Eén Ferrari minder, dat scheelt!

Auto’s met een hoge CO2-uitstoot worden duurder door extra belastingen.

De schatkist gaat er meer op vooruit dan het milieu.

Berichten over klimaatverandering roepen sinds het begin van Al Gore’s klimaatcampagne bij grote delen van de bevolking angstvisioenen op. Dus wanneer de overheid maatregelen neemt om de CO2-uitstoot te beteugelen, dan lijkt dat al snel op doortastend optreden. Zo ook bij het volgende bericht van het ministerie van Financiën: ‘Staatssecretaris De Jager wil milieuvriendelijk autogebruik stimuleren.’

Wat is er aan de hand? Staatssecretaris van Financiën Jan Kees de Jager wil een aantal belastingmaatregelen koppelen aan de CO2-uitstoot van auto’s. Benzineauto’s met een uitstoot van meer dan 240 gram CO2 per kilometer en dieselauto’s met een uitstoot van meer dan 200 gram CO2 per kilometer krijgen volgens zijn plan een heffing van 80 à 90 euro per extra gram uitstoot per kilometer. Is dat billijk?

Ter informatie: een Renault Grande Espace met tweeliter dieselmotor stoot 200 gram CO2 per kilometer uit en een grote BMW 730i is goed voor 241 gram, terwijl de gemiddelde uitstoot van een auto in Nederland rond de 160 gram ligt. De grenzen lijken dus niet eens onredelijk gekozen. Zit je boven de grens, dan begint de teller wel snel te lopen. Voor een 142.800 euro kostende Range Rover V8 Supercharged (376 gram CO2 per km) zal zo’n 12.000 euro extra betaald moet worden. En voor een Ferrari 599 GTB van 300.000 euro met een uitstoot van 490 gram CO2 komt het extra BPM-bedrag op tenminste 20.000 euro.

Het gaat hier echter om auto’s die niet veel worden verkocht. We kunnen dus vraagtekens zetten bij het netto effect van de maatregel op het milieu. De auto’s die zwaar belast zullen worden, vormen slechts een fractie van het nationale wagenpark. Zo zijn er vorig jaar in totaal 626 Range Rovers en 29 Ferrari’s de showroom uitgereden; in totaal werden er maar liefst 479.300 nieuwe auto’s verkocht. Van een serieuze bijdrage aan de CO2-reductie is dus geen sprake. De tax moet volgens Financiën overigens wel 100 miljoen euro opleveren.

Vervolgens worden de energielabels er nog even met de haren bij gesleept. Bij energielabels krijgen – volgens een arbitrair rekensommetje – bepaalde auto’s korting op de BPM en moet er voor andere bijbetaald worden, ook weer op basis van de CO2-uitstoot. In het nieuwe stelsel van De Jager wordt de korting iets groter en zal het bij te betalen bedrag flink stijgen; deze maatregel levert de staatskas nog eens 50 miljoen extra op.

Tot slot nog even de fiscale bijtelling van lease-auto’s. Hier lijkt zowaar een voordeeltje te halen. Wie met de auto van de zaak privé meer dan 500 kilometer rijdt, krijgt nu een fiscale bijtelling van 22 procent. In het plan van De Jager kan dat worden teruggebracht tot 12 à 14 procent. Dan moet er wel gekozen worden voor een benzineauto die minder dan 110 gram CO2 per kilometer uitstoot of voor een diesel waar niet meer dan 95 gram CO2 per kilometer uit de uitlaat komt. Het aantal benzineauto’s dat aan deze uitstootnorm voldoet, is zeer beperkt: de Toyota Prius, een hybride versie van de Honda Civic, de Smart, de Daihatsu Cuore en een auto die onder drie namen te koop is – als Citroën C1, als Peugeot 107 en als Toyota Aygo. Wie wil dieselen, heeft helemaal weinig keus. Alleen de Smart komt onder de 95 gram.

Bijna al deze auto’s worden door bedrijven meestal te klein bevonden om door te kunnen gaan voor bedrijfswagen. Alleen de Prius en de Civic komen in aanmerking. Maar weinig werknemers zullen dus genieten van het lage bijtellingstarief. De Jager stelde zelf al dat de kosten van de bijtellingsmaatregel relatief beperkt zijn. Helaas de effecten ook, vorig jaar werden slechts 2.375 Priussen verkocht.

Kortom, de staatskas wordt doeltreffend gespekt, terwijl het milieu er nauwelijks iets mee opschiet.

Cornelis Kit is redacteur van het tijdschrift AutoWeek.

Stel, u rijdt 40.000 km. per jaar. Hoeveel bomen moet u ter compensatie planten? Bereken het op klimaatneutraal.nl