De wet van Baumol

Sociale wetenschappers kennen maar weinig echte wetten. Natuurkundigen hebben wetten over de zwaartekracht, over opwaartse druk in vloeistoffen, over stroom, weerstand, magnetische geleiding, gassen en luchtdruk en wat stellen wij daar tegenover? Bijna niets, en als er zo nu en dan door sociale wetenschappers toch een algemene regelmatigheid wordt geconstateerd in sociale processen, dan treft die als een waarheid als een koe, die iedereen op een achternamiddag zou kunnen verzinnen.

Maar helemaal zonder wetten zitten wij ook weer niet. Zo hebben economen de Wet van Baumol ontdekt en die gaat als volgt. De publieke sector wordt van lieverlee steeds duurder dan de private sector. Dat komt omdat er bij de productie en de verkoop van waspoeder, zeep, soep, auto’s en computers naar hartelust kan worden gemechaniseerd. In de gezondheidszorg en in het onderwijs kan dat niet. Kinderen leren lezen en schrijven blijft mensenwerk en datzelfde geldt voor het verplegen en verzorgen van zieken.

Je zou de prijsverhouding tussen de private en de publieke sector desondanks gelijk kunnen houden door steeds minder loon te betalen aan leerkrachten en verpleegkundigen, maar dan wil er op zeker moment niemand meer werken in de zorg en het onderwijs en dat zou funest zijn voor de samenleving.

Was ik econoom, dan zou ik de Wet van Baumol met verve uitdragen en onder de aandacht brengen bij politici, beleidsmakers en bestuurders in de publieke sector. De Wet van Baumol, zou ik uitleggen, is een wetmatigheid om rekening mee te houden. Zoiets als de zwaartekracht, waar je ook niet gemakkelijk omheen kunt als bestuurder of politicus.

Economen zien dat echter anders. Zij betitelen hun Wet van Baumol consequent als ‘de Ziekte van Baumol’ en wekken nogal eens de indruk dat genezing mogelijk is. Zou je het onderwijs niet alsnog kunnen mechaniseren? Kunnen kinderen de tafels van vermenigvuldiging, de werkwoordspelling en de hoofdsteden van de Europese Unie niet leren via computerprogramma’s? Kun je in de thuiszorg niet overschakelen op een systeem met een monitor en een sprekende computer, waar de hulpbehoevende zijn voordeel mee kan doen? Kun je in de hele publieke sector niet gewoon alle prestaties meten en registreren en vervolgens simpelweg decreteren dat het over twee, drie of vier jaar allemaal tien, twintig of dertig procent beter moet én sneller én efficiënter?

De Wet van Baumol leert nu juist dat dit niet kan. Heel af en toe kun je in de zorg of het onderwijs een kwaliteitsverbetering doorvoeren, die niet tegelijkertijd leidt tot kwaliteitsverlaging op een ander vlak. Als er een nieuw, verbeterd scanapparaat wordt uitgevonden, waarmee preciezere diagnoses kunnen worden gesteld. Bij de introductie van verbeterde operatietechnieken, ander garen om mee te hechten, een hart-longmachine die tijdelijk de bloedsomloop over kan nemen.

Een enkele keer kun je een kwaliteitsverbetering bereiken die ten koste gaat van de gezinnen van de medische staf. Als operatiekamers in het weekend opengaan, levert dit een capaciteitsuitbreiding in de zorg op, waarvan waarschijnlijk alleen de kinderen en de bejaarde ouders van operatieassistenten en medisch specialisten de dupe worden (papa gaat niet mee voetballen en wij gaan zondag niet naar oma).

In de meeste gevallen wordt voor een kwaliteitsslag een prijs betaald binnen de sector zelf. Als universiteiten beter willen scoren in onderwijsenquêtes, gaat dit ten koste van hun onderzoek en omgekeerd. Als ziekenhuisdirecteuren een ‘mammapoli’, een ‘hartpoli’, of een ‘cataractstraat’ willen realiseren voor patiënten met borstkanker, hart- en vaatziekten of staar, dan gaat dit vermoedelijk ten koste van patiënten met een minder courante aandoening.

Als leerkrachten op de basisschool hun goede leerlingen willen uitdagen door het aanbieden van ‘verdiepingsstof’, dan betekent dit dat ze andere dingen niet meer kunnen doen. Als leerlingen op de basisschool werkstukken leren schrijven en vanaf groep 3 spreekbeurten moeten houden, dan betekent dit dat andere dingen moeten wijken. Mogelijk wordt er minder geoefend met festonsteekjes, punnikklosjes en haakpatronen. Misschien wordt er ingeleverd bij muziek of kennis der natuur. Wellicht zijn de jaartallen van de verschillende stadhouders uit het Huis van Oranje geschrapt uit het curriculum. En het is ook denkbaar dat de extra aandacht voor goede leerlingen, de spreekbeurten en de werkstukken ten koste gaan van basisvaardigheden als lezen, spellen en rekenen zoals de Onderwijsinspectie in haar Onderwijsverslag constateerde.

De Wet van Baumol is geen ziekte. De Wet van Baumol is een echte wet waar politici en bestuurders in de publieke sector rekening mee moeten houden. Het is verstandig om bij elke verlangde kwaliteitsverbetering te vragen ten koste van wie of wat deze moet worden gerealiseerd. Intensiever universitair onderwijs? Uitstekend, maar mag het dan wat minder met de onderzoeksprestaties? Meer aandacht voor getalenteerde leerlingen? Prima, maar mag het gemiddelde spellingsniveau dan een beetje omlaag?

Als we elke kwaliteitsslag in de zorg of in het onderwijs blijven presenteren als een win-winoperatie, zullen we telkens worden verrast door evaluaties waarin ons – als het al te laat is – wordt uitgelegd waar en door wie de prijs is betaald.

Het Onderwijsverslag 2005-2006 is te vinden via www.onderwijsinspectie.nl

Eerdere columns van Margo Trappenburg op www.margotrappenburg.nl.