Anti-Syrische politicus in Libanon vermoord

Bij een bomaanslag in de Libanese hoofdstad Beiroet is gisteren een bekende anti-Syrische politicus gedood. Het gaat om de 64-jarige rechter en parlementariër Walid Eido. Ook zijn zoon, twee lijfwachten en zes anderen kwamen om het leven toen zijn auto in het westelijk stadsdeel tot ontploffing werd gebracht, niet ver van zijn favoriete sportclub annex zwembad aan de kust.

Gevreesd wordt dat met de nieuwe politieke moord de spanningen in het verscheurde Libanon nog meer zullen oplopen dan al het geval was. De afgelopen weken raakte het regeringsleger slaags met extremistische groeperingen in Palestijnse vluchtelingenkampen in het noorden en het zuiden van het land. Dat geweld zou door Syrië worden aangewakkerd.

Daarnaast is de sunnitisch-christelijke regering van premier Fouad Siniora al maanden verwikkeld in een machtsstrijd met de door Syrië gesteunde fundamentalistisch-shiïtische beweging Hezbollah.

Ook gisteren werd in regeringskringen onmiddellijk met beschuldigende vinger naar het regime in Damascus gewezen. Minister van Communicatie, Marwan Hamadé, zei dat Syrië achter de dood van Walid Eido zit, met het doel om de anti-Syrische meerderheid in het Libanese parlement te reduceren. Vanuit Washington en Parijs werd de aanslag in scherpe bewoordingen veroordeeld en werd grote bezorgdheid uitgesproken over de mogelijke gevolgen.

De sunniet Eido was een medestander van de in februari 2005 door een soortgelijke aanslag om het leven gekomen Libanese ex-premier Rafik al-Hariri. Eido behoorde nu tot het politieke ‘Toekomst-Blok’ van Hariri’s zoon Saad – de belangrijkste steunpilaar onder de twee jaar geleden aangetreden regering van Siniora. Hij was een van de meest vocale critici van Syrië, dat hij ervan beschuldigde Libanon te willen blijven destabiliseren. Ook sprak hij zich steeds uit voor ontwapening van Hezbollah.

De aanslag op Eido komt veertien dagen nadat de Veiligheidsraad van Verenigde Naties besloot tot oprichting van een internationaal tribunaal om de verdachten van de moord op ex-premier Hariri te berechten. Vier pro-Syrische generaals zitten daarvoor al vast. Syrië, dat in de nasleep van de moord op Hariri werd gedwongen zijn militaire aanwezigheid in Libanon te beëindigen, heeft betrokkenheid bij de moord ontkend. Het veroordeelde de oprichting van het tribunaal en weigert elke medewerking. Ook waarschuwde Damascus dat een proces gemakkelijk kan leiden tot verdere destabilisatie van Libanon – iets waar velen nu voor vrezen. (AFP, Reuters)