Transavia zoekt expansie buiten Nederland

Transavia wil andere luchtvaartmaatschappijen overnemen omdat verdere groei in Nederland niet mogelijk is. Dit zei bestuursvoorzitter Onno van den Brink vanmorgen bij de presentatie van de jaarcijfers.

Het resultaat is vorig jaar verslechterd en zal bij gelijkblijvend beleid verder dalen, zo waarschuwde hij. Het dochterbedrijf van KLM, dat op zijn beurt deel uit maakt van Air France-KLM, zag over het gebroken boekjaar 2006/2007 wel zijn omzet stijgen (met 15 procent tot 684 miljoen euro) maar het bedrijfsresultaat daalde van 20 naar 18 miljoen euro. Van den Brink: „We maken voor het 29ste achtereenvolgende jaar winst, maar moeten ervoor oppassen dat het straks is afgelopen.”

Transavia ziet door de toegenomen concurrentie geen kans op de Nederlandse markt verder te groeien. Van Den Brink kijkt jaloers naar de Spaanse prijsvechter Vueling, die deze maand als eerst ‘uitdager’ van KLM en Air France vluchten tussen Amsterdam en Parijs verzorgt. „Dat hadden wij ook wel gewild, maar binnen Air France-KLM is dat plan afgewezen omdat het zou neerkomen op kannibalisatie.”

De topman van Transavia zei verder dat de kans dat zijn bedrijf gebruik gaat maken van de luchthaven in Lelystad klein is. „Waarom zou je gebruik maken van een luchthaven die in de periferie ligt? Vanuit de markt is dat niet interessant. Een belangrijke overweging voor ons is ook wat de concurrentie doet en zoals het nu lijkt blijft die op Schiphol.” Volgens Van Den Brink vinden veel reizigers de drukte van Schiphol geen probleem. „Mensen komen drie uur van te voren omdat ze lekker willen winkelen op de Plaza en dat kan niet in de polder van Lelystad.”