200 kilo kind

Er komen steeds meer dikke kinderen. Maar de behandeling in de enige kliniek voor de allerdikste kinderen wordt niet meer vergoed. Wachten op de eerste puber met een hartinfarct.

Een 10-jarige patiënt, na bijna zes maanden in Heideheuvel. Zijn zwembroek is hem te groot geworden. Kinderen gaan na het afvallen vaak naar de plastisch chirurg om overtollige huid te laten weghalen Foto Evelyne Jacq Europa, Nederland,Hilversum, 14-06-2007 KBCZ, Koepel Behandelcentra Chronische Ziekten, Heideheuvel. Behandelcentrum voor Obesitas kinderen, een vorm van ernstig overgewicht, Zo ernstig dat het wordt gezien als een chronische ziekte. Onder begeleiding van een interdisciplinair team: een kinderarts, een di‘tist, een bewegingsdocent, een oefentherapeut, een psycholoog, een maatschappelijk werker en een groepsopvoeder wordt er een programma samengesteld, Het doel van de behandeling is afvallen door middel van voedingrichtlijnen, beweging, gedragsverandering. Bewegings therapie in het zwembad van het behandelcentrum. Een kind houdt zijn nu iets te ruim zwembroek vast Foto: Evelyne Jacq gezondheidszorg zwemmen
Een 10-jarige patiënt, na bijna zes maanden in Heideheuvel. Zijn zwembroek is hem te groot geworden. Kinderen gaan na het afvallen vaak naar de plastisch chirurg om overtollige huid te laten weghalen Foto Evelyne Jacq Europa, Nederland,Hilversum, 14-06-2007 KBCZ, Koepel Behandelcentra Chronische Ziekten, Heideheuvel. Behandelcentrum voor Obesitas kinderen, een vorm van ernstig overgewicht, Zo ernstig dat het wordt gezien als een chronische ziekte. Onder begeleiding van een interdisciplinair team: een kinderarts, een di‘tist, een bewegingsdocent, een oefentherapeut, een psycholoog, een maatschappelijk werker en een groepsopvoeder wordt er een programma samengesteld, Het doel van de behandeling is afvallen door middel van voedingrichtlijnen, beweging, gedragsverandering. Bewegings therapie in het zwembad van het behandelcentrum. Een kind houdt zijn nu iets te ruim zwembroek vast Foto: Evelyne Jacq gezondheidszorg zwemmen Jacq, Evelyne

De eerste veel te dikke kinderen zag Olga van der Baan in de 1995. Kinderen van 8, 9 jaar die geen 40 kilo wogen, maar 120 kilo of meer. Sommigen konden niet meer lopen. Ze konden niet goed ademhalen. ’s Nachts hielden ze er soms mee op, minutenlang, waardoor hun hersens beschadigd raakten. „Ze kwamen uit het AMC. De artsen hadden ons gevraagd of wij iets konden bedenken om hen te helpen. Zij hadden alles al geprobeerd.”

Olga van der Baan (56) is kinderarts in Heideheuvel, Hilversum. In 1995 was het een kliniek voor astmapatiënten, volwassenen en kinderen. Nu is het ook een kliniek voor kinderen met obesitas. De allerdikste kinderen komen hier, met een Body Mass Index (zie grafiek) van 35, 40, 45 of hoger. Twaalf jaar geleden waren die er bijna nog niet. Nu zijn het er 200.000. Het worden er snel meer. En dan zijn er nog 400.000 kinderen met een BMI van 25 tot 30. Dat worden er nog sneller meer.

„Eerst dachten we: wat moeten wij ermee”, zegt Olga van der Baan. „Wij waren er voor de longen. Maar toen bedachten we dat onze aanpak van kinderen met astma ook zou kunnen werken bij deze kinderen. Wij keken al naar de interactie tussen een ziek kind en de omgeving, dus ook naar alles in de omgeving wat een kind ziek kan maken. Zo zijn we begonnen.”

Heideheuvel is de enige kliniek in Nederland waar kinderen met obesitas worden opgenomen. Een half jaar lang. Hun ademhalingsproblemen worden er behandeld, en de andere ziekten waaraan ze kunnen lijden doordat ze zo dik zijn. Galstenen, leververvetting, hoge bloeddruk, beginnende ouderdomsdiabetes. „Aan die diabetes dachten we in het begin niet eens”, zegt Olga van der Baan. „We wisten niet dat kinderen dat konden krijgen.”

De kinderen leren weer lopen en bewegen, eerst in het zwembad, waar ze hun eigen gewicht niet hoeven te dragen. Ze leren normaal te eten. Er zijn psychologen en orthopedagogen voor hun verdriet, hun angst, hun verdwenen gevoel van eigenwaarde. Er zijn maatschappelijk werkers die hun ouders leren wat normaal leven is. Naar school gaan, sporten, fietsen. „Het is veel”, zegt Olga van der Baan. „Maar het is allemaal nodig. Als al het andere mislukt is, is dit het enige wat nog kan helpen.”

Helaas voor Heideheuvel en alle kinderen die nog op de wachtlijst staan: minister Ab Klink van Volksgezondheid heeft besloten dat de behandeling niet meer vergoed wordt. Zorgverzekeraars, beleidsmakers en onderzoekers adviseerden hem om door te gaan met de financiering. Maar de minister vindt dat de behandeling niet past in de basisverzekering. Te duur.

Hoe wordt een kind 120 kilo?

„Of 200 kilo, want die zijn er ook. Dat vroeg ik me twaalf jaar geleden ook af. Hoe kán dit? Ik heb het nog nooit goed op papier zien staan. Maar ik weet nu uit ervaring dat het vaak begint als een kind de eerste jaren veel ziek is. Oorontsteking, keelontsteking. De keelamandelen worden eruit gehaald en dan gaat het beter. Het kind begint goed te eten. Iedereen blij. Of het begint in groep 1 of 2 van de basisschool. Een kind dat wat dikker is dan de andere kinderen ligt eruit. Het is de leeftijd waarop kinderen geen uitzonderingen tolereren, dat weten we van astmapatiëntjes. En van experimenten waarbij kinderen naar foto’s van andere kinderen kijken en mogen zeggen wie ze voor hun partijtje zouden uitnodigen. Ze nodigen nog liever een kind met een hazelip uit dan een dik kind. Want die vinden ze dom en gemeen.

„Dikke kinderen gaan zich minderwaardig voelen. Ze trekken zich terug. Ze gaan met troostvoer voor de beeldbuis hangen. Op de middelbare school begint het echt uit de hand te lopen. Slecht slapen, ’s morgens in bed blijven, niet naar school. Hun ouders zijn de deur uit, om twaalf uur zetten ze de pc en de televisie aan en dat is het dan. Als ze 14, 15 jaar zijn is hun leven volledig verstoord. Ze zijn depressief en het enige wat ze nog doen is eten, eten, eten. Het zijn ernstig zieke kinderen geworden.”

Ziek geworden? Of hebben ze zichzelf ziek gemaakt?

„Dat is het lastige. Mensen hebben zich in de evolutie goed leren verdedigen tegen tekort aan voedsel. Maar niet tegen overdaad. Er is zo verschrikkelijk veel eten beschikbaar. En het wordt allemaal steeds vetter, zoeter en zouter. Moeten we kinderen daarvoor verantwoordelijk houden? Of hun ouders? Kijk naar de marketingstunts. ‘Het gezonde tussendoortje.’ Altijd twee of drie in één verpakking. Maar waar komt eigenlijk het idee vandaan dat je een tussendoortje nodig hebt? Dat is er echt ingeslopen.

„Toen mijn jongste kind nog op de basisschool zat, werd het schoolplein volgebouwd met Portocabins. Vier keer zoveel leerlingen, maar geen schoolplein meer om te rennen en te spelen. Lopen of fietsen naar school? Ouders durven het niet meer. Of ze hebben er geen tijd voor. Ze brengen de kinderen met de auto en gaan meteen door naar hun werk. Ik deed het zelf ook. Ik heb drie kinderen en ik heb altijd fulltime gewerkt. En dan de hoeveelheid uren beeldbuistijd. Mijn oudste kinderen zijn 26 en 24, bij hen viel het nog mee. Maar mijn jongste is 17 en ik zie dat het normaal is geworden om uren achter de pc te zitten. Het is er allemaal ingeslopen en we hebben niet opgelet. We hadden het al veel eerder kunnen zien aankomen.”

Ze vertelt over een bezoek aan het Center for Disease Control in de Verenigde Staten, een paar jaar geleden. Ze kreeg plaatjes te zien waarop de toename van overgewicht en obesitas zichtbaar was gemaakt met kleuren: wit, lichtblauw, donkerblauw, oranje en rood. „Ik schrok me het apezuur. In twintig jaar was heel Amerika van wit veranderd in rood.” Nederland is al bijna helemaal oranje: meer dan 50 procent overgewicht.

In de Verenigde Staten, zegt ze, werd haar verteld dat obesitas nu ook was doorgedrongen tot de groep die lang nog slank was: de hoogopgeleide blanke vrouwen. „En dat zie ik nu in Nederland ook. Steeds meer hoogopgeleide blanke vrouwen die zelf nog wel slank zijn, maar van wie de kinderen te dik zijn.”

Moeten ouders hun kinderen niet gewoon beter opvoeden?

Ze lacht en doet voor hoe ze zelf een keer tegen haar oudste dochter deed toen die 14 was en altijd graag het laatste woord had. ‘En jíj houdt nú je mond omdat ík het zeg.’ „Natuurlijk moet dat, maar het is moeilijk. De generatie die nu jonge kinderen heeft, is geboren in de jaren zeventig, de tijd dat alles moest kunnen. Ik zie in mijn spreekkamer dat kinderen al heel jong heel veel ruimte krijgen. Hij is al twaalf, dat moet mijn zoon toch zelf bepalen?”

En dan maar toelaten dat een kind zich volvreet?

„Het begint al eerder. Hoe leer je een kind gezond te eten, niet te veel en ook niet de hele dag door? Wat is normaal? Ik heb daar discussies over met de groepsopvoeders hier. Die zijn ook van de jaren zeventig, die vinden dat een tussendoortje erbij hoort. Denk je dat ik tussendoortjes kreeg toen ik nog op school zat? Een beker melk, dat was het. Tussen de middag liep je naar huis en weer terug. Om vier uur kreeg je één snoepje. Maar die tijd is echt voorbij. Veel ouders zijn niet in staat om zich te weer te stellen tegen alle overdaad. Ze hebben de kennis niet. Of de energie niet. Vaak zijn er ook andere problemen. Geldgebrek, schulden. Gevoelens van onmacht.”

En die goed opgeleide en goed verdienende ouders dan?

Ze zucht. „Ja, overgewicht wordt steeds gewoner. Over een paar jaar zitten de kinderen van die ouders hier ook.”

Dus?

„Eigenlijk hou je het niet voor mogelijk dat we pas in 1997 echt wakker zijn geworden.”

In 1997 verscheen de Vierde Landelijke Groeistudie. Toen bleek voor het eerst hoe veel dikker Nederlandse kinderen waren geworden. In eerdere Groeistudies (1980, 1965, 1955) waren ze alleen maar steeds langer geworden. „Sinds 1997 is het veel erger geworden. Natuurlijk moeten we alles doen om het te voorkomen. Bij de vrouwen met overgewicht die zwanger willen worden. Bij vrouwen die zwanger zijn en te veel aankomen. Op het consultatiebureau. Laten we de schoolgezondheidszorg weer optuigen. Helemaal wegbezuinigd!

„Maar het is dom en aanmatigend om te denken dat we het daarmee redden. Die dikke kinderen zijn er en zullen er voorlopig wel blijven. We zien steeds beter in dat die kinderen ook ernstig ziek zijn. Een collega zei laatst dat we binnenkort de eerste puber met een hartinfarct kunnen verwachten. We hebben nu al kinderen die een lagere levensverwachting hebben dan hun ouders. Voor het eerst sinds een eeuw. En wat als het ons lukt om deze kinderen te laten afvallen? Het insulinegehalte in het bloed herstelt zich. Maar de schade aan de wanden van de bloedvaten blijft. En wat is de schade op de langere termijn? Krijgen ze op hun 45ste diabetes, in plaats van op hun 75ste? Hoeveel groter is hun kans op kanker? Zullen ze problemen met de vruchtbaarheid hebben?”

Opeens fel. „Wij krijgen hier de kinderen bij wie alles geprobeerd is. Ze zijn naar afvalkampen geweest, alles. Niets heeft geholpen. Wij hebben laten zien dat we hun BMI in zes maanden met 9 punten kunnen terugbrengen. We proberen de behandeling nu korter te maken. Drie maanden, zes weken. Maar het is onzinnig om te denken dat kinderen daarna beter zijn. Obesitas is een chronische ziekte, ze zullen er hun leven lang mee te maken hebben. Maar als ze na een jaar weer zijn aangekomen, wordt er gezegd: de behandeling heeft niet geholpen, stop er maar mee. Als astma na een jaar opvlamt, zegt toch ook niemand: zie je wel, hou maar op met de medicijnen?”

Sommige ouders zullen erg opgelucht zijn als hun kind wordt opgenomen. Is het hun verantwoordelijkheid niet meer.

„Ze zijn opgelucht omdat ze eindelijk hulp krijgen. Maar ze voelen dat echt niet als een beloning hoor.”

Een kind 200 kilo laten worden, is dat geen kindermishandeling?

„Dat kan het zijn. Dan is het extreme verwaarlozing. Of er is een psychiatrische stoornis.”

Is het niet altíjd kindermishandeling?

„Nee, want er zijn veel factoren waar ouders niets aan kunnen doen. Biologische en genetische factoren. Maar ook de snackbar bij school. De AA-sportdrankjes en de Marsen in de sportkantines. Kinderen staan drie kwartier op het hockeyveld en de commercie heeft hun wijsgemaakt dat hun energiebalans dan hersteld moet worden. En voor ouders is het ook heel lastig om er wat van te zeggen als hun kind te veel eet. Want ze zeggen impliciet tegen hun kind: je bent te dik.”

Wat is daar erg aan?

„Dat kind voelt zich afgewezen. En dan gaat het eerder nog meer eten.”

Wat moeten ouders dan wel doen?

„Het goede voorbeeld geven. Niet zelf ’s avonds om elf uur de frikadellen in het vet gooien. Drie keer per dag goed eten, op vaste tijden. Bij mij ging er geen kind ’s morgens de deur uit zonder eerst twee boterhammen en een sinaasappel te hebben gegeten. Ze kregen ook een beker melk. Ik had het geluk dat de middelbare school drie kwartier fietsen was. En als een kind te veel eet omdat het een of andere probleem heeft, dan aandacht aan dat probleem geven. Niet aan het eten.”

Ze vertelt dat ze laatst in het bos op zondagochtend een jonge vader en moeder zag rennen, in dure sportkleren. Ze duwden een buggy voor zich uit met twee kinderen erin. „Ik dacht: wat vind ik hier nou van? Voor hen is het goed. Maar die kinderen zitten stil en bewegen niet. Zij moeten zich maar aanpassen aan hun ouders. Mijn man zei: ik hoop dat ze vanmiddag nog een keer naar het bos gaan en dat die kinderen dan mogen rennen. Ik vind het wel een dilemma hoor.”

Of is het verwend?

„Misschien wel. Het gedrag van ouders is in twee generaties zo anders geworden.”

Hoe kan het nou dat de minister niet meer wil betalen voor uw behandeling van kinderen met obesitas?

„Het is geen boze opzet, denk ik. Het is een onbedoeld negatief effect van de nieuwe Zorgwet. Ik hoorde dat het Erasmus MC moest stoppen met borstvervangende chirurgie na een amputatie. Dat kan ook niet de bedoeling zijn. En ik denk dat men op het ministerie is geschrokken. Obesitas is opeens een groot probleem geworden en er moet zo veel gebeuren dat ze niet meer weten wat ze moeten doen.”

En 200.000 dikke kinderen opnemen in Heideheuvel gaat niet.

„Nee, dat gaat niet. Maar die kinderen zijn er wel en het worden er 600.000 als je niets doet. En dan gaan ze nog veel meer geld kosten. Kinderen die bij ons een half jaar op de wachtlijst staan, komen in dat half jaar bijna allemaal aan: 5,5 tot 24 kilo. Ik kan me niet voorstellen dat iemand het voor zijn rekening wil nemen om zulke ernstig zieke kinderen behandeling te ontzeggen.”

Volgens de minister is de behandeling niet bewezen effectief.

„In de wetenschappelijke literatuur zijn er meer dan genoeg aanwijzingen dat kinderen met ernstige obesitas alleen klinisch kunnen worden behandeld. Jaap Seidell (hoogleraar voeding en gezondheid aan het VUmc – red.) heeft dat vorige week nog tegen de minister gezegd. Zelf doen we onderzoek naar het effect van opname en van ambulante behandeling. We zien nu al dat een klinische opname twee keer zo effectief is. We onderzoeken hoe het nog beter kan. Dit is het stadium dat ieder antwoord alleen maar meer vragen oproept. Zo viel het me opeens op dat in veel gezinnen met obese kinderen de vader of de moeder is overleden. Wat betekent dat?”

Ze loopt naar buiten om Heideheuvel te laten zien. Hier het zwembad en de sportzaal, daar de ziekenhuisschool voor de kinderen die nog niet naar een gewone school kunnen. Dan naar het gebouw waar de kinderen verblijven. Eind van de middag, etenstijd. Iedereen zit aan tafel. Er zijn jongens van 1 meter 80 met tonronde buiken, een wijd T-shirt erover heen. Maar er zijn ook meisjes die eruit zien als zoveel meisjes. Buikje, bolle billen en borsten. „Het valt je mee, hè”, zegt Olga van der Baan. „Je bent eraan gewend geraakt. Maar die meisjes zijn hier al een paar maanden. Ze zijn echt veel te dik geweest.”

Voor vaststelling van de Body Mass Index en informatie over behandeling van te dikke kinderen: http://www.voedingscentrum.nl