Ontspannen Police-reünie

Maandag speelde The Police voor het eerst sinds 1986 weer samen. Vancouver had de première van de wereldtournee die de band in september ook naar Nederland zal brengen.

Drummer Stewart Copeland opent met een mokerslag op een reusachtige gong het eerste reünieconcert van The Police. Dan klinken de eerste tonen van Message in a Bottle door het ijshockeystadion in Vancouver. Onmiddellijk veren de 18,000 toeschouwers uit hun stoelen omhoog.

Eenentwintig jaar hebben we moeten wachten op een reünie van het trio dat vanaf het eind van de jaren zeventig triomfen vierde. The Police had als een van de weinige ‘new-wave’-bands destijds ook commercieel succes, maar wel op de eigen voorwaarden. Zo verwerkte de groep reggaeritmes in hun liedjes, en had zanger Sting een ongewone, geknepen manier van zingen. Vooral de laatste jaren wordt The Police door veel eigentijdse muzikanten als voorbeeld genoemd. Roxanne wordt regelmatig gecoverd, en P. Diddy had in 1998 een monsterhit met I’ll Be Missing You, zijn versie van Every Breath You Take.

Nu zijn Sting (55), Copeland (54) en Andy Summers (64) weer herenigd en de drie zijn merkbaar blij weer samen te spelen. We zien een ontspannen trio, dat een selectie speelt van nummers van al hun bekende cd’s. Zoals Synchronicity II, Spirits in the Material World, en een combinatie van Voices met When the World Is Running Down, met indrukwekkende gitaarsolo van Summers. Na de hit Don’t stand so close to me, volgen de nummers Driven to Tears, Stings aanklacht tegen de armoede in de wereld, en Walking on the Moon, een schoolvoorbeeld van blanke reggae en misschien wel de grootste innovatie van The Police.

Bij de mooie versie van Every Little Thing She Does Is Magic, roept Copeland vanaf een omhoog komend drumplatform met cimbalen, pauken en xylofoon de mysterieuze en esoterische sfeer van Wrapped Around Your Finger op. En na het sobere Bed’s Too Big Without You kondigt Sting Murder By Numbers aan: „In 1983 door de Amerikaanse tv-evangelist Jimmy Swaggart abusievelijk toegeschreven aan Satan, terwijl ik wel zeker weet dat Andy Summers en ikzelf die fucking song schreven”.

Dan kleurt het podium purper voor Invisible Sun, met impressies van geweld op de grote schermen, ditmaal niet refererend aan Noord-Ierland, zoals destijds, maar aan de onlusten in het Midden-Oosten. Rood wordt het podium daarna bij een lang uitgesponnen versie van het hoertjesdrama Roxanne.

Na een set van anderhalf uur werkt gitarist Andy Summers zich schijnbaar uitgeput door de toegiften (King of Pain, So Lonely, Every Breath You Take). Op de schermen flitst een montage van Police-foto’s door de jaren heen. Als om de aloude samenhorigheid te benadrukken, mag drummer Copeland de laatste minuten volmaken op zijn eigen tempo. „Go ahead Stewart!”, zegt Sting, waarna Next To You zich ontpopt tot een rockafsluiter van formaat.