Polderwijngaard

In de Beemster blikt Joep Habets vooruit naar 2200

Na ‘Belle’ bezoeken we ‘Aagje Deken’ in het tweede en voorlopig laatste deel van onze serie over restaurants vernoemd naar een schrijfster. Het duurt even voor een Nederlandse schrijfster zulk gastronomisch eerbetoon ten deel valt, zowel Belle van Zuylen (1740-1805) als Aagje Deken (1741-1804) hebben er zo’n tweehonderd jaar op moeten wachten.

Het restaurant ligt in de Beemsterpolder, op een steenworp afstand van de pastorie waar Aagje Deken bij Betje Wolff introk na het overlijden van dominee Wolff. De eerste aanblik wekt bevreemding. Het is alsof je een agrarisch bedrijfsterrein met twee loodsen komt oprijden. Dat klopt ook, het restaurant ligt op een wijngoed. Aagje zou ervan hebben opgekeken, en anders Betje wel. Wat van buiten oogt als een groengeschilderde houten loods blijkt van binnen een kleine Holland Experience met een overdekt pleintje in pittoreske Waterlandse stijl. Aan het pleintje liggen verschillende ruimtes, waaronder het restaurant.

Aangrenzend aan het terras zijn voor de sfeer wat rijen met druivenstokken aangeplant. De echte wijngaard ligt aan het andere eind van het terrein en niet tegen de prominent aanwezige zuidhelling. Het langsrazende verkeer doet afbreuk aan de pastorale sfeer op het wijngoed. Niettemin is het terras in de late avondzon een aangename plek. De gastvrije, maar enigszins onderbezette bediening houdt een laag tempo aan.

De presentatie van het eerste gerecht, een parelhoenballotine, is prachtvol. Het aandeel gevulde parelhoen is evenwel met drie schijfjes op muntstukformaat minimaal en de smaak is bescheiden, daardoor domineert het garnituur van aardappelchips, kropsla, knolselderijpuree en truffel. Prachtig in balans is daarentegen het tweede voorgerecht van kabeljauw, Sint-Jakobsschelp en spaghetti van courgette met groentejus.

De chef verrast daarna met een fijn vleesgerecht. Kalfsvlees is bijna altijd saai, maar hier doen de drie verschillende bereidingen in combinatie met groene asperges en snijbonen het voortreffelijk. De kalfshaas mag een tikje te droog zijn, de krokant gebakken zwezerik is perfect bereid. Na de Grüner Veltliner en de Mâcon-Village brengt het verzorgde wijnarrangement bij deze gang een Salentino. Helaas laat het ons niet kennismaken met La Voeb, de wijn uit eigen huis.

De trendvolgende, eigentijdse Franse kookstijl is licht en daardoor verdraagt het menu een kaasgang, voor we ons te goed gaan doen aan het desserttrio van een warm chocoladetaartje met vloeiende kern, lepelbaar geserveerd in een glas, sorbetijs van witte chocolade en crème brûlée met sinaasappel. De kazen, van de befaamde kaasaffineur Betty Koster uit Santpoort Noord, bevestigen hun reputatie. Het assortiment bestaat uit onder meer ‘classic’ Beemster en Nederlandse blauwschimmelkaas. Beemsterhoning geeft nog meer couleur locale.

Had restaurant Belle minder aristocratische elegantie dan de naam doet vermoeden, de toch wat braaf-burgerlijke Aagje Deken geeft haar naam aan meer chic dan verwacht. De prijs is er ook naar, voor twee personen betalen we 160 euro voor het menu met wijnarrangement. Dat vormt voor het Noord-Hollandse publiek geen beletsel, op een zaterdagavond in het voorjaar zit de zaak helemaal vol met lokale vrijetijdseters.

In de volgende delen van deze serie bezoeken we hostellerie Hella Haasse en café Connie, maar zal pas tegen het jaar 2200 zijn. Polderwijn is dan gewoonste zaak van de wereld.

Aagje Deken, Middenweg 191 Middenbeemster, 0299 475179, www.aagjedeken.nl