Premies Spinoza ook naar niet-bèta’s

Na jaren dominantie door bèta-onderzoekers zijn vandaag twee van de vier Spinoza-premies voor excellent onderzoek toegekend aan een juriste, Deirdre Curtin uit Utrecht, en een als historicus opgeleide archeoloog, Wil Roebroeks uit Leiden.

De naar eigen inzicht te besteden onderzoekspremies van anderhalf miljoen euro worden sinds 1995 ieder jaar toegekend door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) ter stimulering van ‘voortreffelijk, baanbrekend en inspirerend onderzoek’. Ieder jaar was er bij de toekenning wel gemor over dominantie van medisch-biologisch en ander natuurwetenschappelijk onderzoek.

Wil Roebroeks trok vorig jaar internationaal de aandacht met zijn onconventionele theorie dat de menselijke voorouder Homo erectus niet in Afrika maar in Azië kan zijn ontstaan.

Deirdre Curtin, geboren in Ierland, geldt als de grootste Nederlandse expert op het gebied van Europees recht, met veel aandacht voor openheid van bestuur.

De andere Spinoza-premies gaan dit jaar naar de Wageningse insectenkundige Marcel Dicke en de Delftse quantum-natuurkundige Leo Kouwenhoven. Dicke won vorig jaar de Academische Jaarprijs van NRC Handelsblad voor het Wageningse festival City of Insects. Hij doet veel onderzoek naar chemische communicatie tussen planten en insecten. Kouwenhoven speelt een vooraanstaande rol in het onderzoek naar een supersnelle computer op quantummechanische basis.