Paraplu met gaten

Vergeldingsmaatregelen, daar dreigde president Poetin mee, mocht Bush de plannen voor een raketschild in Polen en Tsjechië doorzetten. Het is nog maar de vraag of zo’n raketschild werkt. Menno Steketee

Een SM-3 raket wordt bij een test gelanceerd vanaf het fregat USS Eerie Lake in de Stille Oceaan. Foto MDA
Een SM-3 raket wordt bij een test gelanceerd vanaf het fregat USS Eerie Lake in de Stille Oceaan. Foto MDA MDA

Afgelopen 25 mei verliet een intercontinentale raket zijn lanceerplatform op het Amerikaanse eiland Kodiak ten zuiden van Alaska. De raket won hoogte, maar niet genoeg om boven de zichthorizon van de waarschuwingsradar uit te komen. Die had een onderscheppingsraket op de Californische luchtmachtbasis Vandenberg moeten alarmeren.

Het lag aan die eerste raket, liet het hoofd van het Missile Defense Agency (MDA) generaal Henry ‘Trey’ Obering naderhand weten. Een rakettrap had niet gewerkt. Aan de Ground-Based Interceptor (GBI) mankeerde volgens Obering niks.

Het voorval illustreerde treffend waarom zoveel scepsis bestaat over het bestaansrecht van het Amerikaanse raketschild, waarvan behalve in Alaska en Californië nu ook een filiaal in Polen en Tsjechië moet verrijzen. Wéér konden critici zeggen dat niet bewezen is dat het schild werkt. En wéér wezen voorstanders op het feit dat het omgekeerde ook niet is vastgesteld.

Het is 13 juni precies vijf jaar geleden dat de VS zich terugtrokken uit het ABM-verdrag (zie kader) tegen de ontwikkeling van raketverdediging. Sinds die dag heeft het raketschild zegge en schrijve éénmaal een testlading succesvol weten te vernietigen. De mogelijkheid dat de ambitieuze raketparaplu niet eens kan worden opgestoken, is maar één element van de controverse die de vestiging van een Europees filiaal van het schild omringt.

Voor een gewogen oordeel over de voors en tegens van dit raketschild, in de VS en in Europa, moeten we terug naar 23 maart 1983. Op die dag kondigde de Amerikaanse president Ronald Reagan het Strategic Defense Initiative (SDI) aan. Dat plan, Star Wars in de volksmond, behelsde de bouw van een schild dat een kernaanval van duizenden Sovjetraketten moest tegenhouden.

atoomaanval

De onderzoeksprojecten naar bijvoorbeeld röntgenlasers, onderscheppingsraketten in de ruimte en deeltjeskanonnen gingen onmiddellijk van start. Ze verslonden tientallen miljarden dollars, maar al snel bleek de ambitie om een massale Sovjet-atoomaanval te stoppen, te hoog gegrepen. De technische concepten leken op de tekentafel veelbelovend, maar in de praktijk werkten ze niet. Nog een grote barrière was het battlemanagement: het aansturen van het schild. De rekenkracht van de computers was in de jaren tachtig volstrekt ontoereikend.

De publieke notie dat voor een werkend SDI net zoveel fantasie nodig was als voor de film Star Wars beklijfde snel.

In de jaren negentig besloot de Ballistic Missile Defense Organisation (BMDO), het projectbureau van het Pentagon voor de technologieën voor raketverdediging, op meer kaarten in te zetten. De BMDO, tegenwoordig Missile Defense Agency (MDA) geheten, besloot de schaarse technologieën die wél veelbelovend waren gebleken, te beproeven tegen raketten voor de lange en voor de korte afstand.

Ook maakte het MDA onderscheid tussen wapensystemen die zijn gericht op verschillende fasen van een lancering. Zo is er de boost-fase, wanneer de raketmotoren witheet branden, of de periode daarna, de ascent-fase, wanneer de raketmotoren zijn uitgeschakeld maar de raket nog stijgt. Weer andere onderzochte technologieën waren bedoeld tegen de raket in de midcourse-fase, als de rakettrappen al zijn afgestoten en de raketkop buiten de dampkring vliegt, en in de terminal-fase: de raket suist door de atmosfeer naar zijn beoogde doel.

Tegen raketten voor de korte afstand zoals de Scud en hun ‘gepimpte’ varianten waarover de halve wereld beschikt, moest een Patriot-raket worden opgewaardeerd. De oorspronkelijke Patriot wist volgens de officiële rapporten in de Golfoorlog van 1991 “misschien één” van Saddam Hoesseins Scuds te onderscheppen. Dat kwam doordat de Patriot – ontworpen voor het neerhalen van vliegtuigen – zich richtte op de grootste radarecho. In de wolk van Scud-schroot die de dampkring binnenkwam – de kwaliteitsstandaard van de Iraakse lasnaden was niet optimaal – was dat bijna altijd de grote brandstoftank van de Scud en niet de kleinere raketlading. De modernste versie van de Patriot, de PAC-3, mikt speciaal op de raketkop.

De Airborne Laser (ABL) een laser die aan boord van een Boeing 747 vrachtvliegtuig is gemonteerd, is gericht tegen opstijgende raketten die hij met een warmtegevoelig oog opspoort en vanaf een geschatte afstand van 400 kilometer kan verschroeien. De lasers die ten tijde van SDI waren bedacht, zoals eentje opgewekt door een kernexplosie in de ruimte, bleken onuitvoerbaar. Maar een zogeheten Chemical Oxygen Iodine Laser (COIL) die ‘loopt’ op een chemische reactie werkte wel. De resulterende laserbundel heeft een golflengte (1,315 micron) die niet ernstig wordt geabsorbeerd door de atmosfeer, maar wel door metaal, zoals van opstijgende raketten.

botsing

Het controversiële raketschild dat nu volgens de Amerikanen ook in Europa moet verrijzen, behelst het ground-based midcourse defense system (GMD) dat is gericht tegen raketten met een intercontinentaal bereik, ICBM’s, in dit geval Iraanse. De Iraanse raketten zouden op weg naar de VS over Polen en Tsjechië vliegen.

ICBM’s zijn de snelste raketten aangezien ze de krachtigste motoren hebben die hen met een vijf minuten durende boost krachtig wegslingeren. Raketten voor de korte afstand, zoals de Scud krijgen een veel kleinere zet mee, zodat hun snelheid geringer is. Zo heeft een Scud een maximale burnout-snelheid, wanneer de raketbrandstof op is, van 2,2 kilometer per seconde. Een ICBM haalt 5,7 kilometer per seconde of meer.

Die grotere snelheid van de ICBM’s maakt onderschepping nog vele malen moeilijker. Ter vergelijk: een ICBM heeft een bereik van minstens 5500 kilometer, raketten voor de middellange afstand kunnen een afstand van 500 tot 5500 kilometer overbruggen, en alles wat minder ver vliegt heet een raket voor de korte afstand.

Zo’n lokaal raketschild bestaat uit een van de grond afgeschoten onderscheppingsraket – er staan er al veertig in Alaska en vier in Californië – die is gekoppeld aan een waarschuwingsradar en aan drie DSP-satellieten. De drie DSP-kunstmanen – van: Defense Support Program – houden vanuit een geostationaire baan op ongeveer 36.000 kilometer hoogte met een warmtegevoelig ‘oog’ hele continenten in de gaten – de vuurwerkramp in Enschede ontging de kunstmaan niet.

In het scenario waarvoor de VS in Europa een schildfiliaal willen plaatsen, ziet een DSP-satelliet de hete raketmotor van een Iraanse raket. De battlemanagement-programmatuur extrapoleert dan waar de raketkop ongeveer heen gaat. Die gegevens worden doorgeseind aan de zogeheten X-band radar in Tsjechië en die dirigeert een GBI globaal in de richting van de raketkop. De X-band is de frequentieband (van 7 tot 12,5 GHz) die zowel ver ‘kijken’ toestaat als een hoge resolutie voor nauwkeurige identificatie van raketladingen.

Aangekomen buiten de dampkring maakt zich van de GBI een wasmachinegroot kill-vehicle los. Dat manoeuvreert zich met behulp van stuwraketjes en een hittegevoelige sensor, die de hete raketkop tegen de achtergrond van het koude heelal waarneemt, in de baan van de naderende raketkop. De resulterende botsing verwoest kill-vehicle én vijandelijke raketlading.

Bovenstaand scenario is ideaal en alleen onder laboratoriumomstandigheden getoetst. En dan alleen nog maar deels. De factor onvoorspelbaarheid komt er nauwelijks in voor. Dat element kan, zoals bij het opbreken van Saddams Scud in wolken schroot, het verschil maken tussen raken en missen.

De vraag of de Iraanse raketdreiging binnen afzienbare tijd materialiseert, laten we hier voor het gemak geheel buiten beschouwing.

Een van de terugkerende kanttekeningen is dat het sensorsysteem kwetsbaar is voor misleiding. Zo zou de X-band radar weldegelijk moeite hebben met het onderscheid tussen de échte raketkop en een neplading van een radarstralingreflecterende ballon die in het wrijvingsloze heelal even hard op het doel afkomen. Het is het tekort aan geslaagde GMD-tests dat deze aanhoudende kritiek niet van tafel is te vegen. Of Iran deze misleidingstechniek met ballonnen onder de knie heeft, of binnen afzienbare tijd krijgt, is anybody’s guess…

russen

De technische karakteristieken illustreren ook de ongeloofwaardigheid van de Russische argumenten tegen de Europese vestiging van het Amerikaanse raketschild. Aangezien de meeste Russische kernraketten in een nucleair conflict met de VS via de noordpool, of vanaf onderzeeboten op onvoorspelbare locaties in de Noordelijke IJszee of de Beringzee naar hun doel vliegen, kan een raketschild in Polen daar niets tegen beginnen. De onderscheppingsraketten zijn snel, maar niet zo snel dat ze Russische ICBM’s met een voorsprong van duizenden kilometers kunnen inhalen. Daarbij zijn veel van de Russische ICBM’s ge-MIRV’d: voorzien van een bus waarin wel tien kernkoppen meereizen die allemaal een ander doel kunnen treffen. Vandaar: Multiple Independently Targetable Reentry Vehicles.

De Russische tegenwerping dat toekomstige GBI’s hele salvo’s kill-vehicles kunnen meevoeren doet daaraan weinig af. En mochten de Russen een kernaanval op de VS overwegen, dan kost het waarschijnlijk weinig moeite om de GBI-basis met een hagel van ballistische raketten voor de korte afstand te vernietigen. De GBI’s zijn namelijk alléén bedoeld tegen ICBM’s. Op een vergelijkbare manier was het Israëlische Arrow-systeem tegen Iraanse Shahab-raketten in juli 2006 machteloos tegen de Katjoesja’s die Hezbollah met honderden per dag afvuurden.

Militaire analisten, ook Russische, stellen daarnaast dat de X-band radar allicht vanaf nabij Russisch grondgebied eenvoudig elektronisch is te storen. De gegevens zijn schaars over het hoe daarvan. De grote afstand tot Iran maakt storing door dat land onwaarschijnlijk.

Overigens beschikt Rusland zélf al sinds de jaren zestig over een – door het ABM-verdrag toegestane – schild van nucleaire Gorgon onderscheppingsraketten dat Moskou moet beschermen tegen Amerikaanse ICBM’s. Ook heeft het land onderscheppingsraketten ontwikkeld van het type Triumph dat volgens de Russische beweringen superieur zou zijn aan de modernste Patriots.

failliet

Is dit raketschild een failliet idee? Ja, zeggen de critici die ook wijzen op de mogelijkheid om kernkoppen per verkeersvliegtuig of kustvaarder naar hun doel te vervoeren.

Toch is op technologisch vlak een optimistische noot op zijn plaats. Langzaam maar zeker worden de andere technologieën die voortkwamen uit Reagans SDI volwassen. Ze zijn nog niet zo capabel dat ze ICBM’s kunnen uitschakelen, maar ze zijn al veel beter dan de tandeloze Patriots die in 1991 niets konden doen tegen de Iraakse Scuds.

Neem de THAAD-raket – van: Terminal High Altitude Area Defense – die mikt op de terminal-fase van vijandelijke raketten. Dat type onderschepper heeft in het afgelopen jaar uit vier pogingen drie hits geboekt.

Vergelijkbaar zijn de prestaties van de Standard Missile 3 (SM-3) die aan boord van marineschepen is gestationeerd. Ook deze raket maakt gebruik van een kill-vehicle om vijandelijke raketten te rammen. Dit type drijvend raketschild, waarbij de SM-3 is gekoppeld aan een Aegis-radar, houdt sinds 2004 in de Japanse Zee de wacht. Het onderscheppen van een ICBM in volle vlucht is voor de SM-3 en de THAAD misschien nog te hoog gegrepen, maar het onderscheppen van minder snel vliegende raketten voor de middellange afstand lukt steeds beter. Reagans luchtkasteel begint een kwart eeuw na zijn Star Wars-visioen, langzaam maar zeker, en op bescheiden schaal, tastbare vormen aan te nemen.