Te koop gevraagd: loyaliteit

De krappe arbeidsmarkt noopt bedrijven werknemers te belonen voor hun loyaliteit.

Maar het is de vraag of een geldbonus wel werkt als bindingsmiddel.

Met veel pijn en moeite nieuw talent binnenhalen, terwijl bestaande medewerkers via de achterdeur verdwijnen, is zonde. De arbeidsmarkt is krap, dus wie goed is of over specifieke kennis beschikt, heeft de banen voor het uitkiezen. „Er wordt aan alle kanten getrokken aan onze professionals die zich bezighouden met financiële producten voor beleggers”, zegt bijvoorbeeld woordvoerster Jacqueline Rutte van ABN Amro.

Om hun onmisbare medewerkers aan zich te binden zet de bank, naast een goed salaris en goede secundaire arbeidsvoorwaarden, ook een ander middel in: de loyaliteitsbonus. Deze bonus eist in principe niets van de werknemer, behalve dat hij (voorlopig) bij zijn werkgever blijft. Details over het bindingsmiddel wil de bank niet geven.

Ook de Rabobank, Van Lanschot Bankiers en pensioenfonds PGGM zeggen gebruik te maken van het middel. En overheden en universiteiten kennen soortgelijke ‘retentiebonussen’. Bernadette van den Berg, beloningsconsultant bij Hay Group, ziet de bonussen overal opduiken waar een kwalitatieve schaarste op de arbeidsmarkt is, maar met name in de financiële dienstverlening. „Vooral mensen met veel ervaring, van senior tot managementniveau, lijken ervoor in aanmerking te komen.”

Hoe populair het bindingsmiddel precies is, is onbekend. Verzekeraar Centraal Beheer Achmea vroeg onlangs achthonderd bedrijven hoe zij over loyaliteitsbonussen dachten. Een overgrote meerderheid zei wel iets te zien in zo’n speciale financiële prikkel om goed personeel vast te houden. Maar hoeveel van hen de bonus daadwerkelijk inzetten, is uit het onderzoek niet herleidbaar. Uit ‘concurrentieoverwegingen’ hangt er een zweem van geheimzinnigheid omheen.

Maar werkt het ook? Bedrijven wijzen op de exclusiviteit van het instrument. „Loyaliteitsbonussen zijn zeker geen gemeengoed”, zegt woordvoerder Etienne te Brake van Van Lanschot Bankiers. Slechts zij die cruciaal zijn op een bepaalde plek of zij die echt uitblinken, komen ervoor in aanmerking. Wie zo’n bonus krijgt, voelt dat dan ook als een teken van waardering. Dat is goed voor de binding, redeneert Ter Brake.

Investment banker Mark de Weerd (39) kreeg al vroeg in zijn carrière, toen de arbeidsmarkt allesbehalve krap was, met de bonus te maken. Begin jaren negentig kostte het hem als afgestudeerd econometrist moeite om een goede baan te vinden. Om geld te verdienen ging hij in dienst bij een assurantiemakelaar, waar hij allerlei hand-en-spandiensten verrichte. Hij maakte er geen geheim van intussen verder te solliciteren. Maar zijn baas wilde hem niet snel kwijt. De Weerd werd gepaaid om in elk geval nog drie maanden in dienst te blijven: daarna zou hij met terugwerkende kracht voor elke gewerkte maand netto 500 gulden boven op zijn salaris krijgen. „Ik heb die drie maanden vol gemaakt, maar dat was eigenlijk vooral toeval. Het bedrag was leuk, maar ik ben er niet minder om gaan solliciteren.”

De Weerd gelooft niet in de bonus als bindingsmiddel. „Zo’n bonus toont juist je marktwaarde aan. Als je het krijgt, ben je blijkbaar veel waard. Die ene werkgever is heus niet uniek in het herkennen van talent.” Ook in de wereld van de investment bankers, waarin De Weerd inmiddels al jaren werkt, ziet hij dat geld maar tot een zeer betrekkelijke vorm van loyaliteit leidt. „De prestatiebonussen worden bekendgemaakt in januari. Maar de uitbetaling is in maart. Na maart zie je ineens heel veel beweging.”

Beloningsdeskundige Suzanne Jungjohann van onderzoeksbureau Towers Perrin deelt de scepsis. „Pure financiële impulsen hebben slechts kort effect, als ze al werken.” Volgens haar zijn nog steeds de ‘zachtere’ arbeidsvoorwaarden, zoals werkomgeving en ontwikkelingsmogelijkheden, belangrijke redenen voor werknemers om bij een bedrijf te blijven werken. Een loyaliteitsbonus als losse maatregel inzetten, helpt in elk geval niet, vindt ook collega Bernadette van den Berg van Hay Group. „Pas als de rest ook goed is geregeld, kan een loyaliteitsbonus het positieve gevoel over de werkgever versterken.”

Geld geven om niet weg te gaan, is vooral een uiting van de praktische instelling van bedrijven, denkt marketingmanager Stephan van Slooten van Centraal Beheer Achmea. „Werkgevers kunnen een loyaliteitsbonus vrij makkelijk op korte termijn inzetten om mensen binnen te houden in de krappe arbeidsmarkt. Het is een tastbaar en meetbaar middel. Kunnen ze weer iets van hun to do-list afvinken.”

Succesvol of niet, de meeste bedrijven hebben geen specifiek beleid met betrekking tot de bonussen. Wie een loyaliteitsbonus krijgt, onder welke voorwaarden en welk bedrag, wordt individueel bepaald. Hoe exclusiever, hoe groter de kans dat de ontvanger zich zó gevleid voelt dat hij nog een tijdje blijft.