Mistig belangenspel bij handbalploeg

Commotie bij het Nederlands handbalteam, omdat de sterkste spelers bedankten voor de EK-kwalificatiewedstrijd, vanavond tegen Polen. „Ze laten de ploeg in de steek.”

Hoe hypothetisch ook, de vraag blijft: zou de commotie bij het Nederlands handbalteam achterwege zijn gebleven als niet het sterke Polen was geloot? Uitgerekend nu de nummer twee van het wereldkampioenschap het laatste obstakel is voor deelname aan het Europees kampioenschap, begin volgend jaar in Noorwegen, regent het afzeggingen bij bondscoach Pim Rietbroek. Vooral de absentie van de sterspelers Fabian van Olphen en Mark Bult kan hij moeilijk verkroppen. „Ze laten de ploeg in de steek”, oordeelt de bondscoach.

Uit hun eigen mond heeft Rietbroek Van Olphen en Bult niet horen zeggen dat ze de duels met Polen vanwege het grote krachtsverschil verspilde tijd vinden, maar tegen teammanager Peter Janssen zouden ze dat wel met zo veel woorden hebben verklaard. „Dat getuigt van een slappe mentaliteit”, vindt de bondscoach, die beiden nog heeft aangeboden alleen de thuiswedstrijd van vanavond in Eindhoven te spelen. Tevergeefs. „Kennelijk moeten we bij het handbalverbond nog leren omgaan met professionals die uit eigenbelang andere keuzes maken.”

De officiële reden voor hun afzegging is een verhuizing (Bult) en een blessure (Van Olphen). Bult heeft vorige week zijn laatste wedstrijd bij HSG Nordhorn gespeeld en moet zich 1 juli melden bij zijn nieuwe vereniging Füchse Berlin. Hij zegt de vier vrije weken hard nodig te hebben om uit te rusten en te verhuizen. Van Olphen wordt het gehele seizoen gehinderd door een schouderblessure en wil die in aanloop naar het nieuwe seizoen bij SC Magdeburg laten genezen.

Hoezeer Rietbroek ook begrip heeft voor die argumenten, hij vindt dat beiden zich soepeler hadden moeten opstellen. „Van Olphen heeft tot vorige week nog met die blessure gespeeld, dan had die ene week er ook nog wel bij gekund. En tegen Bult heb ik gezegd: verhuis deze week, speel in Eindhoven en ga dan met vakantie. Nee, ik weet niet of dit gevolgen moet hebben. Daar ga ik later in alle rust over nadenken.”

Assistent-bondscoach Harrie Weerman vindt dat Van Olphen en Bult hun verantwoordelijkheid niet nemen. „Spelers verdienen op clubniveau geen contract in het buitenland, maar door uit te blinken in de nationale ploeg. Die gasten hadden er moeten zijn”

Bij Ben Spaai, directeur van het handbalverbond (NHV), is de verontwaardiging nog groter dan bij Rietbroek en Weerman. Deels uit frustratie over een gedevalueerd handbalfeestje in Eindhoven. „Als spelers wegblijven omdat ze zich bij voorbaat kansloos achten, is dat verwerpelijk. Zeker als je weet dat er tegen Polen vierduizend toeschouwers naar je komen kijken; dat is nooit vertoond bij een handbalwedstrijd in Nederland. Nee, ik kan er geen begrip voor opbrengen. Ze kunnen wél zestig wedstrijden in de Bundesliga spelen.”

Eigenlijk heeft Spaai het wel gehad met deze lichting internationals. Heeft de mannenploeg na jarenlang geploeter in de marge eindelijk uitzicht op het EK, blijkt bij een aantal spelers de loyaliteit ver te zoeken. De bondsdirecteur: „We stoppen jaarlijks anderhalve ton in de nationale ploeg. Maar nu ga je je afvragen of dat geld niet beter is te besteden. Hoe? Door te investeren in de jeugd en heldere doelen (EK, WK of Olympische Spelen, red.) te stellen voor een termijn van drie, vier jaar.”

En het zijn niet alleen Van Olphen en Bult die ontbreken, maar ook de zwaar geblesseerden Marco Beers en Michiel Lochtenbergh, evenals Joey Duin, Tim Remer, Mark Schmetz en Gerrie Eilers. Duin en Remer zijn met hun Duitse clubs verwikkeld in promotiewedstrijden, maar hadden er tegen Polen bij kunnen zijn, omdat die duels zijn verplaatst. Desondanks weigerde Duin, die zelfs voorgoed voor het Nederlands team bedankte toen de bond hem wilde opeisen. „Waarschijnlijk heeft hij dat gezegd in een emotionele bui, daar wil ik vooralsnog niet te veel waarde aan hechten”, zegt Spaai. De beweegredenen van Remer kende hij niet, omdat de speler telefonisch onbereikbaar was. „Maar als hij geïnteresseerd is, had hij zich wel gemeld.”

Schmetz en Eilers hebben bedankt wegens een verzekeringskwestie. Schmetz bijvoorbeeld heeft dankzij de promotie van zijn club Tusem Essen een verbeterd contract. Maar zijn verzekering voorziet niet in doorbetaling van het salaris als hij geblesseerd raakt tijdens een interland. Aangezien Schmetz een chronische voetblessure heeft, neemt hij geen risico.

Vanaf hun vakantieadres laten de grootste ‘boosdoeners’ Van Olphen en Bult weten niet onder de indruk van alle opwinding te zijn. Van Olphen: „Het maakt me niet uit wat er gezegd wordt, mijn gezondheid gaat boven alles. Mijn contract loopt volgend seizoen af en daarom vind ik het belangrijker dat ik fit aan de competitie begin.” Bult vraagt vooral begrip. „Ook bij een andere tegenstander dan Polen had ik bedankt. De bond moet accepteren dat ik niet kan. Ik heb al gehoord dat we niet meer geselecteerd worden. Maar daar heeft de bond toch vooral zichzelf mee.”