Kijk, een Britse kleefbelegger

Het is drie maanden geleden dat The Children’s Investment Fund (TCI) een brief stuurde naar ABN Amro. Misschien een aardig moment om te kijken wat ook alweer de belangrijkste kritiek was van de Britse speculant en wat ABN Amro daaraan moest doen.

TCI schreef op 20 februari aan bestuursvoorzitter Rijkman Groenink en zijn baas, president-commissaris Arthur Martinez, over grote onvrede. Sinds het aantreden van Groenink in mei 2000 realiseerde het aandeel „een verschrikkelijk slecht rendement”: met 0 procent koerswinst bleef het aandeel achter bij de concurrentie. Die groeide 44 procent in waarde – een weerslag van ondermaatse prestaties van de Nederlandse bank, meende de ontevreden aandeelhouder.

Volgens TCI zou het aandeel ABN Amro „aanmerkelijk meer dan” 30 euro waard zijn (toen de brief werd gepost noteerde ABN rond de 25 euro). Bovendien zou de bank zich moeten opsplitsen en/of verkopen.

Om met het laatste te beginnen. ABN Amro wordt in zijn geheel overgenomen, waarbij sommige delen worden afgesplitst. Bij bieder Barclays wordt de Amerikaanse dochter LaSalle afgestoten, en wellicht volgt nog meer. Bij het trio dat op ABN Amro biedt gaat de opdeling nog een paar stappen verder.

Qua koers is het aandeel ABN Amro de afgelopen maanden sterk gestegen. Het noteert al ruim een maand rond de 35 euro. Dat moet toch overeenkomen met de „aanmerkelijk meer” van TCI. Het koersrendement sinds Groeninks aantreden is inmiddels gestegen naar 60 procent. Zeven magere jaren slaan met terugwerkende kracht om in zeven vette. De koerswinst is opgeklommen naar gemiddeld 7 procent per jaar. Dividend niet meegeteld. Niet slecht.

Groenink is geplaagd door zijn doelstelling in de topvijf te eindigen met aandeelhoudersrendement vergeleken met 20 vooraanstaande banken. ABN Amro bevond zich in deze zelfgekozen competitieladder steevast op de onderste sporten. Nu zit de bank in de topvijf van alle drie de nog lopende competities: de vierjaarsperiode die meet vanaf 2004, 2005 en 2006.

Weinig beleggers zullen met één briefje zo’n wervelend succes hebben geboekt, ook al is de vraag in hoeverre er een causaal verband bestaat. Als er iemand geen reden tot klagen heeft is het de Britse speculant. Maar die heeft de smaak te pakken. Onlangs riep de belegger ook nog op tot het vertrek van Groenink. Een makkelijke oproep: de topman van ABN Amro is de facto weg na de overname. Zo’n oproep had TCI beter aan zichzelf kunnen doen. Waarom zou een speculant blijven plakken als al zijn gebeden zijn verhoord?

Jeroen Wester