Slungel op de wip

De liberale politicus Guy Verhofstadt beleeft waarschijnlijk zijn laatste dagen als premier van België. Morgen gaan de Belgen naar de stembus. „Verhofstadt heeft ons uit het moeras van Irak weten te houden.”

Premier Verhofstadt tijdens een radiointerview Foto Reuters Belgian Prime Minister Guy Verhofstadt speaks during an interview with a radio station in Brussels May 16, 2003. Once branded a "baby Thatcher" for his radical free market views, Belgian Prime Minister Guy Verhofstadt prides himself on having put his small country back on the map, even though he enraged Washington in the process REUTERS/Yves Herman
Premier Verhofstadt tijdens een radiointerview Foto Reuters Belgian Prime Minister Guy Verhofstadt speaks during an interview with a radio station in Brussels May 16, 2003. Once branded a "baby Thatcher" for his radical free market views, Belgian Prime Minister Guy Verhofstadt prides himself on having put his small country back on the map, even though he enraged Washington in the process REUTERS/Yves Herman REUTERS

Zijn favoriete nummer is Start me up van de Rolling Stones. Zaken zijn er om veranderd te worden. Niet zomaar, maar radicaal. Politiek is voor hem, zoals hij zelf zegt, eten en drinken. Guy Verhofstadt, premier van België. Nog heel even.

Ook in België is na morgen de paarse lente naar alle waarschijnlijkheid voorbij. Vijf jaar later begonnen dan in Nederland, eindigt deze ook vijf jaar later. Socialisten en liberalen die acht jaar geleden besloten de christen-democratische hegemonie te doorbreken, hebben genoeg van elkaar. Socialisten en christen-democraten lonken openlijk naar elkaar.

Met Paars neemt België ook afscheid van premier Guy Verhofstadt (54) de hyperenergieke liberale politicus wiens roeping ooit was „het land van foefelaars en compromissenmakers” fundamenteel te veranderen. Heeft hij België de afgelopen jaren inderdaad veranderd? Ja, zegt de Vlaamse publicist Hugo Camps. „We zijn losgemaakt. Los uit het laf zijn. Los uit het zuilendenken. Los van de angst voor het onbekende.” Ja, zegt ook de aan de Universiteit Gent verbonden politicoloog Carl Devos. „Er zijn inhaalbewegingen gemaakt.” Ja, zegt vanzelfsprekend Guy Verhofstadt zelf. Lees de ‘100 werken’ op zijn eigen website er maar op na: van verlaging van de personenbelasting als eerste punt tot de vorming van een sociaal stookoliefonds als laatste.

Al dertig jaar actief in de politiek. Nooit aan de zijlijn, altijd vooraan. „Hij heeft een ongelooflijke ideologische drive”, concludeerden de journalisten Boudewijn Vanpetegem en Olivier Mouton in hun vier jaar geleden verschenen biografie over Verhofstadt die de veelzeggende titel Numero Uno meekreeg. „Hij is een maniak, een perfectionist als het op de organisatie van zijn politiek handelen aankomt”, aldus de auteurs. In de Vlaamse krant De Morgen zei een minister over hem: „Hij moet en zal de wereld veranderen. Dat het heelal niet voor dit leven zal zijn, zal hij maar node aanvaarden.”

Qua uiterlijk zou hij zo weggelopen kunnen zijn uit één van de verhalen van Suske en Wiske. Een hoofdfiguur in Het Wolvige Wolfje, De Vonkende Vuurman of Het Bretoense Broertje. Met zijn onverzorgde kapsel, slechte gebit en slungelig voorkomen voldoet Guy Verhofstadt in het geheel niet aan de eisen van de hedendaagse mediacratie. ‘Petietje’ heette hij op de middelbare school. ‘Da Joeng’ toen hij zich als ongeduldig lid bij de liberale partij meldde. En nu noemt een collega uit de ministerraad hem nog steeds: „het jongetje”. Iemand die ondanks zijn status, ondanks zijn ervaring maar niet wil gaan „schrijden”.

Een niet nader aangeduide vriend typeerde Verhofstadt vorige week in De Morgen als volgt: „Hij is een Cubaan, meer Che nog dan Fidel. De revolutie op zich is het doel, niet eens zozeer waar die toe leidt. De romantiek ervan, de kick dingen in beweging te kunnen zetten. Het bestaande moet bestreden en vervangen worden, want het is niet mogelijk dat het heden het beste zou kunnen zijn. Daarom zat hij als een ramptoerist te smakken op het Wenceslasplein in Praag, hij was erbij toen Havel het daar overnam van de communisten. Hij sprong in de auto en reed de nacht door om bij de val van de Muur te kunnen zijn. Hij is een revolutionair in het diepst van zijn gedachten. Gelukkig is hij geen marxist, of er zouden echt ongelukken kunnen gebeuren.” Reactie van Verhofstadt: „Ik zou dat ook niet kunnen zijn. De utopie. Vergeet het. De ideale samenleving is misschien te beschrijven, maar niet te verwezenlijken. Ik kan me niet indenken te geloven in absolute maakbaarheid.”

Zoals Paars in 1994 in Nederland een reactie was op decennia lang door christen-democraten beheerste politiek, was dit vijf jaar later in België het geval. Het land trilde nog na van de Dutroux-affaire – waarbij de daden van een psychopathische kindermoordenaar het functioneren van het nauw met de politiek verweven justitieapparaat in opspraak hadden gebracht – toen de dioxinecrisis uitbrak. Verontreinigde olie was in de voedselketen terechtgekomen. Miljoenen kippen moesten worden afgemaakt en talloze dierproducten werden uit de supermarkten gehaald. De direct verantwoordelijke ministers hadden getracht de omvang van het schandaal geheim te houden.

Voor de Belgische kiezers was dit het zoveelste bewijs van het onvermogen van de politiek. De christen-democratische partij van premier Dehaene, alias ‘de loodgieter’, kreeg bij de verkiezingen een zware afstraffing en de liberalen onder leiding van Guy Verhofstadt werden de grootste partij. Samen met socialisten en groenen smeedde hij vervolgens de Belgische variant van de combinatie die in Nederland net aan zijn tweede regeerperiode was begonnen: een paarse coalitie aangevuld met Groenen.

Wilfried Martens, christen-democratisch politicus die van 1979 tot 1991 zijn naam gaf aan niet minder dan negen kabinetten, weet „absoluut zeker” dat Verhofstadt zijn project kon starten dankzij de tijdgeest. „Altijd waren de liberalen de derde partij van het land geweest, maar nu na alle schandalen waren zij de eerste geworden. Daardoor kon hij een nieuw tijdperk tot stand brengen.”

Guy Verhofstadt zette bij zijn aantreden op 14 juli 1999 met de regeringsverklaring direct hoog in: „Het eerste en belangrijkste onderdeel van dit project is België om te bouwen tot een modelstaat, een overheid die erin slaagt haar taken zowel zorgzaam, democratisch als rechtvaardig uit te voeren. De regering zal van een ingrijpende hervorming van de openbare besturen dan ook haar hoogste prioriteit maken”, zei hij. „Het is een historische kans om aan te tonen dat een ander beleid mogelijk is”, schreef De Morgen in een commentaar.

De aangekondigde bestuurlijke schoonmaakoperatie kreeg de naam Copernicus. Politicoloog Carl Devos: „België zou een voorbeeld voor de wereld worden. Dat bracht wel iets teweeg bij de bevolking. Paars zweefde. Politiek was in. Het sprak heel wat mensen aan.” Belangrijkste doel was de burgers het vertrouwen in hun overheid te laten herwinnen. Daarvoor was een rigoureuze sanering van het van hoog tot laag door-en-door verpolitiekte ambtenarenapparaat nodig. Zoals eerstverantwoordelijk minister Luc van den Bossche het uitdrukte: „Ik wil geen imbeciele en luie ambtenaren meer.”

De materie bleek toch weerbarstiger dan Verhofstadt bij zijn aantreden dacht. Volgens Devos is de operatie dan ook maar gedeeltelijk geslaagd. „Overheidsdiensten zijn meer op afstand geplaatst, met een duidelijk mandaat. Dat zijn verbeteringen, maar het is moeilijk om een overheid te hervormen. Vandaar dat er nu ook sprake is van ontgoocheling bij de mensen. Dat heeft vooral te maken met problemen bij justitie en de fiscus. Daar is het echt een ramp en moet dringend ingegrepen worden.”

Op economisch terrein presenteerde Verhofstadt zijn 200.000-banenplan. Gehaald, zegt hij. Niet gehaald, zegt de oppositie. Men verwijt elkaar over en weer met cijfers te goochelen. Hoog inzetten is in elk geval een handelskenmerk van Verhofstadt. Net als in Nederland, maar misschien met wat minder geruis, bracht Verhofstadt de eerste paarse jaren enkele zogeheten ‘ethische dossiers’ tot een goed einde. België kreeg een liberalere euthanasiewetgeving, een minder stringente softdrugswetgeving en introduceerde het homohuwelijk. Dit jaar werd ook de wet op de winkelsluitingstijden verruimd.

Oud-VVD-fractievoorzitter Jozias van Aartsen, minister van Buitenlandse Zaken in het tweede (paarse) kabinet-Kok beschouwt zijn liberale geestverwant Verhofstadt als een „klassieke vrijzinnig democraat” met een duidelijk „anticlericaal sentiment”. Van Aartsen: „Bij hem speelt een kolossale afkeer van confessionele politiek.”

Bescheiden bestuurder is hij nooit geweest. Geef hem een onderwerp en hij wordt enthousiast. Dat had hij al vanaf het allereerste begin. Gegrepen was Verhofstadt begin jaren tachtig door de bezuinigingspolitiek van de Amerikaanse president Reagan en de Britse premier Thatcher. Het leverde hem de bijnaam ‘Baby Thatcher’ op. Altijd werken aan een groots en meeslepend doel, dat is de constante in het optreden van Verhofstadt. „Hij begint eraan met goede wil en hoopt dat het lukt. De methode-Verhofstadt herbergt daarom een flinke dosis georganiseerde chaos”, schrijft Derk-Jan Eppink in zijn vorig jaar verschenen boek Anatomie van paarse illusies.

Verhofstadts liberale partij moest worden hervormd, België moest worden hervormd en vervolgens diende Europa hervormd te worden. Twee jaar geleden presenteerde hij zijn pamflet De Verenigde Staten van Europa. De bevolkingen van Frankrijk en Nederland hadden zich weliswaar per referendum net uitgesproken tegen de Europese Grondwet, maar voor Verhofstadt was dat geen beletsel om daar een diametraal ander geluid tegenover te zetten. Niet minder, maar veel meer Europa, luidde de boodschap. Zijn ideaal: een Europees kabinet dat de economisch politieke lijnen uitzet, een Europese minister van Buitenlandse Zaken die op gelijke voet praat met bijvoorbeeld zijn ambtgenoot in de Verenigde Staten, en één Europees leger.

Jarenlange aanwezigheid in het Europese overlegcircuit had Verhofstadt tot het inzicht gebracht dat dit ambitieuze plan voor een aantal Europese lidstaten wellicht een brug te ver was. Maar dan ontwaakt de ongeduldige weer in hem wanneer hij schrijft: „Het heeft weinig zin te wachten tot iedereen mee wil. Dat zou als wachten zijn op een trein die nooit komt. Desgevallend moet binnen de Europese Unie een kerngroep van landen het initiatief nemen.” De missionaris Verhofstadt ging de afgelopen jaren diverse Europese lidstaten langs om gewapend met een in de taal van het land vertaalde versie van het pamflet zijn ideeën uit te venten.

Zijn uitgesproken pro-Europese stellingname kostte hem in 2004 een carrière in datzelfde Europa. Hij was kandidaat om voorzitter van de Europese Commissie te worden. Maar de Britse premier Tony Blair wilde op deze centrale positie geen eurozeloot en ging dan ook frontaal voor de kandidatuur van Verhofstadt liggen. „Hij heeft dit Blair nooit vergeven”, zegt oud-premier Wilfried Martens.

Op buitenlands politiek terrein manifesteerde hij zich ook door stelling te nemen tegen de Irak-oorlog en dus tegen de Verenigde Staten. „Ik ben ontroerd dat Verhofstadt ons uit het moeras van Irak heeft weten te houden”, zegt Hugo Camps. Jozias van Aartsen is er niet verbaasd over. „De Belgische buitenlandse politiek richt zich doorgaans op Parijs en die waren ook tegen”, zegt hij.

Met opgestroopte hemdsmouwen probeerde Guy Verhofstadt het afgelopen donderdagavond op de slotmanifestatie van de Vlaamse liberale partij in zijn woonplaats Gent nog één keer. In een gepassioneerde toespraak liep hij zijn successen langs. „We mogen wel fier zijn. We hebben al onze beloftes uitgevoerd. In feite zijn we nog veel verder gegaan.” De zaal vol aanhangers reageerde enthousiast, maar het gaat natuurlijk om de rest van de kiezers en daar is de stemming anders. Die applaudisseren nu in meerderheid voor Verhofstadts christen-democratische uitdager Yves Leterme, door zijn onuitgesprokenheid de tegenpool van Verhofstadt.

Tenzij er alsnog een electoraal wonder gebeurt, komt er morgen een eind aan het tijdperk-Verhofstadt. Dat heeft te maken met de wet van de beperkte houdbaarheid. Carl Devos: „De tweede regering Verhofstadt was wel een wat verloren regering. Dat heeft er mee te maken dat de socialistische en liberale partij even groot waren geworden. Ze hielden elkaar in de tang. En op het ethische vlak waren ze een beetje op elkaar uitgekeken. Er werden weer beloften gedaan over modernisering van de overheid. Maar ik denk dat mensen Paars een beetje moe zijn, net als in Nederland. Kijk maar wat Leterme sterk maakt: hij is niet Paars.”

Béatrice Delvaux, hoofdredacteur van Le Soir bevestigt deze waarneming. „Als Verhofstadt verliest, dan is dat omdat mensen na acht jaren aan verandering toe zijn.” De tragiek is dat hij in Wallonië nu juist populairder is dan ooit. Maar omdat Verhofstadt een Vlaams politicus is, kunnen de Franstaligen niet op hem stemmen. Delvaux: „Hij heeft het over België, niet over Vlaanderen. Hij spreekt perfect Frans, hij respecteert de rechten van Franstaligen. De mensen hebben vertrouwen in hem. Acht jaar geleden moesten ze niet veel van hem hebben. Ten eerste omdat hij heel Vlaams was, ten tweede omdat hij heel liberaal was en ten derde vanwege zijn arrogantie. Dat beeld is veranderd. Ook door de wijze waarop hij het woord voerde na enkele dramatische gebeurtenissen.”

Toen een 18-jarige jongen vorig jaar in het centrum van Antwerpen een Afrikaanse vrouw en een klein Vlaams meisje doodde en een Turkse vrouw verwondde, reageerde Verhofstadt direct, nog voordat de toedracht goed en wel duidelijk was. Hij wees in de richting van het Vlaams Belang door te zeggen: „Een gruwelijke, laffe daad, die duidelijk racistisch geïnspireerd is.” Béatrice Delvaux: „Dat deed het goed bij Franstaligen, die zich veel zorgen maken over het Vlaams Belang.”

België zonder Guy Verhofstadt? Guy Verhofstadt zonder de macht? Waar gaat hij straks heen met zijn onrust? De vraag is hem de afgelopen maanden eindeloos gesteld. „Ik heb in het verleden al aangetoond dat ik perfect functioneer als gewoon senator”, zei hij deze week tegen de krant De Standaard. Niemand die dat echt gelooft.