Onze boerderij verbouwen

Deze week: Arnhem

Plek: Stadsboerderij West Presikhaaf, Ruitenberglaan

Foto Luciana Caputo Morgen wil ik... Margaret Tjeerdsma publicatie maandag 11 juni Tekst Eppo König Foto Luciana Caputo
Foto Luciana Caputo Morgen wil ik... Margaret Tjeerdsma publicatie maandag 11 juni Tekst Eppo König Foto Luciana Caputo Caputo, Luciana

Wie: Margaret Tjeerdsma (33) Wat: stadsboerderij-stagiaire Krant: De Gelderlander Tv: – Radio: –Website: www.voedingscentrum.nl

Wat ben je aan het doen?

„Ik maak het kippenhok schoon.”

Moet dat elke dag?

„Jeetje, ik loop hier pas een week stage of zo. Ik ben eigenlijk beeldhouwer, maar ik heb mijn leven omgegooid. Nu ben ik dierenverzorger.”

Waarom heb je je leven omgegooid?

„Als beeldhouwer verdien je niet zoveel en heb je steeds baantjes nodig. Dan doe je weer niet wat je eigenlijk wilt doen. Dus ben ik gaan nadenken over wat ik nou eigenlijk wilde.”

Kippenhokken schoonmaken.

„Nou, we hebben met twee andere stellen een boerderij gekocht. Een oude hoor, ik zeg altijd ‘vier muren’. In Meinerswijk, een polder tussen Arnhem-Noord en -Zuid. Daar wil ik ezels houden. Dan moet je wel weten hoe je dieren verzorgt, dacht ik.”

Hebben ze hier ezels?

„Nee. Dat wordt de volgende stage.”

Wat zou je morgen het liefst doen?

„De boerderij verbouwen. We hebben niet zoveel geld en doen veel zelf.”

Hoe ver zijn jullie?

„Het hele dak is net vernieuwd. Nu kunnen we vloeren gaan leggen. Ach, er staat vijf jaar voor. Het is ook leuk. Als we op zo’n dag zijn uitgeklust, nemen we lekkere hapjes en drankjes.”

Een meerjarentraject voor boerin.

„Hóbby-boerin dan.”

Wat voor kippen zijn dat eigenlijk?

„Geen idee, eens kijken. Ze hebben hier allerlei oude rassen. ‘Welsumers’ staat er. Niet echt interessante kippen. We hebben thuis een enórme ren, echt overdreven. Daar zie je hoe kippen zich in het wild gedragen.’’

Voor ons geciviliseerde stadsmensen; hoe is dat?

„Kippen krioelen vaak over de grond om parasieten kwijt te raken. En ze pikken ook veel naar elkaar, niet zo aardig. Op de stadsboerderij zitten de vogels in kleinere hokken, maar dan kun je ze wel beter bekijken. Hoewel. Laatst stond er een moeder bij de kalkoenen die tegen haar dochtertje zei: ‘Kijk, een grote eend.’ Ah, dacht ik: dáár zit nog een stukje educatie.’’

Eppo König