Waar blijft ’t grote publieke omroepdebat?

Verwachtingsvol schakelde ik gistermiddag in voor het wekelijkse vragenuurtje in de Tweede Kamer. De PVV wilde uitleg van minister Plasterk over het ‘graaigedrag’ bij de publieke omroep.

De topsalarissen zijn in 2006 opnieuw gestegen. In het bijzonder bij de TROS, waar twee bestuurders zijn opgestapt. En bij de VARA. Vijf presentatoren verdienden meer dan een gemiddeld ministersinkomen. Met een hoofdrol, aldus het jaarverslag, voor ‘presentator 4’. Deze geheimzinnige topper stond in 2006 voor 333.325 euro in de boeken. Een jaar daarvoor verdiende hij nog 226.675 euro.

Hoe kan dat, vraag je je als onwetende televisiekijker af. Want om nou te zeggen dat de publieke omroepen betere televisie zijn gaan maken? Had dat belastinggeld niet veel beter besteed kunnen worden aan extra plekken in de jeugdzorg?

Helaas: de kwestie werd geschrapt. De zaak zal schriftelijk worden afgedaan. Verdrongen door een nog hetere hype. Over een uit te zenden spelshow met een donornier als hoofdprijs. Het CDA vroeg de minister de ‘smakeloze’ BNN-quiz te verbieden. Kansloos, gezien de vrijheid van meningsuiting. Toch: als deze donorspelshow en de salariskwestie iets aantonen, is dat wel de noodzaak van een groot debat over de rol en taak van de publieke omroep.

Al een seizoen lang snak ik ernaar. Heeft de publieke televisie grenzen? Zo ja, waar liggen die dan? En zijn die wel zo anders dan bij de commerciëlen? Want behalve de ‘marktconforme’ salarissen gaan ook de programma’s steeds meer op elkaar lijken. Na het Idolsvirus – je hebt Korenslag bij de EO en een Ciske de Rat-zoektocht bij Z@pp – verovert nu ook het ‘sterrenformat’ de publieke omroep. Dat resulteert in een overdosis programma’s met de stars. Niet alleen in de vorm van real life soaps en optredens in praatshows, maar ook allerhande nieuwe emo-tv. Met BN’ers als rolmodel.

Zo begonnen de EO en de AVRO met Tijd voor Elkaar en een speciale reeks van Vinger aan de Pols. In toon en stijl verwijzend naar het programma van Rik Felderhof. Maar waar EO-gastheer Arie Boomsma vergeefs probeerde Leontien van Moorsel en haar zussen aan het praten te krijgen in een kasteel met champagne, chocolademousse en een fietstocht over de Cauberg, slaagde Pia Dijkstra erin een onderhoudend portret te schetsen van Tineke de Nooij in Zuid-Afrika. Haar man, een gepensioneerd chirurg, werd twee jaar geleden getroffen door een herseninfarct.

Kwam het door de schuchtere toon van de voormalig journaallezers? Door Tinekes openhartige, positieve houding: „Van echtgenote en presentatrice word je ineens een mislukte verpleegster?” Door het overdadige EO-gepamper? Of was het omdat vrouwen betere emo-tv kunnen maken?

De AVRO bracht treffend in beeld hoe ongelijkwaardig de relatie van het echtpaar was geworden. Voyeuristisch ja. Maar gelukkig wel een stuk betere BN-televisie dan het commerciële dansen, schaatsen, zingen, boksen, en pokeren met de sterren.

De vraag blijft of je belastinggeld moet steken in de idoolmarketing van mediamagneetjes. Is dat niet veel meer een zaak voor de commerciële omroep? En waarom elk jaar weer zoveel euro’s pompen in het bestuurlijke waterhoofd van de publieke omroep? Zou je het uitgespaarde geld niet kunnen besteden aan, ik noem maar wat, een goede buitenlandrubriek à la Panoramiek, eigen drama en oorspronkelijke programma’s over politiek, sport en wetenschap? Het regeerakkoord laat deze vragen in het midden.

We blijven uitkijken naar de discussie.

Discussieer over deze column op www.nrc.nl/ogen