De ZaterdagMatinee

„Het is volkomen terecht dat de ZaterdagMatinee wordt onderscheiden met de Zilveren Reissmicrofoon voor het beste radioprogramma. Het is precies zoals de jury schrijft: ‘De ZaterdagMatinee is een sandwichformule op een onwaarschijnlijk hoog niveau, een van de allergrootste schatten van de Publieke Omroep’. Ik kan dat zonder ijdelheid citeren, want ik ben hier nog maar een jaartje. Dit is een prijs voor mijn voorgangers en voor het hele team. Het unieke van de Matinee is dat de klassieke muziek niet is terechtgekomen in een getto, maar plaats biedt aan nieuwe muziek, oude muziek en Nederlandse muziek, in een zinvolle samenhang met de klassieke muziek.”

Kees Vlaardingerbroek (44), sinds maart 2006 de programmeur van de ZaterdagMatinee in het Amsterdamse Concertgebouw, ontvangt donderdag in Amsterdam de Zilveren Reissmicrofoon. Voordien zijn benoeming als Matineeprogrammeur was de musicoloog onder andere redacteur en radiomaker bij de Matinee, concertprogrammeur bij de Avro en acht jaar programmeur van De Doelen in Rotterdam. Het komende 47ste seizoen van de Matinee – elke zaterdagmiddag live uitgezonden en dinsdagavond herhaald – is het eerste dat door hem is geprogrammeerd.

„Ik heb een paar nieuwe dingen gedaan: een oude muziekserie en een paar speciale dagen met muziek, lezingen en documentaires. Vanaf nu is er ook een vaste plaats voor wereldmuziek, in samenhang met klassieke muziek. Muziek is grenzenloos geworden, componisten laten zich inspireren door niet-Europese muziek. En er is veel aandacht voor Sibelius.

„De Matinee is door de in 2005 verleden Hans Kerkhoff bij de Vara begonnen als ‘De Matinee op de Vrije Zaterdag’. Dat was in 1961, een jaar voor ik werd geboren. Toen ik in 1989 voor het eerst bij de Matinee werkte, was Kerkhoff al gepensioneerd, maar hij kwam nog heel vaak. Hij kreeg altijd tranen in de ogen als Magda Olivero werd genoemd of de Don Carlos met Giulini. Jan Zekveld heeft de serie later internationaal in de kijker gezet, maar dankzij Kerkhoff waren er vanaf het begin een aantal duidelijke constanten. Zoals de operaserie met concertante uitvoeringen van vaak minder bekend werk.

„Kees Hillen, inmiddels ook overleden, heeft daarna veel betekend voor de Matinee. Hij kwam met moderniseringen, deed veel Stravinsky. In die tijd zat de zaal, anders dan nu, vaak verre van vol. Maar dat gaf niet, als radio-concertserie heb je de taak om ook minder populaire zaken te brengen.

„Toen kwam Jan Zekveld, zestien jaar lang met een onderbreking van een paar jaar, toen hij artistiek directeur was van het Concertgebouworkest. Wat Jan op voorbeeldige wijze lukte is het bij elkaar brengen van nieuwe muziek en klassieke muziek. Daar lag zijn hart, naast de opera en de Nederlandse muziek. Hij programmeerde met een heel duidelijke filosofie om stukken musicologisch met elkaar in verband te brengen. Maar het was ook vaak intuïtief.

„Op André Hebbelinck heb ik de minste kijk, want toen werkte ik hard in Rotterdam. Nieuw bij hem was het visuele, hij toonde video’s, zoals Déserts van Edgar Varèse in de versie van Bill Viola. Hij deed ook veel aan componisten die toen niet hoog aangeschreven stonden, zoals Frank Martin.

„De toekomst van de Matinee is de plaats waar de meest onwaarschijnlijke verbanden worden gelegd, de spraakmakende plek waar de klassieke muziek een levende traditie vormt. Op de radio omgeven we de Matinee met documentaires en gesprekken. Er zijn ook tv-uitzendingen. Maar multimediaal hebben we nog een inhaalslag te maken: via internet echt in gesprek gaan met het publiek dat meer wil weten en zoekt naar een versterkte beleving.”