De smaak van juni

Om juni te proeven, fietste ik naar de biologische markt. Geen betere plek om de rijke glans van deze vroegzomerse maand tot je te nemen. De groentekramen leken wel in bloei te staan, zo bulkten ze van kleur en geur. Zoals altijd te zwaar beladen trapte ik terug.

Op links piepte het groen-rood van bietenloof mijn mand uit, op rechts enkele dwarse tuinbonen. Tijdens het fietsen snoepte ik uit het zakje met kersen. Hoe zou die zomertruffel smaken, zong het door mijn hoofd, en wat zal ik met die doperwten doen?

Verse doperwten behoren tot de meest gewaardeerde groentesoorten in mijn gezin. Het soort dat vrijwillig en met plezier gegeten wordt. Zelfs het verplichte gezamenlijke, want educatieve, doppen wordt met een zekere welwillendheid begroet.

Hoeveel erwtjes er in elke peul zitten, blijft zeker 250 gram lang een boeiende vraag. Aangezien erwtjes in feite kleine knikkertjes zijn met alle knikkerspel-elementen in zich van dien, mag ik de overige 750 gram meestal in mijn eentje doppen.

Met verse doppers kun je van alles en nog wat uithalen, maar de manier waarop wij ze het allerlekkerst vinden, is tevens een van de simpelste. Gestoofd in een mengsel van groentebouillon en witte wijn, met snippers ham en sjalot, en op het laatst een dikke klont boter erdoor geroerd.

Bij dit soort delicate groente ben ik voorstander van de Franse manier van serveren: als aparte gang. Kun je er tenminste optimaal van genieten. Reken voor vier personen op een kilo peulen; daar houd je ongeveer 600 gram doperwtjes van over.

De ham is in dit gerecht een belangrijke smaakgever, dus niet iets om op te beknibbelen. Kies bij voorkeur een mooie beenham en vraag de slager om hem in iets dikkere plakken te snijden. Smokkelen met de hoeveelheid boter is in dit geval een doodzonde.

Voor 4 personen:

1 kilo verse doperwten

1 eetlepel olijfolie

2-3 sjalotten, gesnipperd

200 g achterham, in reepjes

100 ml groentenbouillon

100 ml droge witte wijn

80 g koude roomboter

Dop de erwten vlak voor je ze gaat bereiden. Verwarm de olijfolie in een pan met dikke bodem en voeg de gesnipperde sjalot toe. Strooi er wat zout over, draai het vuur laag en laat de sjalotjes zo een minuut of vijf fruiten.

Voeg de ham toe en bak deze een minuutje mee, zonder te bruinen. Doe nu de doperwten in de pan en schenk er de bouillon en wijn op. Breng aan de kook, leg een deksel op de pan en stoof de erwten op deze manier beetgaar. Dat kan tussen de 8 en 12 minuten duren.

Snijd de boter in vier stukken en roer ze door de doppers tot ze gesmolten zijn tot een goddelijke saus.

Janneke Vreugdenhil

Hoe eet je verse doperwten het liefst? Praat mee over de smaak van juni op www.nrc.nl/kokenetc