Europa ontdekken, beter laat dan nooit

Redacteur NRC Handelsblad

Enige honderden burgers hebben deze week hun hart over Europa mogen luchten. Jippie. Tweede-Kamerleden waren naar Groningen, Apeldoorn, Eindhoven en Den Haag gekomen om te horen wat ‘de mensen in het land’ van Europa denken. De mensen zeiden van alles over dierenrechten, de vrije markt en nog een sliert onderwerpen. Het was een even nostalgisch als bizar moment van inspraak.

Je hoort het zelden meer, het woord inspraak. Het stamt uit de tijd waarin de burger werd herontdekt in de tweede helft van de vorige eeuw. Regenten waren uit, gewone mensen in. Maar de instituties en de regels bleven zoals ze waren. Veel insprekers uit de jaren ’70 en ’80 leerden dat hun avondenlang gezwoeg zelden iets uithaalde. De autoriteitjes legden het graag nog een keer uit, maar de plannen waren nodig en konden niet anders.

Waarom was het deze week bizar? Omdat niets de Tweede Kamer de afgelopen twee jaar heeft belet de burgers te raadplegen. Daar was alle aanleiding toe, nadat meer dan 60 procent van de deelnemers aan het referendum over de Europese Grondwet er tegen bleek te zijn. Bij een opkomst van ruim 60 procent reden genoeg te gaan luisteren of je die mensen wel voldoende hebt vertegenwoordigd in het verleden.

Maar zowel Kamer als kabinet hielden zich na het echec van 2005 muisstil. Acute aanleiding voor dit 21ste eeuwse rondje inspraak was natuurlijk de Europese Raad van regeringsleiders. Die gaan over twee weken proberen het grondwettelijk wrak weer varend te krijgen. Het diplomatieke circuit draait op volle toeren. Sinds het Franse en Nederlandse Nee is de noodzaak van efficiëntere besluitvorming, zoals voorzien in de ‘Grondwet’, overduidelijk gebleken. Achttien van de 27 EU-lidstaten hebben de tekst al goedgekeurd, maar eenstemmigheid is vereist. Het enige wat iedereen weet, is dat het zo niet verder kan.

Nu het Nederlandse kabinet en Tweede Kamer eindelijk merkbaar in actie zijn gekomen, belanden we opnieuw in sprookjesland. De nieuwe ploeg-Balkenende heeft het Nederlandse Njet vertaald in een resolute afwijzing van alles wat lijkt op een Grondwet, vooral het woord grondwet, de her en der geregelde grondrechten, de al jaren bekende gouden sterrenvlag en het volkslied, dat Beethoven ook allang af heeft. Beste bondgenoten, als u ons die symbolendump gunt, is er met ons over bijna alles te praten, is de boodschap. Veel afnemers zijn er niet.

De rol van de Tweede Kamer is in zeker zin nog beklagenswaardiger. Het merendeel van de bondgenoten heeft geen reden Den Haag een plezier te doen. Als het kabinet al iets voor elkaar krijgt in het verkeer met 26 hoofdsteden, is de ruimte voor het parlement om extra wensen te uiten natuurlijk helemaal nul. En om uit die nulpositie een paar honderd burgers op de valreep een avondje Europapraten aan te bieden, dat is aardig maar bizar. Bij de inspraak van vroeger was er nog de illusie dat het ergens toe zou leiden.

Tot zo ver de kritiek. Nu het heden. De positie van kabinet en Kamer is miniem. Wat doe je als je aan de onderhandelingstafel geen wisselgeld hebt en je voorgangers in eigen land decennialang hebben verzuimd erop te wijzen dat de relatief grote invloed die Nederland had in de Europese opbouwjaren na de Tweede Wereldoorlog, gestaag veel kleiner zou worden? Eén van de Zes of één van de 27, dat scheelt, zeker naarmate meer grotere landen lid werden van de EEG, later EU.

Wat doe je als je voorgangers verzuimd hebben erop te wijzen dat de val van de Muur en het communisme een misschien eenmalige kans bood grote delen van het door oorlogen geteisterde Europese continent onder één vreedzaam dak te brengen? Dat zou een aantal nieuwe leden binnenbrengen die democratisch gesproken nog niet met mes en vork eten. Zeker, dat zou het vertrouwde protestants-katholieke sfeertje met een joods randje vertroebelen. Maar er stond vrede tegenover en op termijn een rechtstatelijk continent dat we nooit hadden gekend.

De overgrote meerderheid van de Nederlandse bevolking was toch pro-Europees, dacht de ambtelijke en politieke elite, die begreep wel dat het goed was. Die wist wel dat we er economisch voordeel bij hadden. En dat er geen alternatief was. Een klein land heeft baat bij gemeenschappelijke kaders in de omgang met grotere landen. Dan ligt je plaats aan tafel vast. De Europese Grondwet zou er alleen maar een touwtje omheen binden.

Staatssecretaris Frans Timmermans is iemand die zijn hele leven letterlijk en figuurlijk in Europa heeft gewoond. Hij was een van degenen die namens Nederland deskundig meepraatte aan die volle onderhandelingstafel, waar Valéry Giscard d’Estaing de scepter zwaaide. De oude Franse vos had een appeltje te schillen met zijn eigen eurosceptische landgenoten die hem een tweede ambtstermijn misgunden – nu was zijn moment aangebroken. La Gloire in Europese feestverpakking.

Maar de optelsom van globalisering, werkloosheid, te veel ongeschoolde immigranten in korte tijd, te veel nieuwe lidstaten die onze auto’s komen stelen, Fortuyn en Theo van Gogh, in Frankrijk een president zonder moreel gezag en veel vergelijkbare problemen, en twee hoogontwikkelde Europese landen van het eerste uur gooiden hun kont tegen de krib. Alle stoppen sloegen door.

In Nederland stond het Europa-denken van de SP model voor het Nee: een mengsel van eerlijk burgerschap en onverantwoorde naïviteit inzake wereldverhoudingen. Afrekenen met decennia te automatisch verder bouwen aan Europa werd vertaald in een portie illusoire eisen, soms op het kinderachtige af. Ook deze week waren ze weer te horen op de avonden van Eindhoven tot Apeldoorn. Zeggen dat het Europees recht niet mag gaan boven het nationale recht, is pleiten voor vier keer groen licht op een druk kruispunt.

Wat ‘de politiek’ nu moet doen is beter laat dan nooit eerlijke waar verkopen. Europa, er is geen alternatief, Nederland kan niet de andere kant opvaren. Ja, er zijn bezwaren, maar Europa is ook de ramen opzetten, spruitjes met stooflapjes was een eenzijdig menu. Vertel de verhalen, herinner iedereen eraan hoe Europees we zijn. Niet zoals die laffe door een commissie ontworpen eurobiljetten, maar door de werkelijke schoonheid van de Europese cultuur te laten zien.

opklaringen@nrc.nl