must stop the killing, and watch the birds”, zo draagt zij Hamas en Fatah op.

Dat laatste, birdwatching, gaat de Arafatjeugd alvast doen. Na de toespraakronde krijgen ze een Palestijnse vogelposter mee van Atrash en ze verdwijnen met hun lerares het reservaat in, een botanische tuin met vogelvijver.

Voor een Westers oog lijkt dit nieuwe reservaat een dor rommeltje. Een betonnen bunker blijkt bij nader inzien een vogelkijkhut. Voor de gemiddelde Palestijn is een natuurreservaat als beschermd gebied vooral een nieuw fenomeen. Een student van Imad moet tijdens een rondleiding door het gebied steeds lokale jeugd bij de vijver wegjagen die hem anders leegvist voor de barbecue. Ook sneuvelt al tijdens het festival een deel van de plantengroei als brandhout – er wordt brood gebakken op een steengrill.

Kalasjnikov-geweren

„Zorg wel dat je levend terugkomt”, zo grapte een Duitse vogelaar bij mijn vertrek naar de Westbank. Maar de Palestijnen blijken bijzonder gastvrij, en de vrolijke sfeer op het festival vormt een weldadig contrast met de in zichzelf gekeerde Israëli’s. Toch zal de gemiddelde Westerling zich meer op zijn gemak voelen in comfortabel Israël, ook in cultureel opzicht. Eenmaal op Palestijns gebied betreed je een Derde Wereld-chaos waar niet alleen vrolijke natuurvrienden rondlopen maar ook veel te jonge jongens met Kalasjnikov-geweren die alleen Arabisch spreken.

Verschil in mentaliteit en cultuur uit zich ook in natuurbeleving. De Israëli’s melden na afloop van hun festival trots dat ze 219 vogelsoorten hebben gezien, en een Brits vogelreisbureau neemt Eilat weer in de reisgids op. Voor de Palestijnen is het natuurfestival vooral een stap richting een meer normaal leven, en de natuurliefde gaat bij het gros door de maag.

Er zijn voor de doorsnee natuurtoerist in deze regio anno 2007 in ieder geval grotere gevaren dan terrorisme. Terug in Israël, tijdens een rit met vogelgids Itai Shanni over de snelweg, schiet zijn voet plotseling richting rempedaal, en ik schrik even. De reden voor de abrupte stop blijkt op een aangrenzende telegraafpaal te zitten: een visarend. Maar we hebben geluk en dus ontstaat geen kettingbotsing. Shanni is één van de weinige vogelaars die niet alleen naar buiten kijkt maar ook eerst in zijn achteruitkijkspiegel.

www.birds.org.ilwww.parks.org.ilwww.wildlife-pal.org