Vrijspraak 19 bestuurders van Swissair

Negentien voormalige Swissair-bestuurders, onder wie oud-bestuursvoorzitter Mario Corti en zijn voorganger Philippe Brugisser, zijn vandaag vrijgesproken van schuld aan het faillissement van de luchtvaartmaatschappij in 2001.

De rechtbank in Bülach, nabij het vliegveld in Zürich, achtte het niet bewezen dat mismanagement zou hebben geleid tot de ondergang van Swissair. Tegen Corti was minimaal 6 en maximaal 28 maanden geëist. Tegen de overige bestuursleden was 18 maanden geëist.

In oktober 2001 ging Swissair failliet. Kort na de aanslagen in New York moest het bedrijf alle toestellen aan de grond houden, er was geen geld voor kerosine meer. 40.000 passagiers strandden. Swissair bleek te kampen met een schuldenlast van 17 miljard Zwitserse frank (10 miljard euro), mede vanwege onsuccesvolle investeringen in kleine, verliesleidende vliegmaatschappijen, zoals Sabena.

Oud-piloten, keukenpersoneel en kleine aandeelhouders waren in één klap al hun spaargeld kwijt. 18.000 gedupeerden spanden vervolgens een proces aan. Ze beschuldigden het bestuur van Swissair van wanbeleid, vervalsing van documenten en benadeling van schuldeisers. Een paar maanden voor het faillissement was pas duidelijkheid ontstaan over de enorme schulden.

Die schulden ontstonden in 1994. Vanwege groeiende concurrentie kocht Swissair belangen in kleine vliegmaatschappijen. Fuseren wilde het niet omdat het haar ‘eigenheid’ niet wilde verliezen. Concurrenten deden dat juist wel. Het plan mislukte. In 2000 liep de schuld op tot 3 miljard euro. De commissarissen grepen echter niet in.

Toen Corti in 2001 aantrad was de schuld opgelopen tot 6 miljard euro. Banken weigerden de bestuursvoorzitter nieuw krediet, omdat hij het door de banken opgestelde reddingsplan verwierp. De aanslagen in de Verenigde Staten waren de nekslag. Daardoor stegen de brandstofprijzen zo excessief dat Swissair geen kerosine meer kon kopen.

De hoorzittingen startten in januari 2007. De bestuursleden verweerden zich door te stellen dat ze zich niet konden herinneren ooit een fout gemaakt te hebben. Op een uitzondering na, hulden de negentien bestuursleden zich drie maanden lang in stilzwijgen.

Het proces had vooral een symbolische waarde. Swissair werd jarenlang de ‘vliegende bank’ genoemd, als toonbeeld van Zwitserse degelijkheid. (Bloomberg)