De streekbus komt niet vandaag

SP en VVD vlogen elkaar in de haren in het Kamerdebat over marktwerking in de Nederlandse economie. Europarlementariërs willen publieke diensten met een Europese wet beschermen om kwaliteit op peil te houden.

Het streekvervoer. Voor de SP is dat hét voorbeeld waaruit blijkt dat marktwerking verwerpelijk is. Het heeft volgens Kamerlid Agnes Kant (SP) geleid tot het opheffen van onrendabele lijnen, slechtere arbeidsvoorwaarden, minder toezicht en bezuinigingen op onderhoud.

Volgens de VVD is het streekvervoer nu juist een van de voorbeelden waaruit blijkt dat marktwerking wél succesvol is. Het reizigersvervoer is sterker gestegen in de regio’s waar werd aanbesteed dan in andere regio’s. En de klanttevredenheid is er groter.

In het Kamerdebat gisteravond over ruim twintig jaar marktwerking in de publieke sector, waren het vooral de SP en de VVD die elkaar in de haren vlogen. Het liberale Kamerlid Charlie Aptroot waarschuwde alle Nederlanders voor de opvattingen van de Socialistische Partij: „De SP wil naar de situatie in het Oostblok van vóór de val van de Muur, of naar de situatie zoals die nu nog in Cuba is.”

De SP had het debat aangevraagd naar aanleiding van een recent FNV-rapport over marktwerking in de publieke sector. Daarin hield de vakcentrale een pleidooi om pas op de plaats te maken met de introductie van meer marktwerking totdat er onderzoek zou zijn gedaan naar de resultaten van alle eerdere liberaliseringen. Het kabinet heeft zo’n onderzoek inmiddels toegezegd, maar het voelt er niets voor een blokkade op te werpen voor nieuwe initiatieven zoals bijvoorbeeld verdere marktwerking in de zorg, die de coalitie wil opvoeren van 10 tot 20 procent. Van alle politieke partijen bleken alleen de SP en GroenLinks zo’n ‘moratorium’ voor te staan.

Deze partijen zijn beducht voor de verschraling van de kwaliteit van de dienstverlening en de uitholling van arbeidsvoorwaarden van werknemers zoals postbodes en werknemers in de thuiszorg. Minister Van der Hoeven (Economische Zaken, CDA), die de kabinetsbrede verantwoordelijkheid draagt voor marktwerking, zei de Kamer dat het succes of falen van marktwerking afhangt „van de mate waarin het publieke belang geborgd is”. De kwaliteit, de toegankelijkheid, de doelmatigheid en de verhouding tussen kosten en prijs mogen er niet op achteruit gaan.

Zij haalde net als alle Kamerleden de telecom aan als hét voorbeeld van succes, maar voegde daar zelf ook de energiemarkt, het streekvervoer en de zorg aan toe. Mislukt vindt zij de concurrentie op het spoor. Van der Hoeven gelooft dat de zorg, het openbaar vervoer en energie niet geheel aan de markt overgelaten moeten worden. „We moeten zoeken naar het evenwicht tussen markt en overheid.” De overheid heeft in die sectoren een rol te vervullen, „soms met maatregelen die de prijs reguleren”.

Uit het onderzoek dat het kabinet de Kamer heeft toegezegd moeten lessen rollen voor de toekomst. Het zou er volgens de bewindsvrouw op uit kunnen draaien dat de marktwerking in een bepaalde sector wordt gestopt. „Alle opties moeten open zijn. Maar zo’n besluit is uiteindelijk een politiek besluit”, onderstreepte Van der Hoeven. De sociaal-democraten wilden net als het CDA en de VVD geen algemene veroordeling van de „blinde” marktwerking uitspreken. Elk nieuw plan verdient een afzonderlijke beoordeling, aldus het Kamerlid Crone (PvdA).