Vooral gezellig regeren op het kruitvat

Redacteur NRC Handelsblad

Maandagavond met samengeknepen knieën gekeken naar het gezelligheidsoffensief van de Heren van Beetsterzwaag. Jan Peter, Wouter en André zijn slimme, serieuze mannen, die in dat Veluws-moderne decors van Knevel & Van den Brink hun best deden bij ons thuis op bezoek te zijn. Iedereen zag dat zij, met al die wanhopige ministers als studiopubliek, verzeild waren in een foute sketch.

Is Jack de Vries, de imagobouwer van de premier en chef Honderd Dagen Luisteren zijn magie kwijt? Deze litanie van geluister was zijn avond. Balkenende bleef zichtbaar op zoek naar een moment voor zijn afgesproken improvisaties. Het populistische element van de operatie werd de volgende middag onderstreept door het wegblijven van de minister-president toen de Tweede Kamer het beleid van zijn vorige kabinet wilde bespreken in het zogenaamde Verantwoordingsdebat.

Als die afwezigheid niet zo’n belediging van het parlement was geweest, had het als een zieke grap kunnen gelden om de oppositieleider van vorig jaar nu ’s lands vergaderzaal in te sturen om het regeringsbeleid van toen te verdedigen. Minister van Financiën Bos oogstte voorspelbare frustraties van Kamerleden die concrete informatie vroegen en een verwijsbriefje naar een collega kregen.

Ook zonder kabinet op de koffie is het gesprek waar het met Nederland naartoe moet deze week voortgezet. Op het Regionaal Opleidings Centrum Midden-Nederland debatteerden de leerlingen donderdag over ‘De staat van de democratie'. De woorden ‘Balkenende’ en ‘kabinet’ vielen daarbij niet één keer. Kun je in dit land zeggen wat je wilt? Waarom word ik niet aangenomen als ze mijn naam horen? Kunnen de media ‘ns ophouden met onwaarheid te verspreiden over de islam? Daar ging het over.

Democratie is voor deze bijna volwassen scholieren, die aan de slag hopen te gaan in de transport, de horeca en andere praktische beroepen, voorlopig een kwestie van niet worden uitgesloten. Na een verlegen begin kwam steeds meer bozigheid los. Zij vonden vaak goed Nederlands om uit te leggen waarom. Maar het felst was het meisje, behorend tot de autochtone minderheid, die zei: „Ik wil moslim worden en een hoofddoekje gaan dragen. Maar dan kan ik die baan in de beveiliging wel vergeten. Dat vind ik klote.”

De emoties waren goed losgekomen toen een voor het debat aan de ROC in Amersfoort uitgenodigde hotelhoudster toegaf dat zij bij twee sollicitanten van gelijke bekwaamheid de voorkeur gaf aan de kandidaat zonder hoofddoekje. En dat bevestigde een vervoersondernemer. Niks tegen de draagster, maar liever geen religieuze uitingen op het werk. Strookt niet met de bedrijfscultuur. Het was een verre van populaire positie in deze omgeving. Het Samen van het kabinet leek ver weg.

Terwijl de aanstaande beveiligers, boekhoudsters en kassamedewerksters om de microfoon streden, raakte ik milder gestemd over het collectieve huiskameroptreden van het kabinet maandag. Begrijpen zij dan toch beter op wat voor kruitvat we leven? Voor en tijdens die Knevelavond dacht ik, als zo veel stuurlui aan de wal, dat die bewindslieden een amateuristische variant opvoerden van ‘de permanente campagne’ die door Bill Clinton en George W. Bush tot hogere bestuurskunst is verheven.

Amerikaanse presidenten zien het als hun taak te leiden door eindeloos uitleggen, door de discussie te monopoliseren, door de 24-uurs nieuwscyclus te domineren. Het hangt van hun positie in de peilingen af in welke mate dat lukt. Maar zelfs nu president Bush tweederde van zijn volk is kwijtgeraakt met de Oorlog tegen het Terrorisme kan hij het nieuws én het Congres naar zijn hand zetten en een leger van 140.000 man in Irak houden.

Er gaat geen week voorbij of de Witte Huis-pers wordt opgetrommeld om mee op reis te gaan. In het presidentiële vliegtuig wordt de boodschap van de dag ingedruppeld, na aankomst – meestal in een hangar of een andere handig afsluitbare locatie – wordt de president tentoongesteld aan een gefilterd, lokaal publiek. De vragen zijn geselecteerd, de antwoorden staan al vast. De plaatselijke pers is trots dichtbij de president te zijn en maakt een mooi verslag. De meegereisde nationale pers aarzelt tussen plichtsbesef en verveling.

Deze town hall meetings, de favoriete campagnevorm van George W. Bush, zijn een inspiratiebron geweest voor het team-Balkenende. Maar een Nederlandse premier is geen president, de andere ministers hebben recht op hun plek onder de zon, wat de RVD ook probeert de coördineren. Het geprogrammeerd gebruik van bestaande woorden in een nieuwe, gunstig stemmende betekenis lukt hier ook nog niet zo erg.

Ook de eerste dagen van president Sarkozy zijn een levende illustratie van de beperkingen van het Nederlandse stelsel. Het nieuwe Franse staatshoofd had amper de sleutels van het Elysée overgenomen of hij was al bij de buren op bezoek geweest, had de (Franse) Airbuswerkers in Toulouse en de vakbeweging over de bol geaaid en werd tijdens een bliksembezoek aan Brussel door de baas van de Europese Commissie, Barroso, geloofd en geprezen om zijn constructieve bijdrage aan het vlottrekken van de Europese praalwagen.

Het vrijwel gelijktijdige bezoek van minister-president Balkenende aan het Europese Parlement in Straatsburg werd bijgewoond door eentiende van de afgevaardigden en haalde vrijwel geen niet-Nederlandse krant. Het werd daardoor bijna een binnenlandse reis. Hij bracht een vergelijkbare boodschap van matiging van het verdrag dat als Grondwet werd afgewezen door Fransen en Nederlanders, en kreeg hooguit kritiek. So it goes.

Balkenende kan er weinig aan doen dat Nederland een middelklein Europees land is. Hij heeft Europa als onontkoombare realiteit wel twee jaar verzwegen. En ook Bos heeft er amper campagne op gevoerd. Er zaten geen stemmen in. Wat geldt voor de Europese ontwikkeling, geldt ook voor de vergrijzing, voor het verdwijnen van essentiële Nederlandse industrieën en vormen van dienstverlening: niets geprobeerd, altijd mis. Rondreizen met de boodschap ‘Wij Luisteren’ is aardig. Oplossingen zijn nodig.

Staatssecretaris van Europese Zaken Frans Timmermans zei het maandag perfect in een begeesterde toespraak aan de Humboldt Universiteit in Berlijn: „Wij krijgen de mensen pas weer in beweging, als wij eerst zelf in beweging komen. Zonder weerbare politici, geen weerbare burgers.” Woorden een partij- of regeringsleider waardig. Nederland heeft een lage leiderschapstolerantie. Maar er is te veel aan de hand om alleen maar koffie te komen drinken.

opklaringen@nrc.nl