Niet zappen, maar opstaan en lopen

Overgewicht moet eindelijk eens aangepakt worden, dreigt de Europese Commissie. 200 miljoen Europeanen lijden eraan. „Ik geef het bedrijfsleven en de lidstaten 2,5 jaar de tijd.”

Zware Franse kinderen krijgen speciaal zwemles. In heel Europa is zwaarlijvigheid een groeiend probleem. Foto AFP A N'UTILISER QUE POUR ILLUSTRER LES PAPIERS SUR LE TRAITEMENT DE L'OBESITE CHEZ L'ENFANT ET L'ADOLESCENT A L'EXCEPTION DES THERAPEUTIQUES MEDICAMENTEUSES ET CHIRURGICALES - Deux adolescents souffrant d'obésité font des exercices sous la surveillance d'une monitrice, le 28 novembre 2003 dans la piscine du Centre de pédiatrie et de rééducation de Bullion. Le Centre accueille des adolescents obèses lors de séjours allant de quelques semaines à 6 mois : soit pendant les vacances soit pendant l'année scolaire. Le centre leur procure entre autres des cours de diététique, des activités psychomotrices et un suivi psychologique et médical. AFP PHOTO FRANCOIS GUILLOT AFP PHOTO AFP/FRANCOIS GUILLOT/LAB-IW AFP

Ahmet Olgun

De Volendamse mevrouw Rooseboom sluit aan bij een van de vijf lange rijen in de McDonald’s in Amsterdam-Zuidoost. In haar hand houdt zij een lijst met daarop de eetwensen van zeven kinderen. Kinderfeestje.

„De kinderen wilden naar McDonald’s voor het speelgoed dat ze bij hun eten krijgen”, zegt Rooseboom even later. Zelf komt zij ook „heel vaak” bij McDonald’s. „Zelfs voor de lunch. Als het echt ongezond was, lag ik dood en al begraven.” Zij wijst naar de meiden die zich hebben gestort op hun hamburgers en patat. „Sommige meisjes zitten op balletles. Ze leven gezond, af en toe mogen ze toch wel zondigen!”

Eurocommissaris van volksgezondheid Markos Kyprianou presenteerde gisteren een ‘witboek’ met daarin voorstellen om overgewicht en vetzucht in de Europese Unie te bestrijden. 200 Miljoen (ongeveer de helft van de) volwassenen in de EU kampen met overgewicht of zelfs obesitas, ziekelijk overgewicht, en volgens Kyprianou stijgt het aantal te zware mensen steeds harder, nu met ongeveer 400.000 per jaar.

Alleen een integrale aanpak kan effectief zijn, vindt Kyprianou. De Europese Commissie, nationale en lokale overheden, artsen, scholen, consumentenorganisaties en het bedrijfsleven moeten samenwerken om „de grootste dreiging voor de volksgezondheid in Europa” aan te pakken. De lidstaten moeten effectieve initiatieven met elkaar delen, zodat ze van elkaar kunnen leren. Fabrikanten van levensmiddelen moeten de komende jaren door middel van labeling consumenten beter informeren over inhoud en kwaliteit van het voedsel. Zo niet, dan zal er wetgeving komen om dit te regelen.

Kyprianou wil dat vooral overgewicht bij kinderen speciale aandacht krijgt. „Ze vermaken zich tegenwoordig voor de televisie, met videospelletjes.” De eurocommissaris riep scholen op om meer lichamelijke opvoeding aan kinderen „ter vermaak” te bieden. De Commissaris benadrukte ook de verantwoordelijkheid van de ouders.

Overgewicht verhoogt het risico op tal van ernstige ziekten, waaronder hartaandoeningen, beroertes, aandoeningen aan de luchtweg, artritis en bepaalde vormen van kanker. De ‘obesitasepidemie’ is verantwoordelijk voor tussen de 2 en 8 procent van de totale ziektekosten in de EU. In Nederland ligt dat percentage rond de twee procent, kosten: ongeveer een miljard euro per jaar , zegt Wanda Bemelmans van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu.

Dat zwaarlijvigheid niet eerder de nodige aandacht heeft gekregen, komt doordat mensen er niet acuut aan sterven, zeggen deskundigen als Bemelmans en cardioloog Ernst Rietzschel, werkzaam aan de Universiteit van Gent. Uit een onderzoek van Rietzschel bleek dat 12 procent van de Vlamingen aanleg heeft om obesitas te ontwikkelen. Overgewicht en obesitas kennen meer dan één oorzaak, en dat verklaart volgens Bemelmans de late belangstelling. Ongezond voedsel wordt steeds meer, aantrekkelijker en goedkoper aangeboden, terwijl als gevolg van de automatisering mensen tegenwoordig ook nauwelijks bewegen op hun werk, vat Bemelmans de oorzaken kort samen. „Die vele oorzaken maken dat dit probleem moeilijk is aan te pakken.”

Volgens Rietzschel hebben mensen de afgelopen eeuw een „langzame evolutie” van 2,5 miljoen jaar in één klap tenietgedaan. Vroeger aten mensen veel in tijden van overvloed om juist te kunnen overleven wanneer voedselschaarste optrad. „We zijn meer gaan eten, er is continu voedsel in overschot en we bewegen steeds minder. Mensen zijn niet gemaakt om generaties lang te veel voedsel tot zich te nemen.”

Rietzschel zegt dat de mens gedurende zijn leven elk jaar zo’n 500 gram aankomt. „Dat is precies een half klontje suiker per dag.” Hij rekent uit dat mensen moeiteloos hun gewicht zouden behouden wanneer ze elke keer als ze willen zappen naar het televisietoestel zouden lopen.

Kyprianou kan de lidstaten niet dwingen mee te werken. Toch is zo’n „strategische aanpak” nuttig, meent Bemelmans. Volgens haar wordt de „maatschappelijke druk” op overheden en instanties steeds groter om overgewicht te bestrijden. „Scholen zagen bijvoorbeeld tot een paar jaar terug nog geen rol voor hun weggelegd, nu erkennen ze hun verantwoordelijkheid.”

In 2010 worden de effecten van de voorgestelde maatregelen onderzocht. Als dan blijkt dat het bedrijfsleven onvoldoende heeft gepresteerd, sluit Kyprianou wetgeving niet uit. „Ik geef het bedrijfsleven 2,5 jaar de tijd.” In eerste instantie laat hij de wetgeving over aan de lidstaten. „Maar als die onvoldoende blijkt te zijn, komen we met communautaire wetgeving.”