Op doktersrecept vijftien kilo er af sporten

In Den Haag kunnen zwaarlijvigen op doktersrecept sporten. In de toekomst moet meer ‘gezondheidspreventie’ vergoed worden.

Aan de druppels op het voorhoofd van de zwaarlijvige Zennure Polat te beoordelen roeit ze er heel wat calorieën van af. De 33-jarige vrouw is slechts 1 meter 56. Tien weken geleden woog ze nog 110 kilo. Op de de Haagse fitnessclub Lady Sport kreeg ze er 15 kilo van af. Dankzij haar doktersrecept.

In Den Haag kunnen patiënten uit achterstandswijken een bijzonder recept krijgen. De huisarts kan ze ‘meer bewegen’ voorschrijven. Met dit recept en een eigen bijdrage van 40 euro kunnen zij twintig weken één keer per week sporten, onder deskundige begeleiding.

Veertig procent van de Nederlandse volwassenen lijdt aan overgewicht, met name in achterstandsbuurten. Gebrek aan beweging vormt een steeds groter probleem dat hoge zorgkosten veroorzaakt. Het Haagse project Bewegen Op Recept (BOR), gesubsidieerd door gemeente en verzekeraars, wil daar iets aan doen.

Het Haagse initiatief sluit aan bij de plannen van minister Klink (Volksgezondheid, CDA) om gezondheidspreventie in het basispakket op te nemen, waaronder sportcursussen. Eerder deze maand zei hij dat hij „bewegen op recept buitengewoon serieus” neemt.

In juni wil Klink zijn visie op preventie, een belangrijke prioriteit van hem, aan de Tweede Kamer sturen. Kort daarvoor overhandigt het College voor Zorgverzekeringen (CVZ), het machtige adviesorgaan dat over de samenstelling van het basispakket oordeelt, haar advies over dit onderwerp aan de bewindsman. Uit een concept blijkt al dat het college bepleit dat cursussen om af te vallen of te stoppen met roken worden vergoed uit de basisverzekering. Dat zou betekenen dat dit soort cursussen wordt betaald uit de collectieve pot, ofwel door alle verzekerden.

Bewoners uit achterstandswijken, waaronder veel migranten, zijn niet grootgebracht met de gedachte dat bewegen gezond is, zegt de projectcoördinator Michel van Hagen van Bewegen Op Recept. Haagse instructeurs begeleiden de patiënten en willen halverwege de cursus weten of ze zelfstandig doorgaan met sporten. De helft doet dat, blijkt uit een evaluatie, de andere helft niet. Dat is dan ook het risico van zulke initiatieven. Het concept van bewegen op recept staat of valt met de bereidheid van patiënten om na een sportieve kennismakingstijd zelfstandig door te gaan met bewegen. Vaak vinden ze het te duur, soms durven ze zich niet in hun eentje aan te melden voor een vervolgcursus, dan weer vormt het thuisfront vormt een belemmering.

De 52-jarige gehoofddoekte Fatos Chatou uit Marokko zegt dat ze het sporten nooit zelf zou kunnen betalen. Zij heeft psychosomatische klachten en is te dik. „Ik voel me heerlijk als ik hier een uurtje heb getraind, het is gezellig ook met mensen uit allerlei verschillende culturen, maar een abonnement van 300 euro per jaar is voor mij veel te duur. Als ik korting houd, zal ik wel doorgaan.”

Floor Rikken, auteur van het CVZ-rapport Van preventie verzekerd, zegt dat „zomaar wat bewegen op zich niets oplost”. „Het gaat om een gedragsverandering. Mensen moeten het blijven doen. Alleen cursussen die bewezen effectief zijn moeten vergoeding worden.”

Volgens Rikken moeten alleen mensen in aanmerking komen die „aantoonbaar bijna ziek zijn”. Ook mensen die bijvoorbeeld de luchtwegaandoening COPD hebben en toch roken, zouden een cursus stoppen met roken vergoed moeten te krijgen, vindt het adviescollege. „De enige therapie die ze helpt, is stoppen met roken.”

Floris Sanders, een van de belangrijkste adviseurs van oud-minister Hoogervorst, bepleitte vorig jaar nog mensen met een ongezonde levensstijl, zoals notoire chipseters, te straffen met een hogere zorgpremie. Over de vergoeding van fitness en cursussen stoppen met roken zegt hij: „Het risico bestaat dat gezonde mensen zeggen: ik wil niet betalen voor ongezond levende mensen. Het argument dat je daar tegenin kunt brengen is dat zij nog duurder uit zijn als deze mensen ziekten ontwikkelen die aan het eind van de rit alleen met veel geld zijn te behandelen.”