Via Sla! en Nútopia in de Eerste Kamer

Van ‘Stem tegen’ naar ‘Stem voor’. De adviezen van campagne-strateeg Niko Koffeman droegen bij aan de spectaculaire groei van de SP. Vandaag wordt hij senator – voor de Partij voor de Dieren.

‘Met een klein spuitje kon Biotic dat veranderen. Zo kon hij met deeltjes van de goudkevers koeien met gouden horens maken. Sterker nog, Biotic kon olifanten maken met de eigenschappen van mollen, waardoor je heel gemakkelijk grote tunnels zou kunnen graven.’

In zijn strijd tegen genetische manipulatie laat dierenactivist Niko Koffeman geen middel ongemoeid. Dus schreef hij in 1994 De Molifantjes van tovenaar Biotic, een boek voor kinderen vanaf vijf jaar. Met illustraties van Len Munnik wijst Koffeman op de gevaren van genetische manipulatie. Tovenaar Biotic komt in Dierland en vraagt de hulp van de dieren. „Ik kan eigenschappen van mensen inbouwen bij koeien, zodat die koeien melk gaan geven met medicijnen erin. En met die medicijnen kunnen zieke kindertjes beter gemaakt worden”, vertelde Biotic. Het ‘Gouden Plan’ van tovenaar Biotic liep uit op een nachtmerrie.

Munnik kent Koffeman van „de polder”. Hij woonde in Vlaardingen, Koffeman in Maassluis. „De polder die daar tussen ligt, wilden de autoriteiten begin jaren negentig gebruiken als stortplaats voor vervuild bouw- en sloopafval. Daar hebben we, met succes, actie tegen gevoerd.” Het was Koffemans idee om de plannen te doorkruisen door snel bomen te planten in natuurgebied Lickebaert. Vorige week hebben Munnik en Koffeman nog gewandeld in het ‘protestbos’. Munnik: „Niko heeft een goede neus voor effectieve, ludieke acties.”

Sinds zijn achttiende is Niko Koffeman een gedreven dieren-, natuur- en milieubeschermer. Hij voerde actie tegen de jacht en de koninklijke drijfjacht op wilde zwijnen. Hij is bedenker van de VegaPolis, de eerste collectieve zorgverzekering voor vegetariërs ter wereld. Hij predikt via de Sabbatstichting de geneugten van de sabbat (zaterdag) als rustdag. Hij was de bedenker van het vegetarische glossy Sla! En zijn naam dook op bij de diervriendelijke omroep Nútopia, die fuseerde met De Nieuwe Omroep tot Llink (‘De kleinste omroep met de grootste idealen’).

Vandaag wordt Niko Koffeman door leden van de Provinciale Staten gekozen als senator voor de Partij voor de Dieren. Bij de Statenverkiezingen op 7 maart kreeg zijn partij 143.793 stemmen, goed voor één zetel in de senaat. Na de Tweede Kamer is de Partij voor de Dieren partij nu ook vertegenwoordigd in de Eerste Kamer, de enige dierenpartij in de wereld die in een parlement is vertegenwoordigd.

Niko Koffeman wordt door zijn oud-collega’s „een begenadigd communicatieadviseur” genoemd. „De kunst van reclame is om aandacht vast te houden”, zei hij in 1998 in het Algemeen Dagblad. „Per dag worden er gemiddeld vierduizend boodschappen op een mens afgevuurd, terwijl hij er maar tweehonderd kan verwerken. De rest stuit op een filter. Dat kun je omzeilen door mensen even op het verkeerde been te zetten.”

Eén van zijn klanten werd in 1993 de SP en Koffeman ontpopte zich snel als de belangrijkste mediastrateeg van de partij. Een jaar eerder, in 1992, had hij het idee van een Partij voor de Dieren bedacht. Hij vond dat de belangen van dieren slecht werden behartigd. Hij besprak het idee met diverse dierenorganisaties. „Leuk idee, was steevast de reactie”, verzucht Koffeman. „Er werd alleen niets mee gedaan.”

In 2002, toen zijn idee werd gerealiseerd, stond hij partijleider Marianne

Thieme met raad en daad terzijde. De Partij voor de Dieren voerde na de val van het tweede kabinet-Balkenende juni vorig jaar een agressieve en succesvolle campagne – gesteund door veel bekende Nederlanders – en wist bij de verkiezingen in november vorig jaar twee zetels te bemachtigen.

Saillant is dat Niko Koffeman in die tijd ook de belangrijkste campagne-strateeg van de SP was. „Kort na de Tweede-Kamerverkiezingen heeft Nico tegen mij gezegd dat de Partij voor de Dieren hem had benaderd voor een senaatszetel”, zegt Tiny Kox fractievoorzitter van de SP in de Eerste Kamer. „Kort voor de Statenverkiezingen in maart zei Niko dat we collega’s zouden worden als de Partij voor de Dieren een zetel zou bemachtigen. Dat is ze gelukt, en daarmee heeft Niko ook afscheid genomen van de SP. Als goede vrienden gaan we uit elkaar, want hij heeft veel betekend voor de SP.” Heeft de SP Niko Koffeman ooit gevraagd om in de Tweede of Eerste Kamer te zitten? „Ik denk dat Niko andere kwaliteiten heeft”, zegt Kox. „We hebben hem niet gevraagd.”

Met de leus ‘Stem tegen, Stem SP’ kwam de Socialistische Partij in 1994 met twee zetels in de Tweede Kamer. De leus was bedacht door het zogenoemde V-team, waarvan Koffeman sinds 1993 deel uitmaakte. Het V-team bedenkt buiten de partijorganisatie om campagnestrategieën. Naast Tiny Kox en tot voor kort Niko Koffeman zijn onder anderen partijleider Jan Marijnissen, vice-fractievoorzitter Agnes Kant, partijsecretaris Hans van Heijningen en zanger Bos Fosko lid van deze vriendenclub.

Tot 1994 haalde de SP – ondanks regionale successen – keer op keer de kiesdrempel niet, totdat reclamemannen Ronald Mol en Niko Koffeman bij de partij betrokken raakten. Hun analyse was dat de SP de beloftes van hogere lonen en lagere huren niet kon waarmaken, waardoor kiezers toch voor de PvdA kozen. Hun oplossing was een keiharde anti-PvdA-campage onder het motto ‘Stem tegen, Stem SP’. Het succes, twee Kamerzetels, creëerde de ‘wet van Koffeman’: de SP kan om de vier jaar zijn zeteltal verdubbelen. „De rode jehova’s zijn door de adviezen van Koffeman getransformeerd in een klassieke politieke partij met een modern, aansprekend marketingconcept”, analyseert Gerrit Voerman. De Groningse wetenschapper volgt de SP al meer dan twintig jaar op de voet. Van de politieke partijen beschikt de SP over het grootste reclamebudget en dat wordt volgens Voerman „uiterst effectief ingezet”.

In 2002, toen het aantal SP-zetels was gestegen tot negen, werd het volgens Koffeman tijd voor een nieuwe slogan: ‘Stem voor, Stem SP’. Een kwestie van het perspectief kantelen. Dus niet pleiten tegen de monarchie, maar voor een gekozen staatshoofd. Niet tegen rijkdom, maar voor eerlijk delen.

Niko Klaas Koffeman werd in 1958 in Maassluis geboren. De Koffemannen, robbenjagers en vissers, verlieten het eiland Urk anticiperend op de komst van de Afsluitdijk in 1932. In Maassluis staan de Koffemannen bekend als actievoerders. Niko’s opa richtte in de jaren twintig een afdeling op van de Christen Democratische Unie, een links pacifistische protestantse partij. Niko’s ouders waren gedreven zevendedagsadventisten, een orthodox-protestantse stroming die de tien Geboden serieus neemt. Op de zevende dag zult gij rusten, en dat is de zaterdag. Dus niet in competitieverband voetballen, een balletje trappen op straat mocht wel. Samen met zijn zus groeide hij op in een geëngageerd leraren-gezin, waarvan de ouders op de PSP stemden, een van de fusiepartijen van GroenLinks.

Op de middelbare school onderscheidde Koffeman zich door standpunten die hem mede door zijn geloof werden ingegeven. Hij is vegetariër, hij drinkt geen alcohol, rookt niet, en hij respecteert de sabbat. Tijdens zijn atheneumopleiding studeerde hij in de avonduren MO economie. Bij de aanvang van het schooljaar in 1976 verraste hij zijn medeleerlingen met de mededeling dat hij de school ging verlaten – in de vakantie had hij staatsexamen gedaan. Door zijn MO economie-opleiding kon Koffeman direct aan de slag als leraar op de detailhandelschool in Vlaardingen. Dit combineerde hij met een economiestudie.

De dienstweigeraar was actief in de milieu- en vredesbeweging. In het Urker kostuum van zijn opa voerde hij actie tegen een kerncentrale bij Lemmer. ‘Urk is ók tugen!’ Hij bedacht de ‘kettingactie tegen de kettingreactie’. Via zogenoemde kettingbrieven kwamen er tonnen binnen bij de charitatieve instellingen. En hij ontpopte zich als een begenadigd bedenker van slagzinnen. Hij won op deze manier in totaal elf auto’s en vier vakanties naar de Malediven. Het leverde hem ook een baan op bij reclamebureau NPO. Hij bedong dat hij geen reclame hoefde te maken voor sigaretten en drank.

Na vijf jaar stapte hij in 1987 over naar het reclamebureau HVR, waar hij zeven jaar werkte voordat hij creatief directeur werd van Koffeman, Lammersen, Mol & Partners. Tot de klanten behoren Robeco en KLM, maar ook de Bont voor Dieren, Kritisch Faunabeheer en de SP. Ronald Mol was lid van het V-team. „Niko is een geweldig creatieve geest, die goed in het team paste”, zegt Mol. „Niko wekt de indruk dat hij de SP publicitair op de kaart heeft gezet maar dat was toch echt teamwerk.”

De samenwerking liep al snel stuk op Koffemans voorkeur voor de niet-commerciële organisaties. „Hij bedacht acties tegen genetische manipulatie door Nutricia, terwijl dat een klant van ons was. Maar je kunt geen twee heren dienen”. Het uitkopen van Koffeman kostte, volgens Lammersen en Mol, 500.000 gulden. Lammersen: „Een fors bedrag voor een startend bedrijf”. Volgens Koffeman ging het om 125.000 gulden.

Koffeman ging in 1995 verder als zelfstandig communicatieadviseur. Drie jaar later richtte hij met zijn vrouw, Antoinette Hertsenberg, de beheersmaatschappij AH-Erlebnis bv op. Als plaatsvervangend directeur bij de Anti-Vivisectie Stichting leerde Hertsenberg begin jaren negentig Koffeman kennen. Hij tipte haar over een vacature bij de Dierenbescherming. Zij solliciteerde en werd woordvoerder. In 1994 ging ze naar de Tros en toen bedacht Koffeman voor haar het consumentenprogramma Radar.

Hertsenberg is, zo zegt ze in een vraaggesprek met Opzij, dankzij Koffeman toegetreden tot de zevendedagsadventisten. Evenals Marianne Thieme. De leider van de Partij voor de Dieren worstelde met de vraag: hoe kan iemand belijdend christen zijn terwijl de zogeheten Biblebelt vol staat met bio-industrie. Koffeman vertelde dat ‘heersen over de dieren’ zoals in de bijbel staat niet betekent dat je ze moet onderdrukken, maar dat je verantwoordelijk voor ze bent.

Maarten ‘t Hart, één van de bekende Nederlanders die op verzoek de partij steunden, vindt dat Thieme en Koffeman de fracties in de Tweede en Eerste Kamer niet kunnen leiden omdat dit, volgens hem, niet te combineren is met hun geloof. In het radioprogramma Vroege Vogels zei hij onlangs dat zevendedagsadventisten er „lugubere opvattingen” op na houden, zoals het geloof in een spoedig ‘einde der tijden’. Volgens hem staat dat haaks op een partij voor een betere toekomst voor dieren.