Vooral voortplanting

nrc.next doet dagelijks verslag van de eindexamens

Biologie (vmbo bb) door de ogen van Elske Schouten (vwo) eindexamenjaar 1999, cijfer 7.

Uit het examen biologie (vmbo bb): ‘Wat zijn de gevolgen van overmatig alcoholgebruik? Aids?’ Foto AFP A dejected Schalke fan holding a bottle of beer lies on the ground after their last day Bundesliga match against Arminia Bielefeld, 19 May 2007 in the cekter of Gelsenkirchen, where a public viewing session was organised. Schalke won 2-1 but failed to retain the German champions title, which went to Stuttgart. AFP PHOTO DDP/MICHAEL GOTTSCHALK GERMANY OUT AFP

Een snelle blik op de eindexamenvragen biologie, en ik weet weer waarom ik het vak op de middelbare school niet, maar op de universiteit wél leuk vond. Het mooiste deel slaan ze op school gewoon over!

De genetische revolutie gaat volledig aan de eindexamenkandidaat voorbij. Woorden als gen, DNA of erfelijkheid komen in geen enkele vraag voor. Terwijl daar juist elke dag de spannende ontwikkelingen plaatsvinden die meer licht werpen op de werking van het lichaam, de oorzaak van ziektes of de evolutietheorie.

Alsof je computerles krijgt zonder iets te leren over internet.

Maar goed, zeuren over de vragen doe je vooral als je de antwoorden niet weet. Aan de slag dus.

Sommige vragen zijn nog best lastig. Waar zat die urineleider ook alweer? En wordt urine geproduceerd in de nierschors, het niermerg, of in allebei? Gelukkig zijn veel vragen al op te lossen door goed naar de plaatjes te kijken. Dat er zeven nekwervels in de wervelkolom zitten, kun je gewoon tellen op de tekening.

Het is duidelijk de bedoeling dat vmbo-leerlingen hun kennis van de biologie ook in het dagelijks leven kunnen gebruiken. De vragen gaan bijna allemaal over het menselijk lichaam, met een voorkeur voor thema’s die dicht bij de leerlingen staan. Voeding, de gevolgen van roken en alcohol, en véél voortplanting.

Dus mogen ze op een plaatje aanwijzen waar de klieren zitten die zorgen voor vocht in het sperma. En gevolgen noemen van overmatig alcoholgebruik. (Nee, je krijgt er geen aids van, zoals in twee van de drie meerkeuze-antwoorden staat). Het is antwoord C: bepaalde vormen van kanker en hart- en vaatziekten.

Opvallend in een vmbo-examen is de vraag over de manier waarop je wetenschappelijke experimenten moet aanpakken. Een onderzoeker wil weten of een nieuw medicijn helpt tegen bacteriën die een maagzweer veroorzaken. Daarvoor kweekt hij de bacteriën op een voedingsbodem bij 37 graden Celsius, mét medicijn. Op een andere kweekt hij de bacteriën bij 4 graden, zónder medicijn.

De (meerkeuze)vraag is: welke fout maakt deze wetenschapper? Antwoord: hij moet beide proeven op 37 graden doen. Het is leuk dat regel één voor wetenschappelijk onderzoekers – áltijd een goede controleproef doen, onder gelijke omstandigheden – op deze manier ook in het examen voorkomt.

Verder wordt behalve de anatomie nauwelijks iets behandeld. De plantenwereld is gedekt door twee vragen over de ontwikkeling van de tulp. De dierenwereld door twee vragen over kroepoek, want daar zitten ook garnalen in. Dat zijn „diertjes die in de zee leven”, zoals voor de zekerheid wordt uitgelegd.

De genetica is dus lang niet het enige deel van de biologie dat in dit examen wordt overgeslagen. Van mijn eigen examen biologie herinner ik me in ieder geval nog een páár vragen – veel te weinig, veel te achterhaald – over het overerven van bloedgroepen of de celdeling. Vmbo’ers hoeven daar blijkbaar niets van te weten.

Toch is dat jammer. Wie nu eindexamen doet, moet straks kiezen of hij genetisch gemanipuleerd voedsel wil eten. Of hij zijn ongeboren kind wil laten testen op genetische afwijkingen. En of – je weet maar nooit – de overheid zijn DNA-profiel mag bewaren. Dan is het toch handig om te weten wat een uitdrukking als „het zit hem in de genen” betekent.