Een groot besef van sterfelijkheid

Hij heeft altijd haast en kan niet tegen oeverloos gedoe. Burgemeester Geert Dales verlaat Leeuwarden halverwege zijn termijn om de grootste school van het land te leiden. Dat haastige zat al in zijn aard, maar het werd versterkt door een ernstig ongeluk.

Geert Dales vindt vrijheid van meningsuiting ondergeschikt aan het verbod op discriminatie. (Foto NRC Handelsblad, Maurice Boyer) Geert Dales, wethouder Financien Amsterdam Foto NRC H'Blad, Maurice Boyer 021010
Geert Dales vindt vrijheid van meningsuiting ondergeschikt aan het verbod op discriminatie. (Foto NRC Handelsblad, Maurice Boyer) Geert Dales, wethouder Financien Amsterdam Foto NRC H'Blad, Maurice Boyer 021010 Boyer, Maurice

Geert Dales loopt drie dagen achter met het beantwoorden van zijn e-mail en de post. Daar kan hij slecht tegen. Het liefst geeft hij iedereen, húp, meteen antwoord. Burgemeester Dales (55, VVD) draagt een roze overhemd, zonder kreuk of smet. Hij houdt van goede manieren en een net uiterlijk. Bezoekers mogen hun jas niet meenemen naar zijn kamer in het stadhuis van Leeuwarden. Het maakt hem niet uit wat voor haar je hebt, écht niet, als het maar verzorgd is. Hij vindt het fijn als mensen uitstralen dat ze energie hebben en dat ze iets willen.

Dikke agenten hebben die uitstraling niet. Daarom zei hij vorige maand dat ze niet te vaak patat moeten eten en zeker niet in het openbaar. Ze moeten hard kunnen rennen. Hij vindt ook dat agenten hangjongeren geen lift moeten geven uit aardigheid, zoals hij een keer zag gebeuren. De politie moet gezag uitstralen, het zijn je vrienden niet.

Wat hij van dikke leraren vindt, weet Dales nog niet zo goed. Zij hoeven natuurlijk niet dezelfde fysieke prestatie te leveren als agenten. Maar, brengt hij daar tegenin, ze hebben wel een voorbeeldfunctie. Toch vindt hij overgewicht bij leraren minder bezwaarlijk.

Dat is relevant omdat Geert Dales half juli bestuursvoorzitter wordt van de Hogeschool InHolland, de grootste hbo-instelling in Nederland, met 35.000 studenten en 3.000 medewerkers, verspreid over twaalf vestigingen in de Randstad. Hij volgt er Jos Elbers op. Hij is dan drie jaar en twee maanden burgemeester geweest van Leeuwarden. De officiële termijn is zes jaar.

Geert Dales uit Doetinchem heeft altijd haast, zeggen mensen die hem kennen. Hij is uitgesproken en niet bang voor conflicten. Altijd bezig, maar niet monomaan. Hij houdt ook van kunst, theater, muziek en dans. Hij was achtereenvolgens diplomaat in Hongarije, kunstmanager, wethouder in Amsterdam en burgemeester in Leeuwarden. Op zijn cv staan de 31 nevenfuncties die hij ooit heeft gehad, en de 12 nevenfuncties die hij nu heeft, zoals het voorzitterschap van de Nederlandse Dansdagen. „Je moet gezien worden”, zegt hij, „om ertoe te doen.”

In Leeuwarden (93.000 inwoners) vinden ze dat hij te vroeg vertrekt, maar helemaal verrast zijn ze niet. Ze hadden gevraagd om een ‘doener en een netwerker’, die niet per se de volle zes jaar hoefde te blijven. Dales belde minister Guusje ter Horst (Binnenlandse Zaken, PvdA), toen die nog burgemeester in Nijmegen was. Moest hij het doen? Ter Horst dacht: hij kan het zeker, maar hij zit de rit waarschijnlijk niet uit. „Geert is niet het type om op de winkel te passen. Bij hem moet ik altijd denken aan het optrekken van een auto. Geert spúít vooruit.” Burgemeester Peter Rehwinkel van Naarden zegt: als Geert zich verveelt, zal hij gaan mokken. Of, zoals raadslid Piet van der Wal (PAL, GroenLinks) vertelt: dan gaat hij sms’jes versturen tijdens de raadsvergadering die hij moet leiden.

Na een ernstig auto-ongeluk zeggen mensen vaak dat ze bewuster zijn gaan leven. Ze maken zich minder snel druk of boos en leven bij de dag. Bij Geert Dales is dat anders.

Toen hij in juni 1999 een U-bocht maakte voor het Amsterdamse stadhuis, reed een taxi zijn auto binnen. Zijn schedel brak. Zijn hersens raakten gekneusd. Hij weet nog dat hij in een gewone auto naar het ziekenhuis werd gereden, voordat hij bewusteloos raakte. Toen hij wakker werd, sprak hij wartaal. Zijn hersens waren beschadigd aan de linkerkant, waar het geheugen zit en de spraak. Zeven maanden lag hij op bed in een prikkelarme omgeving. Hij kon niet lang lezen, tv kijken of praten. Toen het iets beter ging, liep hij dagelijks naar de winkel om een krant te kopen waarin hij maximaal drie alinea’s kon lezen. Dan werd de hoofdpijn te erg. Hij dacht dat het nooit meer goed zou komen. Tot op een ochtend – hij was met zijn man Rinze op vakantie in Mexico – de lucht opklaarde. Het voortdurend slechte gevoel, „dat ik niet kan omschrijven”, trok weg. Nu verhaspelt hij nog wel eens een woord, maar niet vaak. En hij praat zo snel en zo veel, dat het niet opvalt.

Door het ongeluk heeft Dales nog meer haast gekregen. „Ik heb een groot besef van sterfelijkheid. Ik kan nog minder goed tegen oeverloosheid. Sommige dingen wíl ik gewoon niet meer. Zoals luisteren naar volkomen nutteloos gezever.”

Dat Dales nu terugkeert naar het westen, vindt hoogleraar geschiedenis en partijgenoot Frank Ankersmit (Rijksuniversiteit Groningen) goed. „Hij heeft nog een belangrijke rol te spelen in de partij. En dan zit je in Leeuwarden wat decentraal.”

Dales is een echte liberaal. Hij vindt bijvoorbeeld dat de meeste bewindslieden wel degelijk een dubbele nationaliteit mogen hebben als ze dat willen. Conservatieve krachten in de VVD zijn het daar niet mee eens. Dit raakt de kern van het liberalisme, vindt hij. „Het is niet aan ons om in het gevoel van mensen, hun vermeende loyaliteit aan een land, te treden.”

Ankersmit schreef samen met Geert Dales aan het Liberaal Manifest, het nieuwe beginselprogramma van de VVD. Hij herinnert zich dat Dales zich vooral sterk maakte voor één paragraaf. Die gaat over de hiërarchie in grondrechten. Dales vindt, en inmiddels vindt de VVD dat ook, dat ze niet allemaal even zwaar moeten wegen. „Het gelijkheidsbeginsel (niet discrimineren) is belangrijker dan de vrijheid van meningsuiting. Omdat je zelf kunt bepalen wat je zegt en wat je gelooft, maar niet kunt kiezen hoe je op de wereld komt. Als man, als vrouw, als Nederlander of als Marokkaan, als hetero of als homo.”

De overgang van een wethouderschap in Amsterdam naar een burgemeestersbaan in Leeuwarden vond Dales groter dan verwacht. „Je bent meer het boegbeeld dan ik me had gerealiseerd. Iedereen let op je.”

In het begin morden de raadsleden dat Dales te weinig in Leeuwarden was en te veel in Amsterdam waar hij zelf lang had gewoond en waar zijn Friese echtgenoot nog woonde. En hij werd beticht van mediageilheid. „We zien die man nooit, alleen op tv”, zei toenmalig wethouder Hetty Hafkamp (PAL/Groen Links). Dales wordt daar nu nog boos over. „Ik was altijd aan het werk. Als je ertoe wil doen, moet je gezien worden; in Den Haag, bij de Vereniging Nederlandse Gemeenten en in adviescommissies voor de regering. Als ik op tv kom, komt Leeuwarden óók op tv.”

Na een jaar zocht Dales de confrontatie met de gemeenteraad in Leeuwarden. In interviews gaf hij af op de benepen bestuurscultuur en de roddel en achterklap in zijn stad. Hetty Hafkamp was woedend omdat Dales zijn grieven in de media uitte. Maar hij had wel een punt, zegt ze nu. „Via via hoorde hij wat er over hem gezegd werd. Je kunt beter open zijn naar de persoon zelf.”

Dales voerde in de stad preventief fouilleren in, deed een proef met cameratoezicht en pakte overlastgevers hard aan, ook door zelf bij ze langs te gaan. Soms ging hij te snel, zoals toen de rechter hem terugfloot omdat hij overlast veroorzakende huurders uit huis liet zetten. Maar uiteindelijk is Leeuwarden trots op zijn burgemeester, de raad had hem net positief beoordeeld toen hij zijn vertrek bekendmaakte.

Alleen blíjft de burgemeester niet om de uitvoering van projecten af te wachten, zoals de omstreden nieuwbouw van het Fries Museum, woningen en een winkelslurf op het Zaailand in de binnenstad. Dales is vooral een initiator, denkt wethouder Roel Sluiter (PvdA). „Hij kan dingen in gang zetten en mensen enthousiast maken. Hij is minder van de saaie, harde uitvoering.”

In Amsterdam was Geert Dales een van de krachten achter de aanleg van een nieuwe metroverbinding: de Noord/Zuidlijn. Een reusachtige investering, waarvan het nut door Amsterdammers voortdurend in twijfel wordt getrokken. Later ontstond een tekort van 200 miljoen euro. Op het cv van Dales staat daarom precies tot wanneer hij voor die metro verantwoordelijk was: tot de aanbesteding in oktober 2002. Toenmalig wethouder Rob Oudkerk (PvdA, Onderwijs) zegt daarover: „Gelul. Geert is er verantwoordelijk voor dat er in 2013 een prachtige metrolijn ligt, en we wisten allemaal dat die duurder zou worden dan begroot. Maar die miljoenen interesseren hem in dit verband niet – daar heeft niemand het over honderd jaar meer over.”

Tijdens een avond Chinees eten leerde Oudkerk hoe je het beste kunt onderhandelen met Geert Dales; je moet hem afleiden. Ze waren aan het onderhandelen en opeens viel een stuk kroepoek op het tapijt in de werkkamer van Dales. Die wilde niet dat het erin getrapt zou worden, maar vond ook niet dat hijzelf, als fractievoorzitter van de VVD, onder de tafel kon kruipen. Daar zat hij over te dubben tot hij zijn medewerker vroeg om het op te ruimen. Oudkerk: „Ik behaalde toen een goed onderhandelingsresultaat. Geert kon zich totaal niet concentreren, hij keek alleen maar naar die kroepoek op de grond. Hij kan niet tegen vuil.”

Geert Dales groeide op in Doetinchem. Zijn vader had een accountantskantoor. Er was geld, maar de vier kinderen werden niet verwend. „Op tijd opstaan, handen uit de mouwen, niet zeuren en kansen grijpen”, zegt Dales. En op zijn lagere school leerde hij die andere jarenvijftigwaarden: fatsoen en respect. Naast zijn werk zette zijn vader zich in voor gehandicapte kinderen en hij was lid van het bestuur van de lokale veemarkt. Dat was een, calvinistische, vanzelfsprekendheid, zegt Dales. „Je bent onderdeel van de maatschappij en dus lever je een bijdrage.” Na zijn studie rechten koos hij voor de publieke sector.

Multicultureel was het in Doetinchem niet, op een enkele Molukker na. Maar in het haventje van Doetinchem meerden wel schipperskinderen aan, die tijdelijk bij hem in de klas zaten. Ze zagen er anders uit en spraken anders. „Ik leerde respectvol met hen om te gaan.”

Zijn transfer komt drie maanden na de vorming van een kabinet zonder zijn partij, de VVD. Volgens Dales zelf is dat toeval. Anderen zeggen dat hij „zeker” minister was geworden. Zelf heeft hij, net als Pim Fortuyn, wel eens gezegd dat hij premier wilde worden. Later nuanceerde hij dat. Hij bedoelde dat je altijd moet streven naar het hoogste in je vak. Zoals een bakker de beste bakker moet willen zijn.

Dales zegt dat hij drie aanbiedingen voor een baan heeft geweigerd, maar aan InHolland kon hij geen weerstand bieden. Hij gaat zich onder meer bezighouden met de internationalisering van het onderwijs. Hij moet weer reizen – in het begin van zijn carrière was hij diplomaat in Hongarije. En hij verheugt zich op de problemen. Het fusieproduct Hogeschool InHolland is nog lang geen eenheid. De kwaliteit van het onderwijs is bekritiseerd. Maar allochtone leerlingen doen het er beter dan op andere hogescholen. Ze halen vaker een diploma, zegt Dales. Dat intrigeert hem. „Een sleutel voor het oplossen van integratieproblemen ligt hier.”