Grote vent met verlegen inborst

Basketballer Francisco Elson (31) staat met zijn ploeg San Antonio Spurs op de drempel van de NBA-finale. Hij kan als eerste Nederlander de grootste basketbalcompetitie ter wereld winnen. „Voor Francisco is basketbal een ziekte.”

Samir Yaaqobi (29) kan het zich als de dag van gisteren herinneren. Hij moet een jaar of dertien zijn geweest toen hij ’s nachts langs het Henegouwerplein in Rotterdam liep om met wat vrienden te gaan stappen. „In die tijd was het plein nog omzoomd met struikgewas” zegt de Marokkaan wijzend op het kale hekwerk. „En ik was te klein om er bovenuit te kijken.” Het enige wat hij hoorde was boem-boem-boem. „Keihard”, grinnikt hij. „Bijna angstaanjagend.”

Toen hij zijn hoofd om de toegangspoort stak, zag Yaaqobi zijn toenmalige basketbalmaatje Francisco Elson in opperste concentratie voor de basket staan. „Wat doe je hier op dit uur”, wilde hij weten. „Niets bijzonders”, riep Elson schouderophalend. „Een beetje dunken.”

Zo’n vijftien jaar later staat Elson met zijn ploeg San Antonio Spurs in de finale van de Western Conference, de westelijke afdeling van de Amerikaanse profcompetitie NBA. De Texaanse formatie heeft na de overwinning van afgelopen nacht nog één zege in de best-of-seven serie tegen Utah Jazz nodig voor een plaats in de NBA-finale tegen het beste team uit het oosten, Cleveland Cavaliers of Detroit Pistons. En dan kan de Rotterdammer van Surinaamse komaf als eerste Nederlander ’s werelds grootste basketbalcompetitie winnen.

Voor de opgroeiende Elson was basketbal „een ziekte”, zegt Yaaqobi. Waar andere jongens huiswaarts keerden als zij een leeg veld aantroffen, bleef hij net zo lang wachten tot er een trainingsmaatje kwam opdagen. En dan was het oefenen: lay-up, afstandsschot, vrije worp. Net zo lang tot zijn ouders, die om de hoek woonden, hem aanspoorden naar huis te komen. „De NBA was toen al zijn meest geliefde gespreksonderwerp”, weet Yaaqobi. „Zijn broer en hij volgden alle wedstrijden.”

Ook Cor Janssen, die gymnastiekleraar was aan de Rotterdamse Maria Regina Mavo toen Elson zich daar als brugklasser aanmeldde, herinnert zich de broers. „Francisco was een rustige, bescheiden jongen. Net als zijn acht jaar oudere broer Patrick, die twee leken als twee druppels water op elkaar. Ze konden beiden goed basketballen. Maar Francisco had een natuurlijke bewegingsbegaafdheid die zijn broer ontbeerde. Als ik een lay-up deed, kon hij dat zo nadoen.”

Elson speelde van zijn twaalfde tot zijn veertiende bij de Algemene Maatschappij Voor Jongeren (AMVJ), de basketbalclub waar Janssen in zijn vrije tijd trainer was. Toen haakte hij af. Janssen: „Zoals de meeste sportende jongens van die leeftijd kreeg hij interesse voor andere zaken: een bijbaantje, leuke kleding, een brommer. Zonde vond ik dat, want Francisco was gewoon erg goed.” Janssen nam Elson een keer apart en wees hem op zijn talent. „Ik zei: ‘Als je iets wilt bereiken in dit leven, moet je weer gaan basketballen. Je hebt het in je om het ver te schoppen.’”

Het plotselinge overlijden van zijn broer Patrick, die een hartstilstand kreeg tijdens een basketbaltoernooi, bracht Elson aan het twijfelen. Janssen: „En hij was niet de enige, ook zijn ouders aarzelden. Ze waren bang dat ze hun andere zoon ook zouden verliezen en wilden eerst zeker weten dat Patrick niet aan een erfelijke ziekte was overleden.” Omdat de postmortale onderzoeken niet in die richting wezen, gaven Elsons ouders hem toestemming terug te keren naar het basketbalveld. Janssen: „De dood van zijn broer vormde vanaf dat moment een inspiratiebron. Francisco wilde laten zien dat Patrick het door domme pech niet had gered.”

Toch was de dood van Patrick niet altijd een drijfveer voor Elson, meent Jan Bruin (70), die hem als coach onder zijn hoede had in landelijke jeugdteams van wat nu Rotterdam Basketbal heet en een noodlijdende club is. „Mijn relatie met Francisco was niet zodanig dat ik het er met hem over had, maar het was wel een probleem. Ik weet dat het bestuur met Francisco naar het Dijkzigt-ziekenhuis is geweest om hem te laten testen. Hij moest echt over de drempel worden getrokken om serieus te gaan trainen.”

Toch zag ook Bruin al op de eerste training hoeveel aanleg Elmont had. „Er kwam een grote vent binnen met een opvallend goede motoriek en een goede loop. Nadat hij een paar keer op de basket had geschoten, zei ik tegen een bestuurslid: ‘dat is NBA potential’.”

Het was basketbalscout Rob Meurs die de 2.13 meter lange center op zijn achttiende naar de Verenigde Staten stuurde. In de zomer van 1999 werd Elson als speler van de University of California in de jaarlijkse draft gekozen door Denver Nuggets. De club uit Colorado liet hem rijpen in de Spaanse competitie bij clubs uit Barcelona, Valencia en Sevilla. In oktober 2003 maakte Elson als zevende Nederlander zijn debuut in de NBA. Tegenstander was zijn huidige ploeg San Antonio Spurs, waar hij in de zomer van 2006 een tweejarig contract ter waarde van zes miljoen dollar tekende.

Bij de landskampioen van het seizoen 2004-2005 heeft Elson zijn plek gevonden, vindt diens oud-zaakwaarnemer Dejan Vidicki. „Je kunt niet alleen maar topspelers hebben in een goede ploeg als San Antonio Spurs. Je hebt ook basketballers nodig die op een andere manier waardevol zijn, zonder uit te blinken.” Voor een NBA-speler is Elson volgens hem niet zo technisch en ook fysiek blinkt hij niet uit. „Francisco moet het vooral van zijn beweeglijkheid hebben. Op zijn positie zou hij tien tot vijftien kilo zwaarder mogen wegen. Een klassieke center als Shaquille O’Neal kan hij niet afstoppen.”

Vidicki wil niet uitweiden over zijn breuk met Elson. „Voor Europese begrippen is hij een van de besten”, vindt Vidicki. „Maar in de NBA is Elson een marginale speler. Zijn ploeggenoten verdienen honderd miljoen dollar, gaan naar de verjaardag van tennisser Serena Williams, zijn bevriend met zangeres Beyoncé en eten met acteur Tom Cruise. Daar wil je bij horen. Misschien voel je je dan vanzelf wel te goed. Ik zeg niet dat Francisco zo is, maar je ziet het vaker. Ik vond zijn gemoedstoestand moeilijk te peilen.”

Zeker is dat Elson heeft moeten wennen aan de status die een profbasketballer in Amerika krijgt aangemeten. De Rotterdammer noemde Kevin Garnett ooit een „low-class-type player” en „gay” nadat de sterspeler van Minnesota Timberwolves hem tussen zijn benen sloeg. Verbaasd onderging Cisco vervolgens de hoon van media en homorechtenorganisaties. Dit seizoen is Elson weer op CNN te zien, maar nu dankzij de prestaties van de Spurs. De speler die door zijn voormalige ploeggenoten van Denver Nuggets werd geplaagd met zijn onbekendheid krijgt gestaag meer speelminuten van coach Gregg Popovich en lijkt meer dan een passant te worden in de geschiedenis van de NBA.

In interviews vertelt Elson dat hij „op termijn” terugkeert naar Rotterdam. Een belofte die hij volgens zijn voormalige gymnastiekleraar Janssen zal inlossen. „Als Francisco in de zomervakantie in Nederland is, brengt hij altijd een bezoek aan onze vereniging. Zo onopvallend mogelijk nestelt hij zich dan tussen het publiek. En als de speaker hem ontdekt, baalt hij als een stekker.”